TERUG

Het was evengoed een prachtig schip voor die tijd, en alles door eigen Lemsters gemaakt. Het schip ligt in de Rien en voor de kop ziet U de schuur van de helling. De masten en blokken waren gemaakt door Jan de Vries, die een mast- en blokmakerij had aan de Polderdijk, bij Van der Neut.

Hij had in die tijd ook veel werk van de vissersvloot van Lemmer en ook wel uit andere vissersplaatsen. Zo werden er voor de Groninger koftjalken wel masten gemaakt. De zeilen voor de logger waren ook van Lemsters fabrikaat van Zeilmaker Marten Folkert de Vries, die zijn werkplaats ook aan de Polderdijk had.

Hij maakte ook alle zeilen voor de toenmalige vissersvloot, alsook voor de vele zeiltjalken uit die tijd. De werkplaats bestond uit een grote zaal met langs de kant lange banken, waarop de zeilmakers zaten te naaien, alles met de hand. Dat waren vaklui in hun tijd. Ze hadden een holle koehoorn om hun middel hangen, gevuld met vet, waarin vaak de punt van de driehoekige naald werd gestoken, dan gleed het beter door dat stugge zeildoek. Ze hadden een leren riem om de hand met aan de binnenkant een rondijzeren plaatje met vierkante holletjes, waarmee de naald door het doek werd gedrukt. Dat plaatje deed dezelfde dienst als de vingerhoed, die de vrouwen bij het naaien gebruikten.

In die tijd werkten er wel zo'n 15 á 20 zeilmakers bij de Vries. Tijdens hun werk droegen ze altijd witte pakken, van licht zeildoek. Op de foto staan ze ook in die witte werkkleding. De man voor de achtermast is waarschijnlijk Van der Gaast of Gaastra. Deze gaf ook les in zeilnaaien, schiemannen en knopen aan de schippersschool.

De mensen op de foto zijn te klein om goed te herkennen. Op het voordek met pet is waarschijnlijk Sander Coehoorn, die toen sluiswachter was en het meisje naast hem is waarschijnlijk Sjoerdsje de Boer. De vrouw zonder schort voor de schuur aan de wal is vast Francine de Boer Visser, de vrouw van Klaas de Boer.

De foto is zo ongeveer genomen voordat de logger naar IJmuiden vertrok. Het bleef tot het laatste toe een Lemster aangelegenheid, want de Lemster sleepbootkapitein Marten Koningsveld, die toen aan de Vissersburen woonde, heeft de logger naar IJmuiden gesleept. Zijn zoon Rikus was de machinist. Ook zijn dochter Margje was op de sleepboot. Een matroos van de logger was inmiddels verliefd geworden, en wou onder het slepen naar Margje toe.

Hij liet zich van de logger langs de sleepdraad zakken en wou zo palmende weg op de sleepboot komen. Koningsveld zal wel een beetje stoom hebben teruggenomen, zodat de sleepdraad door het water ging met de matroos er aan, die kwam aardig afgekoeld op de sleepboot. Hoe het met de liefde is afgelopen is niet bekend......

We is bekend dat de loggervisserij al sedert lange tijd niet meer plaats vindt. De vleten, dat waren lange haringnetten, de nettenboetsters enz, zijn allang voltooid verleden tijd.