TERUG

NIEUWE FRIESCHE COURANT.  Uitgave Firma Koopman & Knol te Lemmer.

Collectie couranten van: Oudheidskamer Lemster Fiifgea, waar veel voorwerpen bijeengebracht zijn, die tastbare herinneringen brengen aan de voormalige visserij en scheepvaart op de Zuiderzee, de veenderij en het dagelijks leven in Lemmer in vroeger tijden.

Zaterdag: Juni 1926 Courant d.d. 05-06-1926/26-06-1926 47ste Jaargang.

 

Plaatselijk Nieuws.

Lemmer 3 Juni.

De vrouw van schipper K. de Jong van Sneek, liggende met zijn tjalkscheepje in de Lemsterrijn alhier had haar dochtertje van ruim een jaar oud op haar schoot, terwijl zij bij de tafel in de kajuit zat, toen het kind, dat kinkhoest had een hoestbui kreeg waarbij het tegen de tafel schopte, waar een ketel met kokende koffie stond, die daardoor omviel, waarbij de inhoud over de armpjes en de beentjes van de kleine uitstorten en dit ernstige brandwonden opliep, zodat de hevig ontstelde ouders genoodzaakt waren onmiddellijke geneeskundige hulp in te roepen, die door Dr. Esseling alhier werd verleend.

Lees verder >>>>




 

 

Kantongerecht, te Lemmer op Dinsdag 8 juni 1926.

Na eenige kinderzaken zijn behandeld, neemt de openbare zitting een aanvang, en worden als beklaagde voorgeroepen: Harmen J. zuivelarbeider te Nijega, hij blijkt evenwel afwezig te zijn. Volgens proces-verbaal heeft deze beklaagde op 5 April op verboden terrein loopen eierzoeken. Op sommatie van verb. Walda weigerde bekl. tot 3 maal toe zijn naam op te geven.

De zaak heeft evenwel een eigenaardig cachet omreden er eigenlijk twee personen waren waarvan er één op verboden terrein ging door met een polstok over een sloot te springen. Toen nu verb. Walda met veldwachter de Boer uit Oudega een onderzoek instelde naar den naam van den overtreder en hiertoe den tweede persoon Leenstra hoorde, bleek dat het Harmen J. moet zijn geweest.

Deze ontkende ten stelligste in het land te zijn geweest, terwijl Leenstra op zijn beurt zulks ontkende en bovendien niet wist dat Bekl J. in 't land was geweest. Nu wordt Leenstra als getuige voorgeroepen. De kantonrechter meent dezen Bekl. te moeten wijze op de zware straf die er op meineed staat.

Deze getuige verklaart thans dat niet Harmen J. doch hij zelf over de sloot is geweest. Het O.M. is van oordeel dat getuige nog liegt en dat hij in het land is geweest en eischt f 15,- subs 15 dagen.

De kantonrechter veroordeelt Bekl. overeenkomstig de eisch  terwijl hij getuige Leenstra mededeelt dat hij op het kantje af de meineed is ontloopen.

-0-

Vervolgens staat terecht Lijkele Br. Stoombootdienst ondernemer te Balk. Deze wordt ten laste gelegd dat hij op 8 April v.m. 9 uur 2 koeien aan boord heeft geladen aan de z.g. Oosterstreeken, der halve op een andere plaats dan die daar voor is aangewezen.

Beklaagde zegt dat hij zulks niet heeft gedaan, omreden dat hij bij de zuivelfabriek aan het kaas laden was. Dit blijkt waarheid te zijn. De verbalisant erkent zijn vergissing. Beklaagde stond er buiten, de dader was namelijk een compagnon. Op deze grond spreekt de kantonrechter Bekl. vrij.

-0-

Tenslotte nog een overtreding van de verordening op de vleeschkeuring. Als beklaagde verschijnt voor de bali Andries K. slager te Lemmer, die volgens het proces-verbaal op 30 April een hoeveelheid uitgebeend kalfsvleesch in de winkel voorradig had, het welk niet van het vereischte goedkeuringsmerk was voorzien.

Bekl. geeft een reelaas van het gebeurde; op 28 April had bekl. een nuchtere kalf ontvangen hetwelk teekenen van flauwte vertoonde. Bekl. heeft het toen doen slachten en het op 29 April als noodslachting aangeven. De 30ste d.a. nadat de 24 uur na aangifte voor de keuring verloopen waren meende Bekl. dat het vleesch noodig weg moest en is er mee begonnen.

Het O.M. vraagt of Bekl. het wilde verkoopen waarop deze antwoordde dat hij het voor eigen verbruik wilde aanwenden. Als getuigen deskundige wordt nu gehoord B. de Vries veearts te Lemmer. Getuigen die belast is met de keuring, zegt het feit te hebben geconstateerd op 30 April, v.m. tusschen 9 en 10 uur. De noodzakelijkheid door Bekl. genoemd was z.i. nog niet aanwezig, afgezien van het feit, of het werkelijk wel een noodslachting was.


 



Niets uit deze website mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt  of op andere wijze gebruikt worden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de samensteller.