Feest op
de haven.
Toen ik om half acht in de kamer kwam was er nog
geen brood binnen gekomen. Er stonden al schippers
voor de deur te wachten en een paar waren al met
lege handen teruggegaan. Even later werd het brood
gebracht, door een storing in de bakkerij was het
brood zo laat geworden. We proberen van ieder soort
een paar te snijden, zodat er wat voorraad komt voor
de klanten die nu geholpen moeten worden.
Hier boven had ik het over de schippers, deze week
las ik dat de gemeente de bedoeling heeft om de
schepen van de bruine vloot, naar de buiten haven
over te brengen zodat de binnen haven helemaal
beschikbaar komt voor de pleziervaart. Er moeten dan
steigers in de haven worden aangelegd. Als Lemster
zie ik het anders, en ik reken er op dat er hier
niet mee wordt door gegaan.
De havens zijn toch in de eerste plaats gebouwd voor
de beroepsvaart, de visserij en de beurtvaarten en
niet voor de pleziervaart, voor die schepen zijn er
toch wel anderen aanleg plaatsen te vinden. In
gedachten hoor ik al de stemmen die zeggen dat je de
mensen met de dikste beursen, in het centrum moet
houden maar daar staat tegen over, dat aan boord van
de bruinen schepen de bruinen vloot meestal het
grootste aantal monden is dat gevoed moet worden.
Al deze schepen naar de buitenhaven verbannen worden
heb je de kans dat er nog meer dan tot nu toe
levensmiddelen van uit de Duitse woonplaats worden
meegenomen en dat die handel Lemmer voorbij gaat,
verder zullen de genen die hier wel blijven winkelen
in hoofdzaak worden opgevangen, door de grote
winkels aan de Nieuwedijk en de Stationsweg van de
wist van die bedrijven blijft maar weinig in Lemmer
achter.
Ik hoop dat de mensen die hier over moeten beslissen
er voor zullen zorgen, dat zoveel mogelijk van deze
schepen als sieraden in de binnenhaven zullen
blijven liggen. Niet alleen in het vaarseizoen maar
ook in de wintermaanden, als de pleziervaart
verdwenen is zou het ook prachtig zijn als er een
stuk of wat in het Dok zou overwinteren.
Het moet met de schepen niet zo gaan als met de
voetbalverenging Lemmer: door de Lemster arbeiders
met dubbeltjes en stuivers tot bloei gebracht en nu
voor wat sponsorgeld aan het kapitaal overgeleverd.
Zelfs de naam werd er voor aangepast, een paar
vlaggen van de betreffende Firma op het terrein was
ook wel voldoende geweest.
Toen Klaasje vanmorgen weg ging zei ze, met zulk
weer kun je er vanmiddag wel uit, het is nu half
vier en ik ga er op uit. Meteen als ik de deur uit
loop moet ik voor het zebrapad wachten op tweebussen
van de Zuid-West-Hoek zou ik schrijven, maar zo heet
die onderneming allang niet meer.
Onderweg nog twee keer op adem komen en dan sta ik
op mijn stekje, op de banken zitten een paar mannen
en vrouwen en op straat is het nog behoorlijk druk.
In de oude haven licht een jachtje, de Lemster aken
die anders liggen zijn nu afwezig. Ze zullen wel in
Stavoren zitten voor de bolkoppenrace. Het is wel
gezellig bij de brug maar met de oostenwind is het
fris en ga ik weer naar Nieuwburen.
Als we zo meteen ons brood eten hebben we er geen
makreel meer bij zoals vorige week. Toen werd ons
een pakje heerlijk gerookte makreel gebracht. Daar
hebben we vier avonden van gesmuld, nu gaan we maar
weer over op zure haring en spekbokking. zolang ik
mij kan herinneren zijn we eigenlijk geen dag zonder
vis geweest. Maar de zure haring zoals die hier in
Lemmer werd ingelegd is er niet meer.
Wat er nu te koop is eten we om dat er anders niets
is. Het gewicht zit wel in zo′n potje, maar het zijn
meest kleine harinkjes, sprot en drieling zoals wij
die noemde en geen volle haring. Maandag al vroeg
vraag naar harde broodjes, ook naar anderen dingen,
die we niet te koop hebben, er wordt dan vaak
gevraagd. Kaas eieren en vleeswaar zijn de meest
gevraagde artikelen dan is het niet moeilijk om de
mensen verder te helpen.
Nu was het nog te vroeg, aan de overkant was de deur
nog niet los en met weinig hoop op succes stuur je
de mensen door naar de Kortestreek. Op maandag zijn
er veel winkels gesloten de hele of de halve dag en
je weet niet wat je de mensen moet aanraden.
′s middags ga ik naar de brug en hoor van Hendrik
Kingma dat de Lemster aak die op het terrein van
Van der Neut lag opgeknapt zal worden. Op ons
zondags ritje komen we er al jaren langs. Eerst lag
hij er heel opvallend. Maar de bomen zijn intussen
zo ver gegroeid zo dat je hem in de zomer maanden
nauwelijks zag liggen. We verwachten dat hij daar
zou blijven roesten, maar dit is beter. Later hoorde
ik van Jelle dat hij er bij was geweest met de
tewaterlating.
Deze week hing Lemmer vol met vlaggen van de
zonnebloem, deze vereniging hield een ledenwerfactie
Wij kregen twee meisjes in de winkel om te vragen
wat dat betekende, "Hwat docht zonnebloem dan"?
wilde ze weten, "Dy gean nei sike minske ta".
ongerust vroegen ze, "Hwat dogge se dan mei dy siken"?
Toen we vertelden dat die mensen een praatje maakten
en een bloemetje brachten vertrokken de kinderen
tevreden en opgelucht.
Deze week was een Duitse vrouw bezig haar man te
filmen bij ons voor de deur. Toen moest hij voor de
etalage gaan staan onder de naam Schirm even later
kwam de vrouw binnen om een kleinigheid te kopen, en
zij vertelde dat haar man ook de naam Schirm droeg.
Om dat de voorouders van mijn vrouw ook uit
Duitsland zijn gekomen zou er dus een mogelijkheid
bestaan van een familie band maar daar kom je bij zo
kort bezoekje toch niet achter. (Zie onder bijlage)
Deze foto is gemaakt op de Vluchthaven op de
achtergrond zien we vaag de Westdam met de
vuurtoren. De visserschepen hebben allemaal de vlag
in de mast. De palen voor het drogen van de netten
zijn te zien en op de voorgrond in de omgeving van
de taanbom, en het weggetje naar de Schans is het
vol met feestelijke uit gedoste mensen. Vlagen
vlaggetjes en Sjerpen. De vraag was wat is hier in
Lemmer aan de hand.
Naar mijn idee zou het wel eens een foto kunnen zijn
die gemaakt is bij de onafhankelijkheidsfeesten in
1913 in het boek van Agnes post over Lemmer staat
een foto van dat feest, op de ereboog op de Schans
staat in grote letters, leven de vissersvloot. Dat
wijst er op hoe wijs men toen op de visserij was.
Bijlage
Antje Jacoba
Waterborg
Geboorteakte 10/11/1882: geboren 10/11 Antje Jacoba,
dochter van Harm Waterborg, 32 jaar,
scheepskapitein, en Harmina Ritsema.
Heden overleed onze lieve Man, Vader, Behuwd‑ en
Grootvader Jurjen de Rook Pzn., in de leeftijd van
bijna 71 jaar. Amstelveen, 21 Jan. 1953. Da
Costalaan 47. A.J. de Rook‑Waterborg. ... De
crematie zal plaats hebben Zaterdag 24 Jan. a.s., na
aankomst van trein 10.30 uur te Driehuis‑Westerveld.
De trein voor belangstellenden vertrekt van
Amsterdam‑C.S. te 10 uur.
Na een langdurig maar zeer moedig gedragen lijden is
op 86‑jarige leeftijd van ons heengegaan onze lieve
Moeder, Behuwd‑, Groot‑ en Overgrootmoeder Antje
Jacoba Waterborg, sedert 1953 weduwe van Jurjen de
Rook. Meppel: H. de Vries‑de Rook, W. de Vries;
Lemmer: J.J. Schirm‑de Rook, A.J. Schirm;
Amstelveen: F.J. de Rook; Delft: J. Wolf‑de Rook;
Amstelveen: A.E. de Jong‑de Rook, H. de Jong, Klein‑
en achterkleinkinderen. Mijdrecht, 10 april 1969,
Huize "Avondlicht", Correspondentie‑adres: da
Costalaan 47, Amstelveen. De crematie zal
plaatshebben te Velsen, dinsdag 15 april a.s. na
aankomst van trein 11.34 uur, halte Westerveld.
Vertrek vanaf Huize "Avondlicht", Mijdrecht, te
10.15 uur.
28, A.J.Verster, Canada, April 1987.
Overlijdensbericht, kopie aanwezig.
Overlijden Antje Jacoba Waterborg: 10/04/1961
Mijdrecht.
Huwelijksdatum: 22/08/1907 Groningen.
Kinderen: 1. Harmina, 2. Judith Johanna, 3.
Foktje Jacoba, 4. Johanna, 5. Alida Elizabeth
Judith trouwt Schirm.
1, Fred Wijburg, in lijsten, geen bronvermelding.