De
foto die toen is gemaakt, kwam ik deze week
tegen en daar wil ik wat over vertellen. Om bij
de rechter paal te beginnen , daar staat
ondergetekende met naast mij Jurjen Bootsma. Dan
komen Sietse Poepjes en Wieberen Seldethuis.
Vooraan bij de eerste ton staat Johannes Bosma
dat was een jongen die je alle dagen zag en die
ineens een week of wat verdwenen was. En als je
dan vroeg buurman waar heb je zolang gezeten,
dan was het antwoord onkruid vergaat niet.
Verder op de foto zien we Siemen Zeldenthuis.
Deze kende ik heel goed om dat mijn oudste broer
Ferdinand bij hem voer. Er werd altijd veel
gelachen, als het 's morgens 11 uur was zei hij
Ferdinand jij red het verder wel, dan ga ik geld
van de afslag halen. Zeldenthuis had drie zoons,
Wieberen, Hans, Marten en drie meisjes, Kee
getrouwd met Johannes de Jong en Hieleke en
Renske die in Amsterdam wonen.
Naast Zeldenthuis staat Willem Bootsma, dan zijn
vader C.Bootsma zij woonde tussen de Schans en
het Achterom. Daar waren vier jongens en twee
meisjes, de oudste Germ is overleden verder
waren er Andries, Sake, en Willem en de meisjes
Iemke en Albertje allemaal mensen tussen de 70
en 80 jaar. Andries (getrouwd met Zwaantje
Dijkstra) is al over de 80.
Weer verder op de foto. Daar zien we een man op
de fiets, dat is Hidde Visser. Verder op met
baard, zien we Teade Wouda als reder. De man op
de fiets is slager Rijpkema. Hij zal wel met
vlees langs de vissers zijn geweest. Hij had een
slagerij op de Polderdijk. Onder de giek van een
van de schepen door is op de Oostdam het oude
badhokje nog te zien.
De palen
met de witte koppen op de voorgrond zijn later
door Willem de Blauw afgezaagd, ze hebben hun
weg gevonden als brandhout in zijn kachel. Ik
heb hem toen nog geholpen met het afzagen. Daar
zou ik nog een heel verhaal over kunnen
vertellen, want Willem was een prettige baas
voor mij.
In die tijd
kwamen ook de vakantiebonnen in de mode. Als ik
hem daar naar vroeg, dan gaf hij mij zogenaamd
altijd verscheidene van 2 cent.
Home