|
TERUG
NIEUWE FRIESCHE COURANT.
Uitgave Firma Koopman & Knol
te Lemmer.
Collectie couranten van:
Oudheidskamer Lemster
Fiifgea,
waar veel voorwerpen
bijeengebracht zijn, die
tastbare herinneringen
brengen aan de voormalige
visserij en scheepvaart op
de Zuiderzee, de veenderij
en het dagelijks leven in
Lemmer in vroeger tijden.
|
Zaterdag: Augustus
1925 |
Courant d.d.
01-08-1925/29-08-1925 |
47ste Jaargang. |
|
|
Plaatselijk
Nieuws.
Oosterzee 29
Juli.
Schipper
Bruinsma van
Sneek zou
heden met
een ledig
bokvaartuig
de
Grietersschebrug
passeeren.
Zijn 5 jarig
dochtertje
zat op het
voordek der
schuit. Om
reden dat
het vaartuig
te hoog was,
kon het de
brug niet
passeeren,
zonder dat
deze
eenigszins
opgetrokken
werd.
Hiervoor
zorgde zijn
zoon.
Onderwijl
naderde de
heer F.
Muurling van
Lemmer met
zijn
vrachtauto.
Blijkbaar
bemerkte
Muurling
niet, dat de
brug
opengetrokken
was en reed
der halve
door.
Het
dochtertje,
door den
vader nog
tijdig
gewaarschuwd,
wist door in
het ruim der
schuit te
springen,
zich te
redden. De
voorsteven,
die al onder
de brug was,
werd evenwel
deerlijk
gehavend.
Lees meer
... |
|
|
Gemengd
Nieuws.
1
Augustus
1925.
Vreemde
zeden,
Bij een
volkstam
in den
Congo
hangt de
officieële
tijd,
waarin
een
weduwe
geen
nieuwe
man en
een
weduwnaar
geen
andere
vrouw
mag
nemen,
af van
de wind!
Onmiddellijk
na het
overlijden
van een
der
echtgenoten
hijscht
de
overlevende
helft
aan een
bam-boe-stok
een vlag
van
lichte
wolle
stof.
Zolang
de vlag
heel
blijft,
mag er
niet aan
trouwen
gedacht
worden;
heeft
echter
de wind
de vlag
gescheurd,
dan mag
er een
nieuwe
echtverbintenis
worden
aangegaan.
Het
gebeurd
echter
niet
zelden,
dat er
een
handje
geholpen
wordt en
er een
scheur
in de
vlag
komt
waaraan
de wind
totaal
geen
schuld
heeft.
Wordt
een
dergelijk
bedrog
niet
ontdekt,
dan kan
de
minnende
weduwe
den
nieuwe
man hare
keuze
natuurlijk
ongehinderd
nemen;
wordt
het
echter
ontdekt,
dan
wordt
zij door
den stam
uitgestooten
en de
woestijn
ingejaagd
waar zij
jammerlijk
om het
leven
komt.
_o_
Een
schadelijke
achteloosheid.
Bij
reparatie
te
Amsterdam
van een
watertank
van het
Stoomschip
"Amersfoord"
vergat
men een
mangatdeksel
aan te
brengen.
Toen nu
te
Delfzijl
het
schip
gelost
werd,
wilde
men de
tank
laten
volloopen,
doch
door het
ontbreken
van het
genoemde
deksel
stroomde
het
water in
het
achterruim.
Ruim 300
ton
chili en
salpeter
werd
waardeloos.
De
schade
beloopt
tusschen
de 30 en
40
duizend
gulden.
_o_
Een
hardhandige
Baron.
Voor de
politierechter
te
Zwolle
stond
terecht
F.E.
baron M.,
wonende
op zijn
landgoed
in de
gemeente
Ommen,
omdat
hij op
den
avond
van 29
Juni
zijn
tuinknecht
en
huisbewaarder
Gerrit
van
Veelen
met zijn
zware
ebbenhouten
stok
herhaalde
malen
geslagen
had.
Van
Veelen
was met
zijn
vrouw
naar een
concert
te Ommen
geweest,
nadat
hij de
baron om
permissie
had
gevraagd.
De baron
had
gemeend,
dat van
Veelen
alleen
voor
zichzelf
verlof
vroeg en
toen hij
's
avonds
merkte
dat de
vrouw
ook
meegegaan
was,
liet hij
hen
ophalen,
zette
zijn
stok
achter
het
tuinhek
en toen
zij
thuis
kwamen
wilde
hij
eerst de
vrouw
slaan.
Van
Geelen
kwam
tusschenbeide
en kreeg
toen een
aantal
slagen.
De baron
werd
veroordeeld
tot de
hoogste
boete, f
300,-
sub. 30
dagen
hechtenis.
Hij had
wel eens
eerder
den
postdirecteur
van
Ommen
mishandeld;
de zaak
was toen
niet
vervolgd
|




|
Kantongerecht,
te Lemmer,
zitting op
Dinsdag 11
Augustus
1925.
Na
behandeling
der
kinderzaken,
is het Anne
R.
Slager te
Lemmer,
wiens naam
het eerst
wordt
afgeroepen
om voor den
kantonrechter
te
verschijnen.
R. Slager is
echter niet
verschenen
en wordt
zijn zaak
bij verstek
behandeld.
Als
getuigen
wordt dan
gehoord D.
Sijswerda,
slager te
Lemmer in
dienst van
Koopmans.
Deze getuige
deelt mede,
dat op 20
Mei jl. R.
drie varkens
thuis kreeg,
waardoor één
door de
warmte
bevangen,
direct moest
worden
geslacht.
Dit
geschiede in
de
slachtplaats
van Koopmans.
Terverkoming
van bederf
had getuige
direct de
longen van
het hart
afgesneden
en daar
juist de
aschpraam
passeerde,
had hij
zonder er
verder bij
na te
denken, met
deze de
ingewanden
medegegeven.
Getuigen B.
de Vries,
districtsveearts,
wordt
gehoord als
getuige
deskundige.
Uit de
verklaringen
van dezen
getuigen
blijkt, dat
het varken,
door R.
aangegeven,
reeds
geslacht was
vóór de
eerste
keurig was
geschied.
Dit kon
echter
worden
beschouwd
als een
noodslachting.
De inwendige
organen,
waarvan kan
worden
nagegaan of
de slachting
in nood
moest
geschieden,
waren echter
niet meer
aanwezig.
Procesverbaal
moest der
halve worden
opgemaakt.
Overeenkomstig
den eisch
wordt
beklaagde
veroordeeld
tot f 2,-
boete sub. 2
dagen
hechtenis.
Lees meer
...
 
 |
|