Vluchthaven Lemmer.

| 1 | 2 |

 

De Lemstervloot is afgemeerd. De foto geeft maar een klein gedeelte van de toenmalige vloot weer. Zo te zien ligt Johannes Poepjes met zijn botter de LE 57 vooraan. Daarnaast lijkt wel zijn broer Liekele met de LE 69. Daarbinnen lijkt de LE 21 te zijn van Pieter Poepjes, erachter liggen de LE 21 van Andries Fleer met daarnaast de LE 63 van Wiebren en Renze Hoekstra, het kan ook de aak van Arend Poepjes zijn. De witte daarachter is de LE 37 van Siebe Kooistra, en lijkt de volgende de LE 12 van Johannes Visser. Het was in de herfst want de schepen hebben een wonderkûle in de mast hangen te drogen, daar werd mee gevist op spiering. De garnalen die mede gevangen werden, gingen zo weer overboord, want ze waren niks waard. (Moet je nu om komen)

 

De haven in 1900.

 

 

Alle schepen afgemeerd, voor de zondag of aankomend slecht weer.

 

De overkapping op de Tramhaven is afgebroken, op de achtergrond de tramremise. Op de voorgrond het sleepbootje "Fimmie" van Gosse Wierda.

 

 

 

De "baan" waar vroeger de netten werden gedroogd, is geheel in beslag genomen door de loods van de N.B.M.  en de opslag van bouwmaterialen (zand en grint). Door de aanleg van vrachtschepen is er nauwelijks plaats voor vissersschepen.

 

 

 

 

Grote veranderingen alom, maar de vissersvloot is er nog. De dwarskuilen hangen te drogen in de mast, dit gebeurde iedere dag omdat ze niet zoals tegenwoordig van nylon zijn. in de komende oorlogsjaren zou nog zeer veel aal en snoekbaars worden gevangen. De Lemster vissers leverden in die moeilijke jaren een belangrijke bijdrage aan de voedselvoorziening in oorlogstijd. De Vluchthaven zag er in 1930 en 1940 zo uit. Er wordt al gewerkt aan de Noordoostpolder, zoals te zien is op de achtergrond.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

| 1 | 2 |

Home


Niets uit deze website mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt  of op andere wijze gebruikt worden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de samensteller.