|
Achterom Lemmer.
|
1 |
2 |

Achterom, Lemmer.
Voor vragen over het schilderij,

Plattegrond Achterom.
Steeg naar
Schans
|
|
Slager Lageveen |
↑ |
57 |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
↑ |
←Oranjeboomsteeg |
|
↑ |
←Weidesteeg |
|
|
|
|
↑ |
56 |
|
|
|
|
46 |
|
|
|
|
↑ |
|
|
↑ |
|
|
|
|
|
↑ |
55 |
|
|
|
|
|
|
44 |
42 |
|
↑ |
|
|
↑ |
|
|
|
|
|
↑ |
54 |
|
|
50 |
47 |
|
|
|
|
40 |
↑ |
|
38 |
↑ |
|
|
|
58 |
Groen stek |
↑ |
53 |
52 |
51 |
49 |
48 |
|
45 |
43 |
41 |
|
↑ |
39 |
37 |
↑ |
36 |
35 |
23
 |
|
|
|
|
|
24 |
↓ |
BRPS Velo |
tuin |
tuin |
18 |
17 |
16 |
15 |
↓ |
|
↓ |
4 |
3 |
2 |
Tuin Haverman |
1 |
|
|
|
|
|
25 |
↓ |
|
|
|
|
|
|
14 |
↓ |
|
↓ |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
26 |
↓ |
|
|
|
|
|
|
|
↓ |
5 |
↓ |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
27 |
↓ |
22 |
20 |
19 |
|
13 |
12 |
11 |
↓ |
|
↓ |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
28 |
↓ |
|
|
|
|
|
|
11 |
↓ |
6 |
↓ |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
29 |
↓ |
|
|
|
|
|
|
10 |
↓ |
7 |
↓ |
|
|
|
|
|
|
34 |
33 |
32 |
31 |
30 |
↓ |
|
21 |
|
|
|
|
9 |
↓ |
8 |
↓ |
|
|
|
|
|
Spinhûspolle. 2 stegen.
Rien~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Klik voor de getekende plattegrond van Anne Visser.
Onderstaand
betreft geen huisnummers maar een lijst van de bovenstaande
plattegrond.
|
Naam
1) Bakker Haveman.
2) Siebolt v.d.
Bijl.
3) Fam. Duister.
4) Marten
Seldenthuis (Prikke)
5) Klaas de Jong
(Lam hânsje)
6) Pakhuis Gooitze
de Jong.
7) Meine Oebeles. Later woonden
daar Bernhard Vink en Akke Visser.
8) Klaas Beenen, Later Meine
Oebeles.
9) Fam. Lemstra. Daarvoor Sake
de Rus.
10) Tuintje.
11)
Teade Wouda
12) Jelle en Foekje
Visser-Sietsma.
13) Douwe
Tijsseling.
14) Fokje
Tijsseling.
15) Grond van Bosma. Daarvoor Harm
en Betsje Dijkstra-Visser.
16)
Jan en Rinke
Visser + Sake de Rus en Witte Jelle.
17)
Karrenhok van
Bosma.
18) Melkhok van
Harm Sterk.
19) Andries de Jong
en Geesje Pippi. Later Ale
Honnekop
20) Peke Wouda. Groente
pakhuis;
Pieter Wouda,
beroep houtzaagmolenaars-knecht Lemmer, geboren
op 16 november 1847 Lemsterland, Huwelijk op 18
oktober 1874 (Leeftijd 26) met Antje Hofman -
Lemsterland. Uit dit huwelijk. Peke Wouda,geboren
op 29 december 1881 te Lemsterland.
21) Bosma.
Timmerwerkplaats.
22) Privaten
Spinhûspolle.
23) Jan en Betsje
Akkerman. Daarvoor Meinze de Vries, (
vader van Evert en opa van Johannes
de Vries)
24) Tjalling
Kuipers. Later Klaas
Wouda, (bek en sek)
25) Hornstra. Werkplaats.
26) Evert de
Vries. Visbakkerij.
27) Gauke Bootsma
met Aal Bootsma.
28) Hornstra. Opslagplaats.
29) Krulhok
Scheffer. Later vishok
Andries (Panne) Visser.
30) Kaatje Veenstra
(Spiekholt)
31) Siemen
Seldenthuis. Spinhûspolle.
32) Marius Visser.
Jan Visser,
geboren te Lemmer op 28 juli 1873, zoon van
Steven Visser (18.1) en Afke Andries Spiekholt.
Hij is getrouwd te Lemsterland (Fr) op 18
december 1896, op 23-jarige leeftijd met Rinske
(Rees) Friso (ongeveer 21 jaar oud), geboren te
Sneek rond 1875, dochter van Marinus Friso en
Anna Orie. Jan was eigenaar van een ijzeren aak
van 36 voet de LE 41, in 1910 met twee meter
verlengd.
Uit dit huwelijk: 1 : Steven Visser, visser,
Steven had een schouw, ‘de Slide’, later een
IJsselmeer-sloep. Steven is getrouwd, met Trien
Vleeshouwer. 2 : Anna Visser. Anna is getrouwd,
met Uiltje Koopmans. 3 : Marinus (Marius)
Visser, visser. Marinus is getrouwd, met
Geertje Kelderhuis. 4 : Afke Visser. Afke is
getrouwd, met Hendrik de Jong. 5 : Andries
Visser. Andries is getrouwd, met Geesje Schaap.
6 : Nicolaas Visser. Nicolaas is getrouwd, met
Annie Teiwer. Afkomstig uit Amsterdam.7 :
Reesje Visser. Reesje is getrouwd, met Klaas
Fleer, overleden op 19 januari 1984. overleden
op 19 januari 1984.
33) Kier v.d. Wal.
34) Zijlstra.
35) K. Muurling.
36) Koopmans.
37) Kaaspakhuis.
38) Koetshuis
Krikke (hotel Centrum)
39) Klaas Wouda. Later Theunis
(de Flapper) Visser.
40) Jongsma, Auke
Mekki.
41) Kuipers ( Joost
Voorn)
42) Eerst de Jong
(Henkie Kee). Later Jan ten
Wolde, daarna Roelie Vlig.
43) Joh.de Jong. Later Sake
(Reade Sake) Visser & Bienke Jager,
met gezin.
44) Pieter Bootsma.
45) Ûs Honk. Daarvoor
volkslogement.
46) Jaap (van
Kleis) Visser. (LE 40 open
boot Jaap (van Kleis) Visser Oude Kleis)
47) Sake Visser (
Sake van Tieske)
48) Armenhuis +
Zondagschool.
49) Jaap Visser en
Anne Hoek.
50) Jan Verbeek. Later Jan
Sloothaak.
51) Arend Toering.
52) Hornstra, pakhuis.
53) Hornstra
(woning) Later Arend
Toering, daarna Romke Poelstra (moeder Romke
was zuster van de mosjes)
54) Bijkersma. Later Gebr.
Rottine ( de klutsen) Hendrik Harm en Jan.
55) Lolle Deinum.
56) Harm Lammers
(Stieligje)
57) Leger des Heils |
|
Bewoners van
het Achterom.


Foto van de
achterkleinzoon van Jacob Visser (Kleis Visser jr.). De foto
is genomen vanaf de bovenschans richting de Vissersburen, de
steeg is tussen de panden van groenteboer Peke Wouda (Links)
en slagerij Lageveen rechts' De woning waar U tegenaan
kijkt, (met de gordijnen voor het raam') daar woonden de
Klutsen Gebr........(?) Als U goed kijkt ziet U een schip
liggen in de Lemster rien. Op het rijtje verderop in het
achterom (richting water) woonden Klaas (bekeneagen) Wouda,
Fam. Akkerman, timmerbedrijf Hornstra, de visbakkerijen van
Evert de Vries en Andries Visser. (panne)

Het Achterom:
foto van de achterkleinzoon van Jacob Visser (Kleis Visser
jr.).

Het
Achterom met het Logement rechts.
Foto van de
achterkleinzoon van Jacob Visser (Kleis Visser jr.).

( Noot Roelie;
Waar het bordje van D-E hangt hebben wij met ons gezin
gewoond)
Deze
pentekening hebben wij gehad van Johannes de
Vries, waarvoor dank. Johannes beschreef
het zo, Een gezicht in het achterste stuk van
het Achterom met de katholieke kerk op de
achtergrond. Daarbij zijn de ramen te zien waar
mijn grootouders met hun gezin woonden. Ik heb
het anders niet gekend dan dat pake Meinze er
woonde, eerst met oom Koert en later alleen.
Haaks op het huis staat het armhuis de lamp van
het armhuis verlichte redelijk de kamer van
pake.
Getekend
door S. van der Wal: De geheel verdwenen
woonwijk 't Achterom, gelegen tussen de
Vissersburen en de Schans. In een wirwar van
straatjes en steegjes woonden destijds zoveel
mensen, merendeels vissers en kooplui, dat het
in onze plaats een bekende uitdrukking was : "it heale Lemmer wennet yn 't Achterom".
Was deze
wijk voor het verstoppertje spelende Lemster
jeugd wellicht een eldorado, voor de bewoners
zelf was het minder rooskleurig. In onze tijd is
bijna niet meer voor te stellen, dat men in een
straat woont waarin de overbuurman een goede
meter van de voordeur, zijn voordeur heeft:
waarin het zonlicht geen kans krijgt naar binnen
te dringen; waarin van gescheiden afval geen
sprake kan zijn, want alles loopt open bloot
door één en dezelfde straatgoot.
Maar het
Achterom was ook een wijk waar het best gezellig
kon zijn. Uiteraard hadden de bewoners veel
contact met elkaar, en vooral bij de zomerdag
vertoefde men meer buiten dan binnen,
bijvoorbeeld op 'e bakkershoek, met een riant
uitzicht op het centrum van Lemmer. Ongetwijfeld
was toen een goede buur nog beter dan nu ....
Om U
enigszins een beeld te geven hoe 't Achterom als
wijk in Lemmer was gesitueerd: de man op de
tekening loopt door de 'hoofdstraat' van 't
Achterom en is zo'n beetje op de helft vanaf de
bakkershoek- (waar nu het gemeentehuis staat),
richting Spinhuispolle (waar nu de autoboxen
achter drogisterij Hak staan). De R.K. kerktoren
is op deze tekening een goed oriënteringspunt.
Het Volkslogement rechts op de tekening werd in
de loop der jaren omgeturnd tot een
verenigingsgebouw met de naam''Us Honk'' en
heeft lange tijd dienst gedaan als sociaal
trefpunt in dit gedeelte van Lemmer.
De
overstekende poes is karakteristiek voor 't
Achterom, dat naast de zeer vele bewoners ook
nog eens veel huisdieren herbergde.

Bewoners van
het Achterom: Foto van Anne en Saakje Visser uit de Lemmer.
Achterom met het oude Volkslogement (later ûs honk) op de
achtergrond de R.K. kerktoren.

"Us honk"
Naast de
winkel van Margje stond het volkslogement. Later
is dat "Us honk" geworden , een gebouw van de
S.D.A.P. en nog weer later de Lemsoos. Daar
woonden Jacob Tijsseling en zijn vrouw Popkje.
Jacob was vissersman zoals de meeste inwoners
van het Achterom, zij hadden een grote schouw.
Popkje was een flinke vrouw en kon zo nog een
paar centen bij verdienen. Nu waren er vroeger
veel mensen die met wat handel langs de deur
gingen, of als straatzanger of muzikant hun
brood moesten verdienen want een uitkering was
er niet bij.
Zo herinner
ik mij nog een invalide man, met een scheef
gegroeide heup en een ongelukkige voet, die met
wasboenders en bezems langs de de deuren liep.
Mens onwaardige toestanden en dan te bedenken
dat Nederland met zijn rijke wingewesten in het
verre Oosten een der rijkste landen in de wereld
was. Maar het geld zat bij een kleine bovenlaag
en de schat kist werd steeds maar voller, maar
bleef voor de mensen die het nodig hadden
potdicht. Het waren deze mensen die van dorp
naar dorp trokken die wel eens een nacht in een
logement kwamen slapen.
Zo kwam het
wel eens voor als het warm weer was dat ze 's
avonds een stoel mee naar buiten namen, om nog
wat te zitten praten over wat ze die dag beleefd
hadden. Als het nu ook nog trof dat er een bij
was die een harmonica had dan werd het pas
gezellig. Vrolijke wijsjes klonken dan in het
Achterom en de jeugd en sommige ouderen zongen
uit volle borst mee.
Het
Achterom was in het klein wat de Jordaan was in
Amsterdam. We hebben er lief en leed met elkaar
gedeeld er was ook wel eens ruzie maar tegenover
buitenstaanders trokken we één lijn en lieten
elkaar niet verzuipen.
Als iemand
een goed schot met de netten had gedaan, en hij
wist dat er iemand in de buurt bijna niet te
eten had, dan werden er wat aardappelen heen
gebracht met een stuk vet en wat broden. Zo zijn
we met elkaar door de tijd gekomen. In de wijde
steeg woonde een Oom en Tante van mij. Oom Teade
en Muoike Lup met hun kinderen. Oom Teade was
toen ook vissersman
Opzij van
hun huis was een steeg , die in oostelijke
richting liep. Wanneer je die in liep kwam je in
een breder gedeelte, een soort hofje daar
stonden ook een paar huizen met zo waar een
klein bleekje van een paar vierkante meter er
voor. Iets wat je in het Achterom zag in een
ervan woonde Jelle Visser met zijn vrouw Foek en
hun zoon Johannes. Jelle was een broer van
buurman Sake, er was ook nog een broer die
Steven hete maar zijn vrouw heb ik niet gekend.
In het andere huis woonde Douwe Tijsseling (een
zoon van Jacob) met zijn vrouw Alie die uit
Medemblik
kwam. Dat waren toen nog jonge mensen en nog
niet zolang getrouwd, nu zijn ze beide ook
alweer overleden.
Hoe Douwe
er aan gekomen is weet ik niet maar op een
zekere dag stond er een grote witte zwaan in het bleekje met een stek er omheen Dat was gauw
bekend en iedereen bracht broodkorsten en ander
spul wat over was naar het dier. Maar het bleekje was al gauw verandert in een modderpoel.
Omdat de zwaan ook het gras uit de bleek haalde.
Door dit
alles werd het beest er ook niet schoner op, en
toen Douwe op een Zaterdagmiddag thuis kwam van
de haven besloot hij dat de zwaan maar een
poosje moest zwemmen in de Rien om weer schoon
te worden. Het was mooi weer en iedereen was
buiten zo dat er veel bekijks was, ook van af de
Vissersburen keken veel mensen toe.
Of het nu zo kwam
dat de zwaan zijn veren niet goed schoon had weet ik niet meer
maar opeens merkten wij dat het beest steeds dieper kwam te
liggen, en van de andere kant werd geroepen "asen verzuipt
ze nog". Of Douwe de zwaan nu wilde redden of
zelf ook wilde zwemmen weet ik ook niet, maar
hij sprong zelf ook in de Rien. Wat er toen
gebeurde had niemand verwacht de zwaan kwam
blazend en met hoog opgezette vleugels op hem
af.
Nu was
Douwe niet zo bang, en met een greep had hij de
zwaan om zijn hals gepakt, en beide verdwenen
onder water, al gauw kwam hij weer boven met de
kop van de zwaan onder zijn arm gekneld. Met
zijn andere hand zwom hij naar de kant en met
vereende krachten werd hij op de kant gehesen.
In optocht ging het weer op huis aan en werd de
zwaan weer achter het stek gedeponeerd. Een paar
dagen later was hij verdwenen. Douwe had hem aan
de andere kant 'pasveer' de vrijheid gegeven.
Zo was er
altijd wel wat te beleven in het Achterom. Een
aardige reactie kreeg ik van Siebe Kuipers die
vroeger ook op de Weverswal woonde niet ver bij
ons vandaan. Hij had gemerkt dat ik het eerste
Couplet van het schooiertje vergeten had, hij
heeft het hele liedje voor mij opgeschreven
Bedankt Siebe, het is wel toevallig dat we weer
in dezelfde straat wonen.
Andries ?

Foto van Jaap
van der Zwaag: Hierbij een afdruk van de aquarel welke ik
ooit heb gemaakt van het huisje van mijn opa, Achterom 6.

Foto van Kleis
Visser jr. Dit is het Achterom 6 het huisje van mijn opa
(Jacob Visser Japie van Kleis) vlak voor de sloop!

Bewoner van
het Achterom: Foto van Jaap van der Zwaag: Jacob Visser voor
zijn huisje!
Foto van Jaap
van der Zwaag: En nog een foto van Jacob Kleis Visser in de
deur van zijn huisje in Achterom 6.

Bewoner van
het Achterom:
Jacob van
Kleis Visser:
foto van de
achterkleinzoon van Jacob Visser (Kleis Visser jr).

Distributiebon voor Lederen schoenen:
foto van de
achterkleinzoon van Jacob Visser (Kleis Visser jr).

Foto van Kleis
Visser jr. Links: Gerrit Visser en rechts Kleis Visser jr. (De
schoonzuster van mijn oma, was getrouwd met Jaap Visser en ze
woonden op de Lange Streek. Ze hadden daar het kousen winkeltje
Mirlon Mirlana. Ze hadden één zoon en die heette ook Jaap
Visser. Mijn opa heette ook Kleis Visser evenals mijn vader.
Mijn overgrootvader was Jacob Visser (Japie van Kleis).

Bewoners van
het Achterom:
Foto
van Kleis Visser jr.

Bewoner van
het Achterom:
Jacob van
Kleis Visser.
Foto van Kleis
Visser jr.


Huisjes met
bleekjes in 't Achterom.

Bewoners van
het Achterom. Links; Meinze de vries en Steven Visser. Zij
visten bij Jan Mulder als eerste knecht en als derde man. Op
de foto zijn ze aan het haring lossen. Voordat ze verder
gingen werden zij dus even gekiekt Dan wordt de mand verder
vol geteld met vijftig worp van vier haringen. Dat werd dan
een tal genoemd, twee honderd stuks. Op de havenkant werd de
mand dan aangepakt door een visrokers knecht, en leeggegooid
in een kar. Als er 'n veertig tal in de kar was gelegd,
moest die naar de rokerij worden gebracht. Honderden karren
vol zijn ze zo van de haven gehaald. Meinze een neef van
Evert de Vries, bracht als loods ook wel schepen naar
Amsterdam. Op zo'n reis is hij op de Oranjesluizen aan een
hartaanval overleden.

Bewoners van
het Achterom: Op deze foto op de bovenste rij, Sake Leeuwkes
Bootsma, Kleis Visser, Douwe Tijsseling, Jan Jans de Blauw,
Jacob Tijsseling, onbekend, Jan Visser zoon van Andries,
Gerben Bootsma, Siemen Zeldenthuis en Jelle Toering.
Onderste rij,
Pieter Gaukes Bootsma, Marten Visser zoon van Rense, Leeuwke
Leeuwkes Bootsma, Jaap Visser zoon van Andries en Gauke
Bootsma.

Bewoner
van het Achterom.
Sake
Visser ( Sake de Rus) geboren op 6 februari 1857,
overleden op 20 december 1944, zoon van Jacob Visser en
Albertje Sakes Bergsma. Sake was gehuwd met Akke
Koornstra.

Bewoner van
het Achterom:
Jan Adriaan
Visser, geboren te Lemmer op 19 maart 1893, overleden aldaar
op 8 november 1963, 70 jaar oud, zoon van Sake Visser en
Akke Koornstra. Hij is getrouwd te Lemsterland op 11
september 1919, op 26-jarige leeftijd met zijn nicht Rimke
Visser (22 jaar oud), geboren op 4 juli 1897, overleden te
Sneek op 30 januari 1971, 73 jaar oud, dochter van Jelle
Visser en Foekjen Sietsma.
|
Jelle Visser.
|
Foekjen Sietsma. |
Bewoners van
het Achterom:Jelle
Visser, Visser, geboren te
Lemmer op 3 augustus 1869, overleden aldaar op 30 september
1947, 78 jaar oud, zoon van Jacob Visser en Albertje
Sakes Bergsma. Hij is getrouwd te Lemsterland op 18 mei
1894, op 24-jarige leeftijd met Foekjen Sietsma (28 jaar
oud), geboren te Sondel op 21 januari 1866, overleden te
Lemmer op 20 september 1947, 81 jaar oud, dochter van
Johannes Beernts Sietsma en Rimke Beerends Kouwenhoven.
Jelle was eigenaar van de aak LE 45.Het
gezin Jelle Visser heeft gewoond in het Achterom (H 116 en
nr 30)

Bewoners van
het Achterom: Aan boord LE 91 bezig met lijnvissen(hoekjen)
aan het roer Jan Adriaan Visser, zoon van Sake Visser ( Sake
de Rus), midden zoon van Jan Adriaan (Jelle) man op de rug
is Teunis Visser ( de Flapper).

Bewoners en ex
bewoners van het Achterom: Van links naar rechts, op het
eerste bankje Leeuwke Bootsma "Leeuwke van Riek", Wiep
Visser, Andries. A. Visser, Willem van der Veen en Jan
Poepjes. Op de bank
rechts: Jaap Visser, Hendricus Vlig, Andries.F.Visser "Ome
Andries (Roelie), Renze Visser, en Sake. K. Visser
Ingelse Sake
Op de middelste bank is
alleen aan de rechter kant Reitze Lemstra duidelijk te
herkennen. Daar tegenover staat Klaas Bijlsma.

Bewoners van
het Achterom: Sake en Bienke Visser, met Gea en Roelie
Visser.
Het huisje
met het stoepje naast het Logement, heeft Roelie
met haar ouders zusters en broer gewoond. Ik
herinner mij nog zo goed hoe het hoe het toen
was. Het huis was vroeger een winkeltje geweest,
dus als je de voordeur instapte betrad je gelijk
een hele grote ruimte, daar had ik van mijn
vader een rekstok, ringen en een schommel
gekregen prachtig was dat. Die hingen dan aan de
balk in die ruimte, we maakten aan de rekstok
eindeloos vogelnestjes. Dan hadden we een ruime
keuken en een woonkamer. Dan met een houten
trapje naar boven waar de zolder was. Daar
sliepen de kinderen, vader en moeder hadden voor
zich zelf een apart kamertje gemaakt, mijn bed
stond vlakbij de houten trap. De gezelligheid
die Evert de Vries o zo mooi beschreven heeft
was vele jaren later nog aanwezig in het
Achterom.
Vader kwam
altijd met van alles thuis, zo ook een keer met
een afspeelbare film van Walt Disney. Dat was
feest alle kinderen op de grond met koek en
chocolademelk de film kijken. Vader en moeder
waren net zo blij als de kinderen zelf. Later
kwam de eerste televisie in het Achterom, en wel
in het huisje waar Evert gewoond heeft, en waar
toen mijn vriendin Siena Akkerman van Jan en
Betsje Akkerman woonde. Voor een dubbeltje per
kind mochten we daar altijd 's woensdags middag
tv kijken destijds hadden we de verrekijker met
Dappere Dodo.
Verder
speelde ik heel veel met Hanne ten Wolde. Hanne
was de zoon van Jan ten Wolde en Sjoerdje
Rottiné. Leo Bootsma van Gauke en Griet Bootsma
was ook altijd van de partij en Cornelis Visser
mijn neef. Hanne en mijn persoontje hadden een
keer fikkie gestookt, nou dat hebben we geweten.
De gebeurtenissen in
ús
Honk waren ook altijd prachtig echt zo'n
buurtsfeertje.
Verder
kwamen veel bij ons langs Herre v.d.Veen die bij
ons op de Pietersbuurt had gewoond, Jelle
(Witte Jelle) voor zijn soep waar hij dan ook wel
weer aan toe was, Jelle woonde pal achter ons.
Ook zijn vriend Jilling (Lange Lint) Kingma was
vaak in het Achterom te vinden, het was een paar
apart, maar zulke fijne beste mensen.
Dan hadden
we Antsje en Joffert, zij hadden een zoon Marten
dacht ik en ook een Joffert? Antsje had ook wel
dat karakteristieke wat bij het Achterom
thuishoorde. Wat ook speelde waren de gasmuntjes
die je in de meter moest doen om gas te krijgen,
en tja die waren er soms niet, voor moeder was
dan het huis te klein, we wisten niet hoe snel
we buiten moesten komen. Toen we later thuis
kwamen was het alweer opgelost en was alles
alweer vergeten, zo ging dat op het Achterom.
Zo was het
ook zo gezellig zomers, dan zat het hele
Achterom buiten op stoeltjes allemaal wat bij
elkaar te buurten, de kinderen er gezellig om
heen spelend. We hadden zo ook s'avonds een
buurman, die een fles in een boot had. Ik ben daar vaak binnen geweest,
omdat ik die boot in die fles zo mooi vond,
buurman vroeg dan steeds heel lief, Roelie weet
je wel hoe die boot in de fles komt, ( in het
fries hoor) dat wist ik echt niet, hij liet de
fles aan alle kanten zien, inmiddels waren er al
andere buren bijgekomen uit het Achterom, die
vonden dat zo leuk, buurman zei dan, als je het
weet krijg je wat lekkers ( snoebegud). Dus ik
iedere keer weer naar buurman die altijd voor de
deur op zijn stoepje zat, dan vroeg ik mag ik de
fles nog 1x zien ( ik had hem inmiddels wel 20
keer gezien) dan weet ik het wel. nou op een
gegeven moment vertelde hij het, en kreeg ik een
rolletje rang, in die tijd heel lekker. dat was
echt heel leuk. Die buurman was de pake van
Kleis Visser."Mijn Pake in het
Achterom had inderdaad een fles waar een boot in
zat, maar die bezit ik helaas niet, Ik heb wel
een boor met een fles er in van mijn andere
overgroot ouders die woonden in de Parkstraat en
heetten Brandenburg."
Verder is
de geur van Lemmer mij altijd bijgebleven, de
geur van de visafslag, van de teer van de
vissers en het Lemsterstrand. Vader werkte toen
der tijd bij de Jan Nieveen en de visafslag,
als het tegen etenstijd liep mocht ik het brood
altijd brengen, dat was leuk zo mocht ik dan
even op de Jan Nieveen rondlopen. Ome Andries
was er vaak ook even zijn vaste spreuk was dan
"Do komst altyt te let by ús Oaete thús " dan
was het een aai op de bol.
Vader was
altijd op de schnabbeltoer, Als dorpsomroeper,
sinterklaas bij Molenberg, ik ging ook
sinterklaas kijken, en kwam helemaal opgewonden
thuis, mem mem sinterklaas het Heit syn skûnnen
an, (Sake was daarvoor aan het wittelen geweest
en had witte spetters op zijn schoenen gekregen)
die had ze herkend. Sake was ook levende
reclameman samen met Freek, "van Reus tot dwerg
naar Molenberg", alles wat geld opleverde pakte
hij aan en alles kwam ten goede aan zijn gezin.
De tijd dat vader tussen de
bedrijven door ook nog ijsventer was, hij stond
met zijn ijskar vlakbij het Lemsterstrand, voor
een kind erg leuk, vaak als ik uit school kwam
zat ik altijd op het zadel van de fietskar als
vader aan het verkopen was. En dan s'avonds met
het hele gezin dubbeltjes en stuivers tellen
fantastisch was dat.
Ons huis
had nog tonnetjes wat voor ons heel gewoon was,
met krantenpapier. Toen wij noodgedwongen
moesten verhuizen naar Zaandam omdat er geen
werk meer was in Lemmer. Was dat ook heel
vreemd, we gingen met de verhuiswagen opweg naar
Zaandam. Waar we een prachtige flat gekregen
hadden met wastafels een douche en een wc. Eén
van de kinderen moest na de lange rit naar de wc
en riep "mem er biine gjin kránten" waarop de
geschrokken verhuisman zei "Nee dat kan niet, op
deze wc's moet je wc papier gebruiken"
Het was een mooie tijd daar op
het Achterom in de Lemmer.
Roelie Spanjaard Visser.

Bewoner van
het Achterom: Meinze de Vries, geboren op 12 december 1867,
overleden op 21 november 1944 te Lemmer.

Bewoners van
het Achterom: Later Gebr. Rottine ( de klutsen) Hendrik Harm
en Jan.


De aak van de
vader van Anne Visser ( De medewerker van de pagina "Het Achterom"), Jan Adriaan Visser.

Lemmer had tot
27 januari 1767 geen katholieke kerk, toen werd de kerk van Follga opgeheven en naar Lemmer verplaatst. De nieuwe kerk
werd gebouwd in het Achterom aan de Rien (Vissersburen),
naast een oude scheepswerf, gelegen aan het "Deade gat". Bij
de renovatie van de Vissersburen enige jaren geleden zijn
van dit hellinggat resten van de beschoeiing teruggevonden
Op dit
kaartje, afgegeven door het kadaster uit Sneek, is het Deade
Gat in het Achterom te zien, Deze opvaart liep tot
halverwege de Beneden Schans. Het nummer 1774 is ongeveer de
plek, waar nu de bloemenzaak aan de Vissersburen is.

Het Achterom 1974 bijna gesloopt.

Foto van Roel
Verhoeff: Het Achterom in januari 2002.
|
1 |
2 |
Home
|