|
De houtwerker van
'Slavomir Miletic'
In 1963 ben ik met mijn vader Sake Visser, (die ook bij
de Honig-fabriek in Koog aan de Zaan
werkte), bij Slavomir
Miletic thuis geweest, we werden hartelijk ontvangen met koffie,
Slavomir vond het zo leuk dat zo'n klein meisje belangstelling had
voor zijn werk, dat toen zij toen ze wegging, "De Houtwerker"
Een klein bronzen beeldje een replica van de Houtwerker van Slavomir, meekreeg als cadeautje. Dat meisje was ik (Roelie, spanvis) het beeldje is door alle omzwervingen jammer
genoeg niet meer bij mij, vandaar deze pagina, wat een pracht kerel
die Miletic!


Slavomir Miletic en
zijn vrouw Elisabeth Toutenhoofd.
Slavomir
Miletic (geboren in 1930) is een beeldhouwer uit Nederland geboren
in Bosnië en in Herzegovina, wonend. Miletic kwam in
1960 samen met zijn Nederlandse vrouw Elisabeth naar Nederland. Omdat
hij zijn beeldhouwwerken niet aan de man kon brengen, meldde
de toen 32-jarige kunstenaar zich aan als werkstudent bij de Honig-fabriek in Koog aan de Zaan. Daar kreeg hij opdracht een beeld te
vervaardigen ter meerdere eer en glorie van de arbeidersbevolking. Het
kunstwerk sloeg dermate aan, dat het Zaanse
gemeentebestuur hem de opdracht gaf een beeld te maken voor de nieuwe
Beatrixbrug.
(Zaandam was tot in de tweede helft van de twintigste eeuw een
belangrijke houthaven).
De Houtwerker is een vier meter hoog beeld
ontworpen door Slavomir Miletic. Het beeld dat in opdracht van de
Zaandamse gemeenteraad werd gemaakt als ornament voor de nieuwe
Beatrixbrug werd door de raad op 10 juni 1963 echter afgekeurd op
"esthetische en technische gronden".
Na de afwijzing van het beeld werden
diverse actiecomités opgericht om het beeld in Zaandam geplaatst te
krijgen. Het beeld, inmiddels in beton gegoten, kreeg in 1971 een plaats
op het Waterlooplein in Amsterdam. De marktkooplui hadden er naar
verluidt een kwartje voor betaald. De Houtwerker is een constante strijd
geweest tussen de bevolking (in een onderzoek onder 1000 Zaandammers
wilde 91 pct. het beeld terug) en het gemeentebestuur.


Slavomir
Miletic met "De Houtwerker", eindelijk op zijn
plek?
|
ZATERDAG bracht de
kruidenier voor honderd gulden levensmiddelen bij Slavomir
Miletic. "Het is betaald" zei hij, "door een goede gever".
De bakker komt elke dag het oude huis aan het Rustenburg
binnen en legt twee broden op tafel. Dat doet hij al drie
maanden. Er is nog geen enkel brood betaald. "Hoeft ook
niet," zegt hij. Miletics zwangere vrouw drinkt dagelijks
gratis melk. En het avondeten van de beeldhouwer en zijn
vrouw bestaat meestal uit een (gratis) zakje patat, gehaald
bij een kraam midden in het dorp. Het enige dat de patatbaas
de laatste drie maanden voor zijn gebakken aardappelen van
de familie Miletic kreeg, waren de hartelijke groeten als
Miletic op de fiets langs kwam. "Hallo, alles goed?"
Gratis koffie, brood, melk,
patat, Miletic heeft bij de Rotterdamse Bank N.V. te Zaandam
een tegoed van fl. 2.221,92, maar omdat dát de fooi is,
waarmee de gemeente hem wil "afkopen", zoals hij zegt,
weigert hij het op te nemen. Zijn portemonnaie is leeg, hij
heeft geen cent, de vriendelijkheid van Zaandamse burgers
houdt hem in leven en goedige buurlieden komen hem zo nu en
dan een sigaretje brengen. In zijn huiskamerkast staat een
flesje slivovitz, pruimenbrandewijn. Zo nu en dan neemt hij
er een glaasje van. Hij is er zuinig op. Het is het laatste
dat hij van zichzelf heeft. Miletic, Slavomir Miletic. In
Zaandam en ver daarbuiten een zeer bekende naam. Er hoort
een vrolijke, lachende, rondborstige en felle kunstenaar
bij. Hij heeft lange haren als Petrus in het passiespel, een
kroezige zwarte baard en hij draagt tot op de draad
versleten pakken. Hij speelt graag blokfluit, hij praat
graag, hij schreeuwt graag, hij werkt graag en hij leeft
graag. Hij is beeldhouwer – een van de grootsten van deze
tijd, zeggen sommigen – hij is kunstenaar in hart en nieren:
hij heeft nog nooit, in geen woord en in geen daad, zijn
kunst verloochend.
Daarom heeft hij ruzie met
het Zaandamse gemeentebestuur. Hij laat zich niet afschepen.
Hij heeft een beeld gemaakt voor de Zaankanters. Het staat
op een schuilkelder bij de gasfabriek. Vier meter hoog,
gigantisch, overweldigend, indrukwekkend: een houtwerker met
kromme rug en gestrekte handen, die naar de grond wijzen.
Een Zaankanter, zoals Miletic hem heeft leren kennen: op de
manier van Vincent van Gogh, zéér menselijk, alléén maar
menselijk, een slover voor zijn brood, een man die karakter
genoeg heeft om te sloven. De houtwerker van de Zaanstreek.
Een beeld, waarvoor honderden gemeentenaren in rep en roer
zijn geweest. Een nu de gemeente het niet hebben wil, een
beeld dat min of meer een nationale zaak is geworden.
Miletics vader, boer in
Bosnië, Joegoslavië, verkocht in 1959 zijn laatste koe om
Miletic wat leefgeld mee te geven, toen hij op de academie
van beeldende kunsten in Belgrado een reisbeurs naar Parijs
had gewonnen. In zijn land gold Slavomir Miletic reeds als
een zeer begaafd kunstenaar. Volgens de kritieken bezat hij
een uitzonderlijk natuurtalent, dat in zijn meestal forse
werk op prachtige wijze tot uitdrukking kwam.
In Parijs werkte Miletic
drie jaar aan de Ecole des Beaux Arts, kreeg er
verschillende exposities en trouwde er met het Nederlandse
meisje Elisabeth Toutenhoofd, dat aan de Sorbonne Servische
talen studeerde. Ondanks zijn onmiskenbaar talent bracht
Parijs hem geen financieel voordeel. Mét "Elisabetta" reisde
hij naar Nederland, kreeg een expositie in de Haagse
"Galerie Loujetsky" – alle kranten op één na schreven zeer
juichend over zijn duidelijke en zeer persoonlijke werk – en
een tentoonstelling in het Amsterdamse "De Drie Hendricken".
Daarna plofte hij financieel in elkaar, omdat exposities die
wel bejubeld worden maar niets verkopen, erg onvoordelig
zijn.
Toen de vreemdelingenpolitie
hem – kunstenaar zonder geld – het land uit wilde zetten,
ging Miletic eerst zilveruitjes inpakken bij Luycks en toen
pudding in pakjes doen bij Honig in Zaandam. Zijn vrouw zat
trouw aan zijn zijde naast de inpaktafel en alleen het kind,
dat inmiddels gekomen was, bracht wat fleur in het sombere
en vochtige bestaan in het kleine, Amsterdamse keldertje,
dat de familie Miletic tot woning diende. Het geld van de
koe was al heel lang op.
Een reportage in een
Zaandams blad veranderde Miletics leven echter grondig.
Directeur Paul Honig las 's avonds over het failliete leven
van de kunstenaar en nam onmiddellijk het besluit zijn
langharige werknemer de eerste opdracht in Nederland te
geven. Een maand later stond een forse, betonnen
mannenfiguur voor Honigs nieuwe gebouw: een arbeider die een
zware last voortzeult. Van zijn harde, donkere ledematen
droop kostelijke veertig procents slivovitz, geurend van
vreugde over dit eerste en belangrijke succes. Want de
kritiek schreef: "… een monument van uitzonderlijk karakter
… overtuigend door een vitale kracht … hartstochtelijk en
springlevend … een monument, dat door de arbeiders van de
Zaan wordt herkend en begrepen en dat ze reeds in hun hart
hebben gesloten …een stoer stuk plastiek …"
Slavomir Miletic had tranen
in zijn ogen, toen iedereen blij was met zijn beeld. "Dankie,
dankie, potverdomie," stamelde hij in zijn uitzonderlijk,
zeer gebroken Nederlands. "Dankie, dankie."
Een
van de blijde, bewonderende en belangrijke personen bij de
"doop" van Miletics jongste stenen kind was de Zaandamse
wethouder van onderwijs M.J. Hille. De heer Hille, die reeds
kennis genomen had van
Miletics werk en die er een
vurig bewonderaar van was, riep handenwrijvend – het was
januari – de beeldhouwer terzijde. "Er moet een beeld komen
op onze Beatrixbrug," zei hij Miletic. "Wilt u dat maken?"
Miletic
is een man van daden. Het duurde geen dag of hij had een
muur van zijn inmiddels verkregen noodwoning aan het
Rustenburg te Zaandam met krijt en verf bewerkt. Een veel
meer dan levensgrote houtwerker stond daar: zijn voeten op
de planken vloer, zijn hoofd tegen het gele plafond. "Dit is
hem," zei hij wethouder Hille en burgemeester Franken.
"Maak hem dan," zeiden én
wethouder én burgemeester. Een een dolblije Miletic vierde
die avond feest, omdat zijn naam verbonden zou worden met
die van Zaandam. Zijn schepping, groots en magistraal reeds
aanwezig op het behang, zou in beton of in brons, daarover
was hij het nog niet eens geworden, op Zaandams grootste en
nieuwste brug komen, een nijvere schepping van de
gemeentearchitect Bakker, die spoedig veelvuldig bij de
Miletics op de koffie – hij bracht de taartjes mee – kwam.
De opdracht was gegeven en
bevestigd door het royale gebaar van burgemeester en
wethouders van Zaandam de beeldhouwer Miletic een loods op
het terrein van de gasfabriek als atelier te geven. Voor de
golfijzeren, zeer grote loods reden vanaf die dag regelmatig
auto’s met grote hoeveelheden klei. Eerst vijfhonderd kilo,
toen nog eens vijftienhonderd kilo: de gemeente Zaandam
betaalde. En boven een klein kacheltje warmde Slavomir
Miletic zijn handen om er de koude klei mee te kneden op het
kolossale geraamte van hout, dat hij voor zijn Houtwerker
had gemaakt. Hij hield niet op, hij kende geen rust, zijn
ongelooflijke werklust kende geen leidsels, zijn vrolijkheid
werd op de gasfabriek spreekwoordelijk,
Slavomir Miletic had geen
zorgen. Zij hele hart legde hij in zijn opdracht. Hij zong
Joegoslavische liederen en leerde meer Nederlandse woorden.
"Hartstikke goed", "Arbeiters van Zaan", "Burgemeister
goed". Hij werkte bezeten en geïnspireerd: hij wist wat hij
maakte: een man die een gekromde rug heeft en die zijn armen
uitstrekt naar omlaag, een man als zijn duizenden vrienden,
want dat aantal liep met de dag op.
Slavomir Miletic dacht dat
zijn zorgen voorbij waren. Hij zou vijftienduizend gulden
voor zijn beeld krijgen. Dat was afgesproken.
Het zat hem niet mee. Het
weer bijvoorbeeld. Het vroor hard in het begin van het jaar.
In de loods was het - ondanks de kachel – bitter koud. De
klei was onhandelbaar en scheurde steeds, Soms, als hij een
arm of been had gekneed, zag hij zijn werk van dagen in één
nacht verloren gaan. En dan gemeentearchitect Bakker! Het
was zíjn brug. Het was zíjn monument. In gemeentekringen
fluisterde men, dat hij zich erg gepasseerd had gevoeld toen
burgemeester noch wethouder hem gekend had in de keuze van
de beeldhouwer, die voor zijn brug moest gaan werken.
Gemeentearchitect Bakker bracht behalve gebak bij de koffie
op het Rustenburg al spoedig handzame boekjes mee met foto’s
van bekende beeldhouwwerken. Gonzalez, Zadkine, Marini,
Hepworth, Moore, Lembruck. "Kijk, die deden het zó."
Slavomir Miletic bromde dan
wat. "Zou je niet eerst wat in deze boekjes kunnen studeren,
voor je verder gaat?"
Miletic begreep Bakker niet
goed. Zijn werk was niet het werk van Zadkine, Moore of
Marini. Zijn werk was dat van Miletic. Eigen werk, dat
iedereen kende: groots, meeslepend, zoals de kunstkritieken
zeiden, driftig, maar bovenal lévend. Bovendien had Miletic
zorgen. Hij was al weken bezig, toen hij "uitvroor".
De bevroren klei was
onhandelbaar. Het was té koud in de loods en toen de dooi
was ingetreden, was een groot deel van het beeld
ineengezakt. De eerste bevroren klei was zacht geworden en
gezakt. Dat waren zíjn problemen. Het wilde (nog) niet zoals
hij wilde en bovendien maakte Bakker hem zenuwachtig door op
zijn vingers te kijken.
Driftig was hij opnieuw
begonnen. De steigers kraakten onder het geweld van zijn
vuisten. Hij werkte als een paard. Zijn vier meter hoge
Houtwerker kreeg weer gestalte. Uit alle teleurstelling
verrees het beeld, dat generaties lang op de Beatrixbrug zou
moeten staan. Geen Zadkine, Gonzalez of Hepworth, maar
Slavomir Miletic, de Joegoslaaf, die leefde als een
kluizenaar, en als een eenvoudig werkman. Zo beschenen de
eerste magere zonnestralen van de lente Miletic en zijn
beeld, dat gestaag naar zijn definitieve vorm groeide.
Maar Bakker vond het niet
mooi. Het werd niet het beeld voor zijn brug, zoals hij dat
zich altijd had voorgesteld. Als een gevangen dier liep de
gemeentearchitect om het beeld heen en adviseerde
uiteindelijk burgemeester en wethouders zijn afkeuring over
te nemen. Men deed dit onmiddellijk.
"Het is technisch niet
goed," zei de heer Hille.
"Artistiek is het ook
knudde" zei de architect.
Maar omdat eigenlijk niemand
van het gemeentebestuur in staat was een gegrond (en Miletic
voegt hierbij: "vernietigend") oordeel te geven, werd een
"geheime" commissie benoemd, die bestond uit de
gemeenteadviseur in vaste dienst, de beeldhouwer professor
Esser, en een Amsterdamse gipsgieter.
Blééf later voor
gemeenteraadsleden de vraag of deze commissie, die
gewoonlijk mét burgemeester Franken en gemeentearchitect
Bakker optreedt als vaste cultuurcommissie in Zaandam, wel
zo objectief, zo onpartijdig was, als werd voorgesteld.
Blééf voor kunstcritici de vraag bovendien of het juist niet
de bij de opdracht gepasseerde professor Esser was, die
graag het beeld op de Beatrixbrug had willen maken.
Nog erger dan "potverdomie"
waren de hartgrondige vloeken, die de opvliegende
beeldhouwer Miletic oplepelde, toen hij – het was begin juni
– per brief vernam dat zijn beeld niet geaccepteerd zou
worden, op grond van het advies van de "geheime" commissie.
Woedend schreef zijn vrouw voor hem aan het gemeentebestuur:
"Is het de gewoonte van de heren Esser en Royer (de
gipsgieter) achter de rug van een kunstenaar een atelier
binnen te dringen om voor geheim expert te spelen?" En
Miletic brulde over het terrein van de gasfabriek, waar
iedereen op zijn hand was: "Die Esser is gekomen en gegaan,
terwijl ik drie minuten op de w.c. zat. Hoe heeft hij mijn
werk dan beoordeeld?"
De brief met de afkeuring
bevatte ook een afrekening: Miletic zou zesduizend gulden
krijgen, waarvan de gemeente eerst betaalde voorschotten en
materiaal, tezamen fl. 3.278,08, aftrok. Van de resterende
fl. 2.721,92 werd vijfhonderd gulden bij de
vreemdelingenpolitie gedeponeerd en de rest werd – na
weigering van Miletic het in ontvangst te nemen – bij de
bank vastgezet, waar de beeldhouwer het tot 1 januari 1964
kan afhalen.
Miletics verweer op
professor Essers advies was: "De Houtwerker was nog niet af.
Ik moest er nog tien dagen aan werken. Bovendien kon mijn
beeld alleen buiten, in de ruimte, beoordeeld worden". En
zijn antwoord aan het gemeentebestuur was kort en goed: "Ik
zal mijn beeld afmaken en het de bevolking van Zaandam laten
zien. Laat de mensen, de arbeiders zelf, oordelen over een
van hen, in gips gevangen".
Maar de gemeente zag daar
weinig in. Zij zette de aanvoer van materiaal stop en
verbood het personeel van de gasfabriek Miletic te helpen
zijn plan te volbrengen.
Dat het beeld toch zover
klaar kwam, dat het in gips gegoten en naar buiten gesleept
kon worden, was te danken aan Zaandamse particulieren, die
Miletic spontaan met geld en goed kwamen helpen. En aan het
personeel van de gasfabriek, dat het bevel van het
gemeentebestuur negeerde en de beeldhouwer bleef helpen en
zelfs een kraanwagen voor hem huurde om de stukken gips, die
tezamen het nieuwe beeld in de openlucht moesten vormen, te
vervoeren.
Maar opnieuw speelde het
weer Miletic parten. Door de aanhoudende regen én door de
haast waarmee de laatste dagen gewerkt was, was het gips
niet goed gedroogd en voor het forum van meelevend Zaandam,
voor film en televisie kijkend publiek, zakte de trotse
gipsen Houtwerker van Slavomir Miletic als een zachte
pudding ineen, toen de kraanwagen er de kop bovenop zette.
Dat was maandag 17 juni.
Miletic huilde als een kind. Zijn vrouw moest overstuur
weggebracht worden. Een actiecomité van Zaandamse burgers,
die Miletic wilde helpen, zat teneergeslagen bijeen. De
mensen die de roemloze ondergang van de Houtwerker hadden
gezien, gingen verdrietig naar huis. De Vincent-van-Goghweg,
waarover het beeld had moeten uitkijken, lag verlaten als
altijd.
Iedereen – behalve uiteraard
het gemeentebestuur – zat in zak en as, maar Slavomir
Miletic was de eerste die zich herstelde. Een uur na de ramp
begon hij opnieuw. Hij verzamelde de mallen, zo goed en zo
kwaad als het ging. Hij stond wéér op de steigers en
merkwaardig genoeg – hij lachte. Hij was op dat moment de
enige die vrolijk was. Hij was opnieuw begonnen. Er was geen
verleden meer; de toekomst telde slechts.
Hij zou een nieuwe
Houtwerker maken.
En een maand later stond ie
er weer, reusachtig, springlevend, mooi van kleur,
geweldiger dan ooit.
Het was of alle tegenslag
louterend had gewerkt. Een sterke Zaankanter op een
schuilkelder, een nieuw monument waarvan de Hilversumse
kunstcriticus ds. A.L. Broer schreef: "Naast de dokwerker in
Amsterdam, Zadkines beeld in Rotterdam en de Visser in
IJmuiden zou dit een vierde grandioos beeld zijn, een
sieraad voor stad en land." En over de weigering van de
gemeente: "Het zou een geweldige blamage voor Zaandam zijn
wanneer dit prachtige beeld er niet komt. Wat voor intriges
zitten daarachter?
Op 14 augustus verscheen er
in het Algemeen Handelsblad een kritiek van Nederlands
gezaghebbende kunstcriticus Hans Redeker, onder de kop:
Miletics Houtwerker verdient zijn vaste plaats. Passages
hieruit: "Het (beeld) is een gebaar, hartstochtelijk, rauw,
heroïek, pathetisch zo men wil, maar zoals wij het binnen de
tuin van onze eigen kunst niet kennen …""De arbeider, de
mens van de Zaanstreek, herkent zich in dit beeld en hij
heeft gelijk." En … "Wanneer het gaat om een strijd tussen
artistieke potentie en theorie (H.R. doelt hier op de
technische bezwaren, die tegen het beeld geuit zijn. Red.
Pan.) heeft de theorie te wijken. Geen bezwaar, geen excuus,
geen uitvlucht houdt stand tegen de krachtige,
hartstochtelijke daad van een kunstenaar, die, bij toeval
van over onze grenzen gekomen, een monument tot stand
bracht, waarmee geen overheid voor het oog der toekomst voor
spot zal staan …
"
Na het verschijnen van deze
lovende kritiek en nadat een raadslid hierover vragen had
gesteld aan B. en W. haastten de vroede vaderen van Zaandam
zich een nieuwe "beoordelingscommissie" in het leven te
roepen. Een objectieve commissie, zoals burgemeester Franken
verklaarde, en die bestond uit de Nederlandse Kunststichting
te Zeist. Maar de eerste doelstelling van de Nederlandse
Kunststichting – die zeer zwaar gesubsidieerd wordt door het
ministerie van O.K. en W. – is het werk van Nederlandse
kunstenaars aan de man te brengen. De commissie bestond uit
de heren H. Swart, directeur van de stichting, de heer K.
Schuurman, lid van het bestuurscollege van dezelfde
stichting, en de heer D. Schwagermann, collega van de heer
Schuurman en adjunct-directeur van het Haarlemse
Frans-Halsmuseum.
In het gejuich, dat alom
werd aangeheven omdat B. en W. van Zaandam zo sportief waren
geweest nóg eens een onpartijdige commissie naar een oordeel
te vragen, hoorde men nauwelijks de stem van Slavomir
Miletic, de beeldhouwer, die verdwaasd bij zijn vrouw
Elisabetta uithuilde: "Nu hebben ze drie mannen gestuurd die
denken als mannen van tachtig jaar … Frans Hals zou zich in
zijn graf omdraaien, als hij kon zien, hoe een van zijn
vazallen zich gedroeg." En in het "Hollands": "Kleine
mannetjes, burgers met geen eer, niet-kunstenaars …"
En het oordeel van deze
commissie luidde: "Er is geen beeld tot stand gebracht, dat
de toets van een serieuze kritiek kan doorstaan …"
Toen deze in in een
raadsvergadering werd voorgelezen, werd het op de publieke
tribune, waar Slavomir Miletic met zijn vrouw en aanhang
wachtten op een, zoals ze stellig geloofden, heel andere
uitslag, even doodstil. En toen het langzaam tot de
beeldhouwer doordrong – men had het vonnis in het Nederlands
voorgelezen – dat men zijn werk toch nog had afgekeurd,
stond de leeuw Miletic brullend op, schudde zijn manen en
schreeuwde vernederd en ontgoocheld: "Dankie, dankie,
potverdomie, dankie." En terwijl hij zijn vuisten gebald –
de publieke tribune afliep: "Dynamiet … potverdomie …
drinken … wodka … wodka drinken … dynamiet."
Heel alleen verdween hij in
het avondlijk duister. Zelfs zijn Elisabetta kon hem op dat
moment niet helpen. Slavomir Miletic, de dertigjarige
Bosnische beeldhouwer, was alleen, zoals zijn "geestelijke
leermeester" Vincent van Gogh alleen geweest moet zijn in de
somberste uren van zijn kunstenaarsleven.
Later zei hij: "Warum hebben
ze dat gedaan? Ze zeiden: bield niet mooi. Maar wat is mooi?
Dat bield is mijn hart. Mijn hele hart. Warum is mijn hart
niet mooi?"
Hij kijkt naar de jampotjes
met kwartjes en dubbeltjes, die hij van de goede Zaandamse
bevolking kreeg. Hij kijkt naar het materiaal, gips, klei,
schoenen, die hij van Zaandamse aannemers kreeg. Hij drukt
iedereen de hand. Hij ziet de broden van de bakker, de melk
in de flessen, de patat, de sigaretjes: het beeld heeft hem
ongelukkig gemaakt en berooid. Want hij weigert de fooi aan
te nemen van de gemeente. "Bield ist goed. Bield is prima.
Ze betalen én plaatsen of anders dynamiet. Wel betalen en
niet plaatsen, dan ook dynamiet."
Want Miletic zit niet op
geld te wachten – hoe armoedig hij ook leeft. Wat hij wil is
een plaats op de brug en die krijgt hij niet. Zaandam – het
arbeidende volk – schaart zich achter hem, schildert zijn
naam op muren, praat over hem, haalt geld voor hem op. Er
wordt een enquête gehouden: aan elfhonderd Zaandammers wordt
een mening gevraagd over het beeld. Meer dan duizend
Zaandammers zeggen dat ze het beeld op de brug willen
hebben. Slechts twee procent, zegge en schrijve,
tweeëntwintig mensen, vindt het beeld niet mooi.
Zaandam staat achter de
behaarde en bebaarde beeldhouwer. Hij heeft de arbeiders
mee. Ze zeggen zichzelf te herkennen in die figuur op de
schuilkelder. Ook zij hebben kromme ruggen en ook zij hebben
ingevallen gezichten. Op een vergadering van een actiecomité
die wij meemaken, lijken alle mensen op de aardappeleters
van Van Gogh: gedeformeerd, maar tot in de uiterste vezels
menselijk. De arbeiders, de bootwerkers en de houtwerkers
van Zaandam herkennen zich in het beeld en willen dat het op
hun Beatrixbrug komt. Ze lopen met spandoeken door het dorp,
voor het huis van burgemeester Franken, een huis met klimop
en kleine raampjes. Commentaar van wethouder Hille op de
enquête: "Ach, Zaandamse arbeiders zijn altijd tegen het
gezag!"
Slavomir Miletic heeft
verloren. De gemeente zal hem voorlopig niets in de weg
leggen. Het beeld mag nog bij de gasfabriek blijven staan,
omdat "het vanzelf wel in elkaar zakt als de nachtvorst
komt". Dat is zo, want het is van gips. Daar wacht de
gemeente op. Miletics verblijfsvergunning loopt op 1
november af. Hij heeft zijn Houtwerker voor een goede prijs
kunnen verkopen aan Thomsons Havenbedrijf in Rotterdam.
Hij heeft geweigerd. "Bield
prima Zaandamse mens,"zei hij "Arbeiters in Zaandam wielen
bield. Bield niet meer van Miletic. Bield van arbeiters van
Zaandam. Kunstenaar is van arbeiters.
Hij
gaat met zijn vrouw terug naar Joegoslavië. Daar begint hij
weer opnieuw. Daar zal ook hun tweede kind geboren worden.
"Zijn
tragedie is," zegt zijn vrouw Elisabetta, "dat Kunst
tegenwoordig niet meer voor het volk mag zijn. Wat begrepen
kan worden, is niet goed. Wat modern is en onbegrijpelijk,
is niet te beoordelen en daarom goed".
De Zaandamse arbeiders
hebben óók verloren. Mokkend. Hun "zaak Miletic" ging de
geschiedenis in als – zoals de perschef van Bruynzeel, de
heer Crone het zo treffend zei – "gemelk over een rotbeeld".
De heer Crone had het werk
nooit gezien, toen hij dit zei. Maar als de nachtvorst voor
de zoveelste maal een einde gemaakt zal hebben aan Miletics
Houtwerker, wordt de vraag wie gelijk had vanzelf overbodig.
Henk de
Mari. |

Dirk Versteeg, was bij de onthulling:
Ik heb met groot
genoegen Miletic gadegeslagen.
Hij klom, terwijl ik
mijn tekst stem gaf, omhoog op het
voetstuk.
Daar staande,
bevestigde hij een bloemenhulde aan de houtwerker.
Met deze grandioze
handeling gaf hij het beeld
een ziel.
|
Gedicht van Dirk Versteeg,
voorgedragen na de onthulling.
Geurend hout,
vermengd met stoom.
Bundels hangend
in de boom.
Buitenboord
gedraaid met lieren.
Werkers, bezig
met gestaalde spieren, lossende nog met de hand schepen haast
uit ieder land.
Noren Finnen
Denen Russen,iedere natie is er tussen Zweden Ieren, enzovoort.
De tand des
tijds heeft het verstoord.
Verloren stond
in Amsterdam.
Een beeld van
Zaanse eer.
De werker wiens
gespierde kracht.
Zorgde voor
brood en meer.
De handel en de
industrie.
Die groeiden
door zijn glorie.
Bedienen zich
van vorkheftrucks.
Al het andere is
historie.
Dat beeld van
kracht, geput uit velen.
Wier werkersvrucht, wij allen delen.
In weer en wind,
hier op een brug.
Brengt uit
herinnering, iets bij ons terug.
In de nacht
na 12 uren zijn de straten van Zaandam.
Schijnbaar
leeg de mensen slapen.
Maar weet je
wie ik tegen kwam.
Napoleon hij
liep te flirten, met Vreeman langs de Zaan.
Tsaar Peter
liet zijn boot te water, wilde niet op zijn voetstuk staan.
Tussen bier
en sigaretten, tussen jazz en popfestijn.
Had hij trek
in een verzetje 't viel niet mee om dood te zijn.
Ook kwam ik
in die nachten tegen, kruideniers als Albert Heyn.
Koekebakkers
als Verkade.
William Pont,
ook nog Daam Schijf, 'k zou nog uren kunnen praten van koene
daden groot en klein, als je mij de tijd zou laten zou ik hier
morgen vroeg nog zijn.
Het meeste
spreekt tot mijn verbeelding in 't strijdbaar volk hier aan de
Zaan, dat het na zo vele jaren………Miletic…..niet in zijn hemd
laat staan.
't is een
wonder, haast een wonder, het beeld dat aan zijn brein
ontsproot.
Is
na jaren zwerven dwalen, van Waterlooplein tot in de goot hier
aan de haven aan het water tot herinnering opgesteld.
Aan
die mannen zwoegers, zweters, plankensjouwers voor wat geld.
Ja
zo ben ik dan getroffen door dit beeld van pure kracht, dat uit
het… nabij verleden deze houtwerker mij bracht.
Ja
zo ben ik dan getroffen door dit beeld van pure kracht, dat uit
het… nabij verleden deze houtwerker mij bracht
|
Zondagmiddag
20 juni 2004 is eindelijk, na 40 jaar in Zaandam "DE Houtwerker" aan de
Houthavenkade geplaatst. De beeldhouwer Slavomir Miletic en zijn
vrouw Elisabeth waren per limousine opgehaald. Ruud Vreeman, nu
ex-burgemeester van Zaanstad, verwelkomde de kunstenaar. Er was een
grote groep mensen gekomen om dit mee te maken. Met de auto, met de
fiets en vanaf de Haven kwam men lopend naar dit evenement. Onder
hen de echte houtwerkers van weleer. De Houtwerker is nu in brons
gegoten en kijkt uit over het water van de Zaan.
Daar
waar vroeger de zeeschepen lagen, zij aan zij. Volgeladen met hout.
De houtwerkers haalden stuk voor stuk, soms wel tot 's avonds laat
de boot leeg en legden het hout op dekschuiten die dan naar de
opslagplaatsen gingen op het Eiland. Als je nu het rustige water
bekijkt, kun je je het bijna niet meer voorstellen. De drukte, de
grote zeeschepen, het lawaai van het hout.

De
noeste arbeid van de houtwerkers. En ook de zeelieden uit verre
landen, die de schepen bemanden.
Dàt was de Haven! Daar staat de Houtwerker voor. De Houtwerker is
een eerbetoon aan al de harde werkers.
En, zoals Ruud Vreeman zei in zijn speech: "Ook begon hier het werk
van de houtwerkers-bond. Hier werd geschiedenis geschreven". Ja,
van een oud-vakbondsman mag je dat verwachten.
Een eresaluut aan de harde werkers van weleer. De Houtwerker.
In 1962 kreeg de beeldhouwer Slavomir Miletic van het College van
Burgemeester en Wethouders van Zaandam de opdracht om een beeld te
maken ter ere van de werkers in de Zaanse houtindustrie. De
aangewezen plaats voor het beeld was de in 1958 voltooide
Beatrixbrug.
Op een terrein van de gasfabriek aan de Westzijde begon Miletic in
een loods te werken aan zijn Houtwerker. Het beeld werd echter door
een commissie afgekeurd, daarom wilde het College er van af.
De
houtwerker ging via de Oostzanerdijk naar het Waterlooplein in
Amsterdam, waar het ca. 25 jaar zou blijven staan op de markt. Toen
moest het ook daar weg en het beeld kwam bij een transportbedrijf in
Zaandam.
Via de Zaanse Schans en een bronsgieterij kwam het beeld
uiteindelijk weer in Zaandam, nu Zaanstad, met uitzicht op de
balkenhaven van voorheen.

De
houtwerker hier te zien op het Waterlooplein in Amsterdam.
John F. Kennedy
Na de
moord op John F. Kennedy in november 1963 heeft Miletic een serie
"koppen" gemaakt en veel Zaandammers zullen zich dat herinneren en
hebben toen een kopje gekocht.
In
1697 Czaar Peter the Great stayed for a week at Zaandam to learn the
trade of shipcarpenter. In memory of this event a special token has been
minted, the Zaanse Roebel.
The token, with a nominal value of five guilder, is during the month of
august legal tender in the city of Zaandam.
The obverse of the token shows the portrait of Czar Peter. The reverse
shows the citycrest of Zaandam dating back until 1811.
De
benefits of selling the token will go to two charity goals.
Pinokkio, a daycare facility for handicapt children and to the
foundation "De Houtwerker" (the woodworker).
|
Coin Description |
Obverse |
Reverse |
| |
|
Metal |
Bi-metal
Cupro-Nikkel outer ring
Brass center |
|
Diameter |
30 mm |
|
Weight |
9 gr |
|
Quality |
Circulation |
|
Mintage Number |
10,000 |
|
 |
 |


De fotograaf en Slavomir Miletic.
|
|
Zaandam
"Zaandam" staat in een lijst van steden met
stadsrechtenstad in
de provincie -Noord-Holland die in 1974 is opgegaan in Zaanstad.
Het is de grootste plaats binnen die gemeente. Zaandam ligt aan
weerszijden van de Zaan. Zaandam was eertijds een belangrijke
houthaven en als herinnering daaraan staat sinds -20 juni 2004
een 4 meter hoog beeld, De Houtwerker, van de Joegoslavische
beeldhouwer Slavomir Miletic, aan de voormalige haven opgesteld.
Zaandam is in 1811 ontstaan door samenvoeging van de gemeenten
Oost-zaandam en West-zaandam. De bijnaam van de Zaandammers is
''galgenzagers'', naar het omzagen van de galgen, waaraan de
aanstichters van het turfoproer in 1678 waren opgehangen.
|
|

Zaandam,
Gasfabriekterrein.
"De Houtwerker van de Zaan" Beeldhouwer Slavomir Miletic. |

Zaandam,
aan de Westzijde te Zaandam.
|

Beeldhouwer Miletic met gezin |
|

Zaandam,
Westzijde / hoek Gasfabriek-terrein Gasfabriek. Op de foto de
fotograaf B. Peters uit Zaandam kwam onder de gipsmassa
terecht (zichtbaar tussen de voorste mannen, omstanders
helpen hem bevrijden).
|

Zaandam
Rustenburg 107
transport van een beeld van Miletic.
links: de slopersbaas Maarten Mooy (later overleden) |

Zaandam,
Westzijde / hoek Vincent van Goghweg-terrein van Gasfabriek. Het gipsmodel van Slavomir Miletic,
dat 4 meter hoog was, is een kwartier voor de bezichtiging
in elkaar gezakt. Op de foto de verslagen kunstenaar en zijn
vrouw tussen de stukken van zijn gipsen nederlaag, waaraan
hij 5 maanden heeft gewerkt. |
|

Zaandam,
Rustenburg 107
Kunstenaar Miletic aan het werk. |

Zaandam,
Rustenburg 107. Kunstenaar Miletic met vrouw en kind bij
zijn beeld "De Houtwerker"
(Gipsmodel)
|

Zaandam,
Westzijde/hoek Vincent van Goghweg.
Op de foto legt Miletic de laatste hand aan het gipsen
beeld. |
|

Onthulling
beeld "Pourquoi" op het gazon voor flatgebouw Breestraat hoek
Verzetstraat. |

Zaandam,
Westzijde / hoek Vincent van Goghweg terrein Gasfabriek. Op de foto de verslagen kunstenaar
tussen de stukken van zijn gipsen nederlaag onder de ogen
van het grote publiek dat dit drama meemaakte.
|


Transport
van een beeld van Miletic. |
|

Rustenburg
107, huis van beeldhouwer Miletic. |

Zaandam,
Rustenburg 107.
Sloop perceel - (huis van kunstenaar Miletic)
|
|

Zaandam, Rustenburg 107.
Sloop van perceel - alsmede het verwijderen van het beeld
van Miletic. |

Rustenburg te Zaandam, In het 2de huis van links heeft de
Joegoslavische beeldhouwer Miletiç gewoond. |

Ingezonden door T. Verhoeff. 12 oktober
1994. Zaandam -Het meest omstreden beeld van Nederland keerde vorige
week na een zwerftocht van ruim dertig jaar terug in de stad waar het
ooit werd ontworpen en afgewezen: Zaandam. het is "De Houtwerker" het
levenswerk van van de Joegoslavische kunstenaar Slavomir Miletic. Alles
wat mis kon gaan rond dit imposante vier meter hoge beeld ging mis.
Miletic en zijn vrouw liepen er een trauma van op maar er is weer hoop.
Dit is al 32 jaar de droom van Slavomir
Miletic: "De Houtwerker" op de Beatrixbrug over de Zaan in het centrum
van Zaandam.
Al zakt dit beeld in het veen, dan weet ik
zeker, dat het over honderd jaar wordt opgegraven en dat men het dan
hier in Zaandam zal plaatsen op de plek waar het hoort. Om dit beeld
hangt zoveel geschiedenis en emotie dat je er gewoon niet meer om heen
kunt.
Zo wordt het vier meter hoge beeld van de
Joegoslavische kunstenaar Slavomir Miletic, getypeerd en dat al meer dan
dertig jaar in opspraak is: "De Houtwerker". Nog nooit werd er in ons
land zo lang en zo vaak gezeuld met een kunstwerk, het levenswerk van de
Joegoslaaf. Hij kreeg in 1962 opdracht van de gemeente Zaandam een beeld
te ontwerpen voor de nieuwe Beatrixbrug in het centrum van de snel
groeiende stad even ten noorden van Amsterdam. Als een bezetene zette
Miletic, een man met het uiterlijk van een partizaan en
een passiespeler tegelijk, zich aan het werk, maar hij kreeg de klap van
zijn leven, toen de gemeente zijn ontwerp afwees, terwijl het al bijna
was voltooid.
De media stonden bol over de affaire. Terwijl bijna de hele Zaandamse
bevolking Miletic steunde, hield het gemeentebestuur voet bij stuk. "De
Houtwerker" verdween roemloos uit de streek waarvoor de kunstenaar het
bedoeld had.
"Ik woonde in de buurt waar Miletic aan zijn beeld werkte. Als
schooljongen kwam ik er dagelijks voorbij. Toen voelde ik al het
onrecht, dat die hard werkende man werd aangedaan. Ik zag de tragedie er
omheen. Maar ja, ik was een kind en niemand kon er verder iets aan
doen",
vertelde Wim Pieters. Die later directeur werd van een transportbedrijf
en onlangs een verslag las van de gemeenteraadsvergadering, waarin de
Houtwerker opnieuw ter sprake kwam."
Symbool.
Het pleidooi van het D66 raadslid de heer
Jan de Vries, uit Krommenie, was hem uit het hart gegrepen. "Hij vond
dat het beeld eindelijk naar Zaandam moest komen. Net als voor hem
symboliseert het voor mij de werklust en het doorzettingsvermogen van de
Zaankanter. Men
mag er in deze streek best trots op zijn, dat de kost hier al honderden
jaren met de blote handen eerlijk wordt verdiend. Miletic heeft dat
begrepen. "De Houtwerker"is precies zoals de Zaankanters zijn. Eerlijk
en open. Begin oktober kreeg Pieters toestemming van de gemeente
Amsterdam het beeld naar zijn bedrijf in Zaandam te halen. De twaalfde
was het zover: "De Houtwerker" was na dertig jaar omzwervingen weer
thuis op de plaats waar hij hoort: Zaandam. Dezelfde plaats waar het
gemeentebestuur in 1962 opdracht had gegeven voor het ontwerp, en
dezelfde plaats, waar het beeld een jaar later door hetzelfde gemeente
bestuur werd verbannen. het was een historisch moment, toen het enorme
beeld, dat zo'n 6500 kilo weegt, op het bedrijfsterrein van Pieters werd
geplaatst. "De emoties van het publiek waren veel groter dan ik had
verwacht. Je kon aan alles merken dat dit beeld de mensen hier altijd
bezig heeft gehouden. Binnen een paar dagen kwamen er meer dan honderd
mensen, die met het beeld op de foto wilden en spontaan geld schonken
als bijdrage in de kosten of die zomaar gedichten over de Houtwerker
kwamen brengen."
Wie is Slavomir Miletic, de schepper van
dit monument van Zaanse werklust? Hij is nu 64 jaar en verblijft op een
onbekende bestemming in het buitenland, geknakt door alles wat hij in
zijn opmerkelijke carrière heeft meegemaakt. ln 1962 kwam hij berooid
naar Koog aan de Zaan, waar hij aanvankelijk alleen de kost kon
verdienen als arbeider in de puddingfabriek van Honig. Zijn vrienden
omschrijven hem als een onstuimig kind, overborrelend van energie, dat
dag en nacht werkte en ging slapen met het cement van het beeld, waarmee
hij bezig was, nog in zijn weelderige baard. Hij liet zelfs vloeren uit
zijn woning slopen omzijn immense beelden in zijn tot atelier verbouwde
woonkamer
gestalte te kunnen geven.
Jan Prins, destijds een achttienjarige Leerling-verslaggever van het
streekblad De Zaanlander, inmiddels hoofdredacteur van het
Rotterdams Dagblad, en vanaf het eerste uur bewogen getuige van van het
drama Miletic zegt: "Ik ben er indertijd bij geweest, toen de
burgemeester en de wethouder van cultuur bij Miletic kwamen om hem de
opdracht voor dit beeld te geven. Ze vroegen wat hij van plan
was; Hij pakte een pen en tekende onmiddellijk voor de verbouwereerde
bestuurders een eerste ontwerp voor "De Houtwerker" op het behang van
zijn woonkamer."
De summiere schets op het behang groeide in razend tempo uit tot een
beeld, waar tientallen jaren alles mee mis zou gaan. Het werd om
technische " en esthetische redenen afgekeurd. Terwijl de
beeldhouwer in 1963 druk aan zijn opdracht werkte, gebeurde er iets
vreemds. Het college van burgemeester en wethouders vroeg plotseling
twee deskundigen, om advies. Die 'geheime commissie' (bestaande uit
Pierre Janssen, directeur van de Rotterdamse Academie van Beeldende
Kunsten en zijn vriend K. Schuurman) adviseerde negatief, en B en W
besloten het beeld voornamelijk op technische gronden af te keuren.
Miletic kreeg in juni 1963 schriftelijk bericht dat het beeld om
technische en artistieke redenen niet werd geaccepteerd. Miletic was
woedend. De pers stortte zich op de zaak, kunstcritici gaven hun mening
en de bevolking protesteerde. De ophef leidde tot een nieuwe commissie.
Ondertussen maakte Miletic zijn beeld toch af. Eerst in,
klei, daarna in gips, op het buitenterrein van de gasfabriek aan de
Vincent van Goghweg.
Het eerste kleimodel
stortte in wegens plotseling invallende dooi in de barre winter van
1963. Nadat een nieuw gipsmodel was gemaakt, besloot de gemeente Zaandam
het van haar terreinen te laten verwijderen. In het holst van de nacht
in 1964 hees Gemeentewerken "De Houtwerker" ruw aan een been op, waarna het
beeld opnieuw in stukken uiteen viel. Miletic was onverwoestbaar.

Hier is Miletic te zien in 1964 bij de
vernielde Houtwerker.
Gesteund door een Zaandamse aannemer ging hij verder.
De Houtwerker verrees
nu in beton op Amsterdams, grondgebied,(Aan de hand van de
oorspronkelijke mallen herbouwde Miletic het beeld aan de Oostzanerdijk.
Het werd een betonnen' reus van 4,35 meter hoog en
vijfduizend kilo zwaar), alhoewel dat eigenlijk zeer tegen de wil
van
Miletic in was. "Het kon niet
anders", verklaarde de Joegoslaaf tot tranen toe bewogen. Dit beeld is maar voor één
plaats 'geschikt: Zaandam, de
houtstad van Nederland, waar
ik de houtwerkers persoonlijk
heb leren kennen als eerlijke,
sterke kerels."
De emoties liepen hoog op.
Zelfs jonkheer dr. W. Sandberg,
voormalig directeur van
het Stedelijk Museum in Amsterdam,
nam het voor Miletic op: "Ik beschouw hem als een zeer bezield
beeldhouwer, wiens werk niet alleen vele deskundigen onder zijn
bewonderaars telt, maar die ook dikwijls de gewone man aanspreekt. Hij
kreeg ook steun van de beroemde Franse filosoof Jean Paul Sartre: "Ik
verlang dat er recht gedaan wordt aan Slavomir Miletic."
Ook in Amsterdam rustte er geen zegen op het beeld. Het kwam terecht op
het Waterlooplein, nadat de marktkooplieden er voor één miljoen gulden
en een kwartje" eigenaar van waren geworden. Alleen het kwartje werd
betaald, waardoor het eigendomsrecht momenteel zeer omstreden is. "Ook
enkele particulieren zeggen dat ze de eigenaar zijn", meldt Sian-Lie
Thio, een woordvoerster van de afdeling Stedelijk Beheer van de gemeente
Amsterdam, welke instantie zich thans de "zakelijk waarnemer" van het
beeld noemt. De Houtwerker werd vijf jaar geleden door de gemeente
Amsterdam van het befaamde Waterlooplein verwijderd, omdat men
doodsbenauwd was dat er auto's tegen aan zouden botsen en brokstukken
van het beeld naar beneden zouden storten.
Zo kwam het meest omstreden beeld van Nederland op een achteraf terrein
aan de Wenckebachweg in Amsterdam terecht. Miletic had de
hoop, dat zijn levenswerk ooit nog op de plek van bestemming in Zaandam
zou komen, opgegeven. Waar hij momenteel verblijft, is niet bekend. Wim
Pieters zoekt hem, want hij wil toestemming van de kunstenaar
persoonlijk om de definitieve plaatsing van het beeld in Zaandam
mogelijk te maken.
Hannes Freyee zal dat niet meer meemaken. Deze Zaandamse arbeider stond
32 jaar geleden model voor De Houtwerker. De robuuste Zaandammer stond
zo'n zes maanden lang met ontbloot bovenlijf op een kabelhaspel in een
kille loods tijdens de barre winter van 1963.
Slavomir Miletic, die nu op een geheim
adres in het buitenland verblijft, bij zijn levenswerk.
Altijd koud.
Freyee vertelde eens: "Elke dag na mijn
werk ging ik erheen Als ik 's avonds thuis kwam was het eten altijd
koud. Daarom kreeg ik van gemeente architect Bakker toestemming in de
baas zijn tijd model te staan. De afwijzing van het beeld was ook een
klap voor mij."
Freyee kon er jaren later nog woedend over worden. Hij zei: "De
commissie van deskundigen had kritiek op de grote handen en voeten van
De Houtwerker. Dat vond ik heel raar. De houtwerkers van vroeger waren
allemaal enorme kerels. Die hadden armen zo dik als bomen. En
poten....Nou ja, dat waren gewoon kerktorens. "
Hannes Freyee was niet de enige in de Zaanstreek die er zo over dacht.
Er werden spontane demonstraties gehouden om Miletic te steunen. Niet
minder dan 12.000 Zaankanters bezochten een tentoonstelling, van het
werk van de kunstenaar. Een record voor een, culturele manifestatie in
de streek, dat daarna nooit' meer gebroken werd. Acht jaar geleden werd
de stichting "De Houtwerker" opgericht, die met allerlei acties
probeerde het beeld van het Waterlooplein in Amsterdam naar Zaandam te
krijgen.
Erwin Olij, later hoofdredacteur van de plaatselijke kabelkrant en
voorzitter van de 'slapende stichting' stond een middag lang als
levende
Houtwerker op de Beatrixbrug in het centrum van de stad, de
oorspronkelijke bestemming van het kunstwerk.
"Mijn vriendin Janet smeerde mij de hele middag in met bagger uit de
Zaan", vertelt hij. "Tijdens een enquête was vrijwel niemand van de 600
ondervraagden tegen plaatsing in Zaandam."
De acties leidden er toe, dat het gemeentebestuur voor het eerst in
vijfentwintig jaar zijn onoverkomelijke bezwaren tegen de terugkomst van
De Houtwerker introk. Maar men wilde er geen cent insteken. De
stichtingbestuurders overhandigden de toenmalige burgemeester A.
Lems een fles slivovitch, de drank uit het land van Miletic. Lems
verklaarde plechtig: "Deze fles zullen we niet eerder openen, voordat
het beeld hier een goed plaatsje heeft. Tot zolang zullen we deze fles
in een vitrine in de hal van het stadhuis tentoonstellen."
Daar is deze fles nog steeds te bezichtigen.
Acht jaar na dat besluit is de heer Pieters bezig de krachten in de
Zaanstreek te bundelen om het beeld eindelijk op een markant punt in het
centrum bij de haven geplaatst te krijgen. Daarvoor is een bedrag van
ongeveer 100.000 gulden nodig, waarmee het beeld in brons gegoten kan
worden.
De heer Prins, die 32 jaar geleden als eerste over het fenomeen Miletic
schreef, onthult: "Het hele drama is terug te voeren tot een botsing der
geesten tussen de toenmalige gemeentearchitect Bakker en Miletic. Het
beeld moest op de Beatrixbrug geplaatst worden. Deze brug was het
levenswerk van Bakker en hij was een liefhebber van moderne kunst.
Terwijl Mlletic in een hal van de gemeente zijn Houtwerker creëerde,
zijn levenswerk, bleef Bakker hem dagelijks bestoken met luxueuze boeken
over kunstenaars die hem persoonlijk aanspraken. Miletic, die gewoon
kunst wilde maken die het volk begreep, werd daar zo kribbig over dat
hij Bakker de toegang tot zijn
eigen hal ontzegde. Kort daarna zei de gemeentearchitect hem dat hij wel
kon stoppen, omdat zijn beeld was afgekeurd.
De heer Prins voegt er aan toe: "Miletic is indertijd uiterst
onrechtvaardig behandeld. Zijn beeld werd in eerste instantie afgekeurd
door een commissie die het nooit heeft gezien. Nu zou plaatsing in
Zaandam een hulde zijn aan de democratie van een overheid, die rekening
met de wil van de bevolking houdt."
En de heer Pieters, de man die het beeld naar de Zaan terughaalde, zegt:
"Aan De Houtwerker kleven zoveel emoties, dat niemand meer om dat beeld
heen kan, Ik hoop dat volgend jaar alles in kannen en kruiken is. Dan
wordt Slavomir Miletic vijfenzestig jaar. Wat zou er mooier zijn dan dat
hij op die dag getuige mag zijn van de onthulling van De Houtwerker op
een plek, waarvan hij 32 jaar geleden al droomde."

Slavomir Miletic.
Geheimen.
De commissies die adviseerden over de
Houtwerker waren omgeven door geheimzinnigheid. Aanvankelijk was niet
bekend wie erin zaten.
Later kwam de naam van museumdirecteur Pierre Janssen boven drijven. Hij
bekende dat de commissie nooit bijeen is geweest en dat hij nooit een
berekening heeft gezien, die aantoont dat De Houtwerker constructief
onmogelijk was. De tweede adviescommissie werd samengesteld door iemand
die antihoutwerker was. De objectiviteit van die commissie is te
betwijfelen. Volgens een onderzoek van Miletic-aanhangers is De
Houtwerker willens en wetens tegengehouden door ambtenaren die zich
gepasseerd voelden door het in hun ogen voorbarige besluit van wethouder
Rinus Hille.

Hier is te zien hoe het beeld (her)
geplaatst werd aan de Houthavenkade te Zaandam.

ZAANDAM - De Houtwerker, is verplaatst
van het Zaans Museum naar het grasveld bij het Kunstcentrum.

De zoveelste reis voor "De Houtwerker".
De betonnen Houtwerker, die Slavomir
Miletic in 1962 maakte met de bedoeling dat er,een bronzen afgietsel op
de Beatrixbrug zou komen, is donderdag neer gezet bij het Kunstcentrum
aan de Vincent van Goghweg. Het was de zoveelste reis van het beeld.
Vervaardigd bij de
gasfabriek in de Westzijde, als banneling neergezet onderaan de Noorder
IJ- en Zeedijk, verkocht aan koopmannen van het Waterlooplein; gedumpt
op een Amsterdamse gemeentewerf als held teruggehaald naar de
Provincialeweg in Zaandam, na veertig jaar eindelijk naar die
bronsgieterij. Het eindproduct staat aan de Houthavenkade, zijn betonnen
vader stond bij het ZaansMuseum, Daar was het een sta-in-de-weg sinds de
bouw van het Verkadepaviljoen en daarom ging de Houtwerker weer op
transport. Dit keer naar de Van Goghweg, waar de Houtwerker, ver weg
staat van het hout. Maar waar de naam van Miletic wel verbonden is aan
die van veel andere kunstenaars.'
En zo is er veel gebeurd met dit mooie
beeld gemaakt door een evenzo mooie volhardende man de kunstenaar
Slavomir Miletic. De man die nooit genoeg gewaardeerd is geweest, de man
die werd benaderd met een hoogmoed en een laatdunkendheid over zijn
kunstenaarsschap. De goede vrienden die waren er ook...de vele
Zaankanters, de stichting "Vrienden De Houtwerker" vooral niet te
vergeten. Eind december 1988 gooide de stichting het bijltje erbij neer.
Het was de stichting niet gelukt de benodigde 85.000 gulden los te
peuteren bij het bedrijfsleven en de bevolking.
Home
Niets uit deze
website mag worden
verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt
of op andere wijze gebruikt worden
zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de samensteller.
|