Terug
Bekl. H.
bekent de feiten. Bekl. licht toe welk soort van
werkzaamheden door de personen werd verricht, doch wenscht
op te merken, dat zulks niet op zijn last, doch wel met zijn
goed vinden geschiedde. Volgens bekl. is dit al sedert jaren
hier de gewoonte. Bekl's principe is zooveel mogelijk het
personeel de mogelijkheid geven hun Goddienst te vervullen.
Doordat 3 menschen Zondags 2 uur eerder beginnen en die de
zaak voorbereiden, wordt de mogelijkheid geschapen dat de
helft van het personeel v.m. 8˝
uur de fabriek kan
verlaten.
Dit geschied
op verzoek van het geheele personeel, hetwelk uit personen
van allerlei gezinte bestaat. Bekl. zegt dat de melk van den
Zaterdagavond nu eenmaal verwerkt moet worden.
Het O.M.
informeert of de arbeidinspectie er naar is gevraagd. Bekl.
zegt dat er over is gesproken. Het is evenwel al jaren zoo
en nog nimmer hebben zij er last mee gehad. Dezer dagen nu
bekent was dat er proces-verbaal was gemaakt, is bekl. door
het personeel en bloc gevraagd, of het niet te ondervangen
zou zijn.
Het O.M.
vraagt overlegging van het aantal uren dat gewerkt wordt,
aan de politie. Er is wanneer wordt afgeweken van de
arbeidslijst, geen controle anders meer mogelijk. Er mag in
geen geval langer gewerkt worden. Bekl. vraagt indien
mogelijk een vrijsprekend vonnis.
De
kantonrechter zegt gebruik te zullen maken van het artikel
in het Wetboek van straf vordering, hetwelk gelegenheid
geeft vonnis te bepalen zonder toepassing van straf. Het
blijft evenwel een overtreding.
-0-
Snelheidsmaniak.
Niet aanwezig blijkt te
zijn de volgende bekl. Durk H. het gevraagde verstek wordt
verleend. Deze bekl. is op 4 Juli j.l. als bestuurder van
een motorrijwiel te Legemeer n.m. te ruim 4 uur, met razende
vaart een tweede motorrijder gepasseerd, daarbij zo ver naar
links uitwijkend dat verbalisant Idema, gemeente veldwachter
van Doniawerstal, die per rijwiel op de bewuste plek reed,
gedwongen was geheel in den berm te rijden, of schoon er
ruimte genoeg was.
Verb. deeld mede dat bekl.
sedert 4 weken bezitter was van een motorrijwiel en toen
reeds een schrik voor de omtrek was.
De kantonrechter overlegd of het
noodzakelijk is bekl. zijn rijbewijs te ontnemen, waarop
verbalisant antwoord dat bekl. naderhand veel wijzer is
geworden. Het O.M. acht het nodig bekl. voor een tijd van 3
maanden de bevoegdheid tot het besturen van motorrijtuigen
te ontzeggen en eischt een geld boete van f 20,-
overeenkomstig welken eisch den kantonrechter bekl.
veroordeeld.
Terug