Terug

Plaatselijk Nieuws.

Vervolg.

Lemmer, 11 Juni.

Hedennamiddag zou de heer Oorburg een door hem herstelde sloep naar den overkant van den Rien brengen en met hem stapte ook nog de zeilmaker van Kalsbeek en 5 schippersknechten in het vaartuig. In het midden van het vaarwater lieten een paar der inzittenden de boot eens flink schommelen, met het gevolg dat deze kantelde en direct zonk, terwijl de inzittende allen te water geraakte. Vijf van deze waren in staat zich al zwemmende zelf te redden; de twee andere konden echter niet zwemmen, doch werden door eenige, in de nabijheid gelegen, schippers opgepikt en aan de wal gebracht. De onvoorzichtigheid van het schommelen had hier leelijke gevolgen kunnen hebben. Nu liep alles gelukkig nog goed af.

_o_

Lemmer, 11 Juni.

De gevolgen der vervuiling van de vluchthaven doen zich wederom voelen. Een visscherman die hier hedenmorgen met bot binnen kwam, moest maar zeer spoedig zorgen dat zijn visch aan den afslag kwam, daar er anders veel kans bestond, dat het bederven zou. Hiermede wordt wel aangetoond, dat het feitelijk toch noodzakelijk is, dat er op een of andere wijze wordt ingegrepen. In het belang der visschers en de vischhandelaren.

_o_

Lemmer, 9 Juni.

Een met de stoomboot "Telegraaf" alhier aangevoerde koe, bestemd voor de slager Joh. Wierdsma, was bij het afhalen eenigszins lastig. Bij de stal gekomen werd het dier nog onhandelbaarder. De geleiders konden het dier toen niet meer de baas blijven, met het gevolg, dat slager Tj. Wierdsma tegen de grond werd geworpen en zoodanig door de koe toegetakeld werd, dat zooals de dokter later constateerde, 1 rib gebroken en er 2 gekneusd werden.

Bij de poging, door den vader Joh. Wierdsma aangewend om zijn zoon uit diens benarde positie te bevrijden, bekwam deze een wonden aan het oor. Natuurlijk was inmiddels veel volk op de been gekomen en ook de politie was vertegenwoordigd. Men wist tenslotte de koe door een steegje in een bleekveld te drijven, waar zij voorlopig vastgehouden werd. 's Avonds om ruim 10 uur is het dier met een schietmasker afgemaakt.

_o_

Lemsterhaven..

Reeds enige tijd wordt er gesproken en geschreven over de noodzakelijkheid van een tweede vluchthaven alhier, welke aan het scheepvaartverkeer ten zeerste te goede zou komen en, laten we er maar bijvoegen, ook het plaatselijk belang zou dienen.

Dezer dagen blijkt reeds weer over hoe weinig havenruimte onze haven beschikt. Op dit ogenblik ligt er in de haven een vijftal sleepschepen, waarvan één een inhoud heeft van bijna 1400 ton, en de ander ongeveer 1000 ton meten, in lossing. Dit brengt tevens mede dat ook een aantal kleinere schepen in de haven aanwezig is, om de ladingen over te nemen. Natuurlijk zien we dit met genoegen, om het reeds bovenvermeld plaatselijk belang.

Er wordt evenwel door deze schepen op de havenruimte zooveel beslag gelegd, dat het verkeer van de visschersvloot en de visschers hiervan grooten last zouden ondervinden. Waar echter zowel het een als het ander voor onze plaats van belang is, is hier de eenige oplossing, dat er aan den aandrang om meerdere havenruimte wordt toegegeven.

We hopen dan ook van harte, dat ter bevoegde plaats op deze zaak nog wel de aandacht wordt gevestigd. Want zien we naar Harlingen, dan merken we op, dat, door steeds weer te hameren op het zelfde aanbeeld, veel verkregen kan worden. Aan Harlingen is van regeeringswegen reeds toegezegd, dat men de havenbelangen dier plaats zooveel mogelijk rekening zal worden gehouden en ook is de minister daar reeds is geweest om zich op de hoogte te laten stellen.

We vreezen, dat indien niet steeds weer op de Lemsterhaven en de belangrijkheid hiervan de aandacht van de regeering wordt gevestigd, er geen geringe kans bestaad of Harlingen gaat straks met de voordeelen stijken. Nu menen we te weten dat het gemeentebestuur in deze wel op zijn post is. Ook van elders bv. de veenkolonie, wordt op de belangrijkheid der Lemsterhaven en de noodzakelijkheid van uitbreiding, wel gewezen.

Maar is het ook niet mogelijk, dat ter behartiging van dit grote plaatselijk belang, ook de ingezetene meer van zich doen hooren?. Dat er eens een organisatie komt, welke zich tot doel stelt deze speciale belangen te behartigen?.

_o_

Lemmer, 19 Juni.

Ofschoon over het algemeen gezegd mag worden dat de ansjovisvangst goed is geweest, heeft het stormachtig weer der laatste dagen hieraan geen goed gedaan. Niet alleen dat er aan de netten heel wat averij komt, doch wanneer het naar het laatste der ansjovisvisscherij loopt en er komt stormweer dan is het bijna zeker dat deze visscherij zeer spoedig een einde neemt. De hedenmorgen binnenkomende visschers hadden dan ook kleine vangsten. Eenige dagen mooi weer zouden den visschers dan ook nog zeer ten stade zijn gekomen, vooral ook omdat de prijzen welke gemaakt heel goed zijn te noemen.

_o_

Lemmer, 19 Juni.

Tijdens het spelen aan de vluchthaven van eenige jongens bleef een dezer n.l. Steven Visser, plotseling liggen en bleek het, na een geneeskundig onderzoek van den arts J.H. Gerritsen dat de jongen zich inwendig had gekneusd.

_o_

Lemmer, 18 Juni.

Tijdens het stormweder werd nabij Urk een Vollenhover visscher door een stormbui overvallen, waardoor de mast brak en overboord sloeg. Een der in de nabijheid zijnde visscher zag het gevaar waarin de eerste visscher verkeerde en verleende direct zijn hulp. Het mocht hem gelukken den visscher behouden in de haven van Urk te brengen.

_o_

Lemmer, 19 Juni.

Dezer dagen viel een zoon van L. Versnel bij den heer Kalsbeek van de zolder. In den val bleef hij met met zijn been achter de klink van de deur haken, met het gevolg dat het dijbeen nogal ernstig verwond werd. Geneeskundige hulp werd ingeroepen en verleend door den heer F.G Műller arts te Oosterzee.

_o_

Lemmer, 18 Juni.

Het wordt een bijna wekelijksch bericht dat een of meer botdieven hun eigenaardig beroep (?) weder in de haven hebben uitgeoefend. Het waren nu de vischhandelaren K. Sterk en W. de Jong Jr. die de schade moesten lijden.

_o_

Lemmer, 19 Juni.

Terwijl tijdens het lossen van grint uit een in de haven liggende Rijnaak de elektricien Y. Bosma bezig was bij den elektromotor, viel er, door verschuiving een bos elektrische kabel van boven op diens schouder. De schouder werd zoodanig bezeerd, dat geneeskundigenhulp moest worden ingeroepen. Een paar dagen rust bleken noodzakelijk.

Terug


Niets uit deze website mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt  of op andere wijze gebruikt worden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de samensteller.