Turfland.

Vragen over
het schilderij,


Afdruk van Roeli van der Veen,
Klik
voor grotere afdruk
|
Lemmer, Ik heb het al
heel lang een leuk idee gevonden
om 't Ein haar bewoners van net
na de oorlog, het
aantalgezinsleden, wat de
beroepen van haar kostwinners
waren en hoe men zich in die
tijd vermaakte, in kaart te
brengen. Alles moest uit het
blote hoofd, want de gemeente
zelf kon mij geen namen uit die
tijd en zelfs geen plattegrond
te voorschijn toveren. Ik hoop
dan ook dat U niet al teveel
afwijkingen zult vinden, hoewel
ik weet dat ze er wel zullen
zijn. Mijn excuus alvast
daarvoor. Hoofdzakelijk van
jongenskant uit bekeken,
waardoor de meisjeskant iets
minder belicht is. Hun begrip
daarvoor stel ik zeer op prijs.
1948 - Was nog een armoedige
tijd, de gezinnen waren
gemiddeld vier personen groot,
maar de saamhorigheid op 't Ein
was enorm. Als de één iets had,
dan had de ander dat ook, had je
niets dan had de ander ook
niets. Onderling werd veel
verruild, kleren, huishoudelijke
artikelen, schoeisel, schaatsen,
meubilair, babyspulletjes etc.
Bij goed weer zaten de bewoners
bij elkaar buiten op de bank, of
op het tuinhek , iedereen ervoer
dat als gezellig. Prachtige maar
ook sterke verhalen kon men hier
aanhoren, altijd doorspekt met
veel humor en vaak met veel
fantasie.
Jong en oud deed mee aan
spelletjes, zoals stoelendans,
tiepelen, touwtrekken, touwtje
springen, volksdansen, stoeien
en zingen bijvoorbeeld.
Tussendoor werd er iets
gedronken, een wortel door
iedereen gegeten en door de
liefhebbers een sigaret gerookt.
Tot laat in de avond werd vaak
door gekletst, over mooie dingen
maar ook over ziekte, armoe of
overlijden. Het sociale stond in
die dagen hoog bij ons in het
vaandel. Ook wij, de thans 60
plussers, vermaakten ons
uitstekend op 't Ein.
Maar hoe kon je je ook vervelen
in die tijd oké, wij hadden geen
televisie, geen videorecorder,
geen computers, zelfs geen eigen
kamer, wel een radio. Maar wij
hadden wel hoepels waar we mee
speelden, we hadden vliegers die
we achter de tramdijk oplieten,
we bouwden halfondergrondse
hutten in de gezamenlijke
Singeltuin, we speelden
soldaatje en vochten tegen
andere legers in andere wijken,
zoals het Achterom of
Parkstraat. We hinkelden, we
knikkerden, we tolden, we
tiksjitten, landje stelen. We
katteploegden avond na avond,
krijgertje, prikslee, schaatsen,
als het flink ijzelde straat
schaatsen met aparte ijzers
(band ijzers), in een kano,
roeien in een afgedankte vlet,
vlotje varen, zwemmen wat we
allemaal leerden bij het houden
stolt, tegenover over de Mudserd
bij de boerderij van de familie
Eisema en natuurlijk in je
blootje, polstok en slootje
springen, eieren zoeken, bramen
plukken langs de trambaan, een
cent of een een ander geldstuk
op de tramrails plaatsen en er
even later totaal platgedrukt
weer onder vandaan halen, met de
autoped mat een noodgang vanaf
de trambrug dijk naar beneden
racen, als je in de gelukkige
was er één te bezitten en dat
was ondergetekende. Verder was
je natuurlijk lid van de
voetbalvereniging, zat je op
gymnastiek en zangvereniging.
Uit de daarvoor geschikte bomen
maakten we fluitjes en
proppenschieters. Ook pijl en
boog maakten we zelf en
voetballen deden we met een
gedroogde varkensblaas die we
meestal van slager Lageveen
gratis kregen. Die werd dan in
een moeilijk verkregen
afgekeurde leren voetbal
gewrongen en als je dan geluk
had, hadden we een uurtje
voetbal plezier. Tegen de jaar
wisseling haalden we carbid bij
van Putten's smederij om
vervolgens in een oude
koektrommel het deksel eraf te
schieten.
Kattenkwaad haalden we ook uit,
wat dat betreft is er dus niks
verandert sinds vroeger.
Rikke-tikken stond bij ons hoog
in het vaandel, dat ging zo;
Bijna iedere manspersoon droeg
klompen en die stonden meestal
voor de deur, als het niet
regende gewoon, en als het
regende omgekeerd. Maar het ging
erom dat ze er stonden. In het
donker zochten we iemand op
waarvan we wisten dat hij gauw
kwaad werd. Eerst deden we een
hondendrol, die overal
ruimschoots aanwezig was, in de
klompen, dan brachten we een
speld verbonden aan een lange
dunne draad naar zijn raamkozijn
en prikten dat er in, Een tweede
klein touwtje met een steentje
eraan bonden we op korte afstand
tevens aan de speld. Met het
lange touw in de hand gingen we
op veilige afstand verwijdert
aan het lange touw stevige
rukjes geven, zodanig dat dat de
steen goed tegen het raam
bonsde. de man spoedde zich dan
woedend richting buitendeur,
deed als een haas zij klompen
aan, zag de daders gierend van
het lachen buiten zij bereik
wegrennen, en keerde nog
woedender huiswaarts, inmiddels
ontdekkend dat hij niet zo'n
fraaie geur met zich meedroeg.
Als we dan een uur later
thuiskwamen, waren alle ouders
al op de hoogte en kregen we
toch nog onze welverdiende
straf, en moesten de volgende
dag excuses aanbieden bij de
getergde buurman, die achteraf
de grap nog wel kon waarderen.
Nog even over de behuizing.
De gehele Singel en bijna de
gehele Pietersbuurt hadden
één en hetzelfde type
woning, en ook bij enkele
aan het Turfland was dat het
geval. Deze huizen hadden
slechts een voordeur, de
kamer was ongeveer vijf bij
zes en een halve meter,
waarbij sommige ook nog was
ingenomen door tweepersoon
bedsteden met een
provisiekast met een paar
treden daar tussen in. Deze
bedsteden waren gesitueerd
boven een keldertje, dus als
je door de onderlegger viel,
lag je boven op de
opgeslagen aardappelen, en
dat is historisch ook wel
gebeurt. In de gang vanaf de
voordeur stond in het midden
een ladder, geen vaste trap.
een vaste keuken ontbrak, in
de gang was halverwege een
koud water kraan, daar stond
meestal een kastje met
gordijntje eronder voor het
gasstel en dat was het. de
zolder was kaal en het dak
vaak onbeschoten. De
stuifsneeuw had er 's
winters vrij spel. Ik heb
dat ervaren bij mijn Pake en
Beppe op de Singel.
Toch woonden er vaak ook
grote gezinnen van 10
personen of wel meer, Dat
lag dus heel wat op zolder
en dat kon nog gezellig zijn
ook, zo vernam ik van mijn
ooms of tantes. De
verlichting in de huizen was
nog met gas en een kolen of
houtgestookte kachel stond
in de kamer als enige
verwarming met de
afvoerpijpen dwars door het
plafond en door het dak. Een
wc moest je minimaal met een
buurman delen, soms met vier
gezinnen en bij uitzondering
zelfs met zes huishoudingen
zoals bij mijn grootmoeder
op de Singel. Twaalf
woningen met twee wc's in
het midden. Ondanks de
gebrekkige bewoning hoorde
je de mensen weinig klagen
en van burenruzies heb ik
persoonlijk nooit wat
gehoord.
Ale Schippers en Koop
Gaastra bedankt voor jullie
bijdragen.
Hans Feenstra
|
Bewoners
van Turfland: De cijfers zijn niet de
huisnummers, maar een opsomming van de
bewoners.
| |
Naam |
pers |
Beroep |
| |
|
|
|
|
1 |
Fam.Bowe Koopmans |
5 |
Molenaar-Veekoopman |
|
2 |
Fam.Kokké |
4 |
Timmerman |
|
3 |
Fam.de Vries |
4 |
Kantoor Gasfabriek |
|
4 |
Wed.Abe de Vries en dochter |
2 |
Koster (schoonvader Fedde Schurer) |
|
5 |
Gasfabriek |
|
|
|
6 |
Fam.Faber |
4 |
Directeur Gasfabriek |
|
7 |
Fam.Solkema |
3 |
Tram-Brugwachter |
|
8 |
Fam.Klaas de Boer |
2 |
Brandstof-handelaar |
|
9 |
Fam.Kalsbeek |
2 |
Visafslag-medewerker |
|
10 |
Fam.Grijpsma |
3 |
Kapitein Lemmerboot |
|
11 |
Fam.gerrit Visser |
2 |
Verzekeraar |
|
12 |
Fam.Derks |
4 |
Leraar Christelijke school |
|
13 |
Fam.Pietersma |
7 |
Centralen bakkerij en venter |
|
14 |
Roel en Tine Zeilstra |
4 |
Netten-boeter. |
|
15 |
Leenze en Marie de Boer |
4 |
Machinist Lemmer.boot |
|
16 |
Gebr.en zus Visser |
3 |
Vissers |
|
17 |
Evert van der Bijl |
1 |
Zuiderzeewerker |
|
18 |
Fam.Herbert v.d.Bijl |
3 |
Binnenvisser |
|
19 |
Wed.Tetje Eisema en zoon |
2 |
Huisvrouw |
|
20 |
Fam.Durk Bosma |
6 |
Vishandelaar
Hartelijke visvrouw Klara (Bot)
Bosma |
|
21 |
Fam.Durk Hak |
4 |
Manufacturenwinkel |
|
22 |
Fam.Haaie Dijkstra |
2 |
Concierge Chr.school |
|
23 |
Fam.Klaas v.d Werf |
4 |
Monteur Techn.Bedr.Fa.Bus |
|
24 |
Weduwe Antje v.d. Bijl-de Vries.
Een zus van Abe de Vries. Later
stond Pytje in dat winkeltje dat was
weer een kleindochter van Antje. Ná
Antje en vóór Pytje, stond Ida in
dat winkeltje. Dat was de dochter
van Antje en de moeder van Pytje |
5 |
Kruidenierster
|
|
25 |
Dirk en Bartha van Looy |
8 |
Groentehandelaar |
|
26 |
Garage gebr. v.d. Bijl |
|
|
|
27 |
Fam.Jaap Jongsma |
5 |
Timmerman |
|
28 |
Siemen en Trui Kok |
5 |
Centrale bakkerij medewerker |
|
29 |
Fam.Poppe Kok |
8 |
Los-arbeider |
|
30 |
Fam. Jaalsma |
4 |
Verzekeraar |
|
31 |
Sake en Meintsje Visser |
10 |
Visverwerker |
|
32 |
Dhr.Bartele Dekker |
1 |
Boerenarbeider |
|
33 |
Theunis en Anna v.d.Bijl |
3 |
Transport-ondernemer |
|
34 |
Wed.Jets Balsma en zoon |
3 |
Huisvrouw |
|
35 |
Fam.Johannes Deinum |
5 |
Groentewinkel |
|
36 |
Riekus en Griet Vlig |
6 |
Visverwerker |
|
37 |
Gebr. Sipke en Willem de Jong |
2 |
Aannemers-bedrijf |
|
38 |
Wed.Ida van der Bijl |
1 |
Huisvrouw |
|
39 |
Mevr.Hinke Fey |
1 |
Huisvrouw |
|
40 |
Nammele en Hits Schroor |
3 |
Visverwerker |
|
41 |
Wed.de Vries |
3 |
Huisvrouw |
|
42 |
Gezusters de Vries |
2 |
Kantoor Fa.Sterk Vishandel |
|
43 |
Fam.Koop Gaastra |
2 |
Groentenwinkel |
|
44 |
Fa.Jelle Hak |
2 |
Woning-textiel-winkel |
|
45 |
't Eintsjerkje |
1 |
De naam van mijn overgrootmoeder was
wed. T Bijlsma - Schotsman. Zij
woonde in een vroegere kosterswoning
achter het Eintsjerkje. Gratis, maar
met de verplichting om een en ander
wel in de gaten te houden. Kleine
karweitjes hoorden er ook bij, zoals
het klaarzetten van een glaasje
water voor de dominee. Dat heb ik
vaak voor haar gedaan toen het haar
te moeilijk werd om de preekstoel te
beklimmen. Johannes de Vries
|
|
46 |
Afke en Iefke Visser |
3 |
Huisvrouw |
|
47 |
Fam.Marten Koopmans |
2 |
Broodventer |
|
48 |
Sander en Clara Koehoorn |
4 |
Mederwerker hei-firma |
|
49 |
Weduwnaar Marten Haagsma |
1 |
Timmerman |
|
50 |
Jan en Rika de Haan |
9 |
Visser |
|
51 |
Fam.Zijlstra |
4 |
Politie-agent |
|
52 |
Lieuwe en Sjoeke Meijer |
7 |
Boekhouder gasfabriek |
|
53 |
Weduwnaar Keimpe v.d Meer |
1 |
Gepensioneerd |
|
54 |
Vrijgezel Hendrik Mulder |
|
|
|
55 |
Werkplaats Beljon |
|
|
|
56 |
Fam.Petrus Beljon |
4 |
Aannemer walbeschoeiingen |
|
57 |
Marten en Oeke Feenstra |
4 |
Houtmolen/Kruidenier |
|
58 |
Fam.Johannes Duim |
5 |
Werkman Houtmolen |
|
59 |
Durk en gezusters Coehoorn |
3 |
Visverwerker |
|
60 |
Fam.van der Veen |
2 |
Timmerman |
|
61 |
Fam.Dijkstra |
2 |
Timmerman |
|
62 |
Fam.Teade Boonstra |
3 |
Bakker en winkel |
|
63 |
Pakhuis Meine Gaastra |
|
|
|
64 |
Douwe Tijsseling |
|
Zij woonden aan het water tegenover
Gaasbeek. |
|
65 |
Fam.Kolk |
3 |
Brugwachter |
Anneke Hop Duim, verteld.
Ik zal
even uitleggen wie ik ben. Mijn naam is
Anneke Duim, ik ben geboren op 2 augustus
1943 in Lemmer, op het Turfland nr. 3. Ik
heb in Lemmer op de lagere school (nu De
Dam) gezeten en in 1956 naar Amersfoort
verhuisd.
Mijn vader, Johannes Duim, was vroeger een
bekende persoonlijkheid in Lemmer, die bij
allerlei gelegenheden een stukje schreef.
Sommige daarvan worden nu in Lemmer nog wel
gezongen. De tekst van één zijn liedjes
..... staat op
Jehannes Duim
Ik kom
niet zo heel vaak meer in Lemmer, maar ik
lees de Lemster krant nog steeds en ik
probeer zo nog een beetje contact te houden.
Mijn familie daar wordt ook steeds kleiner.
(Mijn
vader en moeder kenden jouw vader goed: ik
heb nog wel foto's van vroeger waar je vader
ook op staat. Tabina zat bij mij in de klas.
Wij speelden vroeger soms ook wel samen en
ik ben ook zeker bij jullie thuis geweest in
de Pietersbuurt. Tabina en Barbara hebben
allebei nog in mijn poëziealbum geschreven.)


Wil Kuipers en haar zus Ada
Howell-Spits, hadden nog een aanvulling.
Ik (Wil) ben een kleindochter van Kerst en
Aaltje Brouwer. Zij woonden op het Turfland
in (ik denk) het oudste huisje. Op de
groepsfoto van de 2e Parkstraat staat o.a.
mijn moeder. Geweldig. Het beroep van mijn
overgrootvader (de Vries) die op het
Turfland woonde, was schilder en
gepensioneerd koster van de gereformeerde
kerk (Vóór hem waren zijn schoonouders de
fam. Reijenga koster van de kerk). Hij was de
schoonvader van Fedde Schurer, (ik dank mijn
naam Wil aan de vrouw van Fedde Schurer.
Mijn tante is naar haar vernoemd, en ik weer
naar haar). Mijn pake en beppe (Kerst en
Aaltje Brouwer) woonden eerder in de 2e
Parkstraat. Ze zijn voor de oorlog verhuisd
naar Amsterdam en rond 1950 op Turfland
komen wonen. In 1962 zijn zij weer
teruggegaan naar Amsterdam.

Abe de Vries (schoonvader van Fedde Schurer
en pake van mijn moeder).

Een foto van mijn opa en oma Kerst en Aaltje
Brouwer uit augustus 1947, deze foto is
genomen voor het huis op het Turfland.

Aaltje de Vries (met breiwerk) ook uit
augustus 1935
Ada Howell-Spits: Uiteraard ben ik dus
ook een kleindochter van Kerst en Aaltje
Brouwer-de Vries. Naar deze beppe ben ik
vernoemd. De "oude koster" de Vries was van
beroep huisschilder. Mijn moeder, Jannie
Spits-Brouwer, (uit de 2e Parkstraat) weet
dit allemaal nog erg goed.
Er wordt ook gezegd dat op het Turfland
"Wed. A de Vries en dochter" daar woonden.
Dat klopt wel, maar ook woonde niet
alleen zijn dochter bij hem in maar ook zijn
schoonzoon Kerst Brouwer, mijn grootouders
woonden samen bij Abe de Vries. Inderdaad
was deze Abe de Vries de schoonvader van
Fedde Schurer.
Ik heb veel gelogeerd bij mijn pake en beppe
Brouwer op het Turfland. Ik ben kort geleden
nog in het huis geweest maar inmiddels is
het dak vergroot. Rechts van hun huis (toen
nr.16) was later een scheepswerf.
En daar waar de molen stond, stond later
iets verderop de CAF. Mijn pake was daar
altijd te vinden. De familie Kokké woonden
in één van de huizen die er later tussenin
waren gebouwd.
Het kruidenierswinkeltje aan Turfland 52
werd later gerund door Pietsje van der Bijl.
Verderop op de Korte Streek woonden nog 2
zussen van mijn pake, Sip en Aaltje Brouwer.
Deze dames woonden boven een fietswinkel.


Deze foto is echt nog een uit de oude doos.
Mej, Romkema schreef, dat winkeltje rechts
dat was van een aardappelhandel van Sjoerd
v.d Veen ( vader van Herre v.d Veen? die
later op de Pietersbuurt woonde) Zoon Heitse
bracht altijd de bestelde aardappels bij de
mensen thuis. Mej, Romkema schreef "Ik zie
hem nog lopen met een zak aardappelen op de
rug". Hij is niet oud geworden, had n.l.
T.B. dan was er z'n zuster Evertje die ook
wel in de winkel hielp. De aardappels werden
per vijfkop verkocht. Als die vijfkopmaat
vol was werd hij met een stok afgestreken.
Die dames die voor de deur staan zijn
niet bekend. Dat huis dat vooruit gebouwd
staat, daar hebben de dames de Vries gewoond,
daarnaast woonde een oude mevrouw die werd
Zwarte Gepke genoemd, daarnaast familie Vlig
en dan familie De Jong. Ook nog een
kruidenierswinkeltje van wed. Siebolt v.d.
Bijl en haar dochter. aan de overkant kreeg
je eerst het huis waar familie Rottiné
woonde en dat huis dat vooruit staat daar
woonde Anne Dijkstra, daarnaast familie
Coehoorn, dan kreeg je de kruidenierswinkel
van Jelle Douma en daar weer naast woonde
,,'t Boerke" zo werd hij altijd genoemd. Dat
was familie de Haan, zijn vrouw droeg altijd
een pet en liep steevast op klompen met
dikke sokken aan.

Foto van oud Lemster Willem van der Veen;
Het betreft hier een foto uit ongeveer 1950,
van de bevrijdingsfeesten aan het Turfland.
Op de foto zien we van links naar rechts:
S. Bijlsma, Maaike de Hei-Rippen, J. de Hei
en twee kinderen van mevr Van der Neut Kok,
en een kleinkind van Oppedijk, de melkboer
die aan het eind van de Vissersburen woonde.
Dan de vrouw van Herbert van der Bijl, en
vervolgens Herbert van der Bijl, gangmaker
en initiatiefnemer van het feest. Dan volgen
Klaas van der Bijl en zijn vrouw Hasseltje
Hogeterp, Minze van der Bijl en Jan van der
Veen.

Turfland 55 en 56 Lemmer.

De
groenten- en fruithal van Gaastra te Lemmer.

Lemmer, Turfland 1.

Koop
Gaastra, bewoner van het pand Turfland 1, borstelt één van de twee kanonskogels af,
die in de muur van zijn woning zijn
ingemetseld. De 18-ponders herinneren aan de
beschieting van de Engelse oorlogsschepen,
die Lemmer in 1799 onder vuur namen.

1932: Het gasbedrijf voor Lemmer en
omstreken, was dezer dagen 25 jaar in
werking.


Bij het Turfland hield Lemmer zo'n beetje
op, daarom werd het ook wel 't Ein genoemd.
Het grote huis aan de rechterkant nr 56
staat er nog steeds, daar woonde in het ene
deel van het huis, zeilmaker Willem de Vries,
het andere gedeelte werd bewoont door Siebe
van Gepke, een vrijgezelle visser die het
samen met zijn moeder bewoonde.



Op deze foto zien we de molen 'Korenmolen De
Hoop' op de achtergrond van een opname van
de trambrug en omgeving. Volgens
Doorenspleet die hier gewoond heeft, was in
het latere gebouw op deze plaats de vorm van
de molen nog te herkennen. Geheel rechts
zien we het woninkje van de familie Solkema
die hier als brugwachter optrad. Dit was ook
de eerste halte op weg naar Joure.
Mensen van Turfland en omgeving konden zo
dicht bij huis de tram nog pakken om dicht
bij huis uitstappen. Het gebeurde ook wel
eens dat Evert de Vries, nog in de tram aan
het venten was met ijs. Dan stapte hij bij
deze halte weer uit en liep terug naar het
station waar de ijskar nog stond bij de
aanlegplaats van de boot.

Op deze foto staat Durk Bosma, Clara (bot)
Bosma is de moeder van Durk. Deze kocht de
vis op in de haven, waste eerst de vis en
ging er dan mee langs de deur, aan huis
maakte ze de vis klaar. In de ene hand een
net met vis en in de andere hand haar mesje
en dan de handen ook nog kruiselings over
elkaar heen, zij woonden op het Turfland.

De Singel
De cijfers zijn
niet de huisnummers, maar een opsomming van
de bewoners
| |
Naam
|
pers
|
Beroep
|
|
1 |
Ida v.d Bijl en Anne v.d.Gaast |
2 |
Boerenarbeider |
|
2 |
Andries en Aukje Visser |
4 |
Visser-Zuiderzeewerker |
|
3 |
Pieter en Gooitske Vlig |
6 |
Visser-Zuiderzeewerker |
|
4 |
Jolt en Maaike de Hei |
5 |
Waterschap-timmerman |
|
5 |
Hendrik en Aal Haagsma |
5 |
Mast en Blokmaker |
|
6 |
Weduwe Arendje Alberda |
1 |
Huisvrouw |
|
7 |
Anne en Pietsje Rottiné |
4 |
Waterschap-medewerker |
|
8 |
Piet en Tietsje Bakker |
4 |
Visser |
|
9 |
Douwe en Albertje de Vries |
2 |
Petroleumventer |
|
10 |
Mevr.Bakker, Ale en Jelte Schippers |
3 |
|
|
11 |
Hendrik en Neeltje Schippers |
7 |
Rietsnijder-Turfsteker |
|
12 |
Weduwe Sap van der Gaast |
1 |
Huisvrouw |
| |
|
|
|
| |
|
|
|

16 juli
1959.
Home |