Friese Verzetsstrijders - bevrijders en andere betrokkenen.

 

A | B | C | D | E | F | G | H | J | K | L | M | N | O | P | R | S | T | V | W | IJ | Z |

 

 

Jacob Cornelis Nagelhout, geboren op 15 april 1917 te Woudsend, overleden op 15-04-1945 te Woudsend-Wellebrug.

In de meidagen van 1940 nam Jacob als huzaar van Boreel actief deel aan de strijd tegen de invallende Duitsers op de Veluwe. Op zondag 15 april 1945 gingen gevechtsgroepen van de Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten bij de Wellebrug in de straatweg tussen Sneek en Lemmer tot de aanval over. Zij slaagden erin een 'Sprengkommando' van de bezetter te ontwapenen, waarbij drie wagens met munitie werden buitgemaakt. De Wellebrug werd afgedraaid, waarop een vuurgevecht volgde met dertig goed bewapende Duitse militairen, die later ook nog versterking kregen. Tijdens dit gevecht sneuvelde Jacob Nagelhout. Hij overleed op zijn 28ste verjaardag en werd begraven op de R.K. begraafplaats in Sneek. In Woudsend is een straat naar hem genoemd.


Gerrit Willem Navis, ( Rijksontvanger der belastingen) geboren op 20 mei 1900 te Ruurlo, overleden op 15 december 1944 te Ladelund (Duitsland)

Gerrit Willem Navis was een Fries verzetsstrijder. Hij woonde in Bergum en was werkzaam bij de belastingdienst. Hij was betrokken bij vele verzetsactiviteiten in Friesland, o.a de overval op het gemeentehuis van Bergum op 3 februari 1944 waarbij vele bonkaarten werden buitgemaakt, en het verzet vanuit de belastingdienst, dat gelden naar het verzet sluisde, beide ten behoeve van onderduikers. In juli 1944 dreigde, doordat een van de leden van het verzet in Duitse handen viel, een aantal verzetgroepen opgerold te worden. In allerijl gewaarschuwd besloot hij samen met zijn gezin te vluchten en onder te duiken in zijn ouderlijk huis te Putten in Gelderland. 

Als represaillemaatregel voor een verzetsaanval op een auto met Duitse Officieren in de buurt van Putten, werden ongeveer 660 volwassen mannen uit Putten opgepakt in de nacht van 1 op 2 oktober 1944 en naar Duitsland afgevoerd ("razzia van Putten"). Navis werd om deze reden ook opgepakt en naar het concentratiekamp Neuengamme gestuurd waar hij 15 december 1944 te Ladelund overleed.

Na de oorlog werd er in Bergum de G. W. Navislaan naar hem vernoemd (Gerrit woonde op de Lageweg 47 te Bergum). Navis was een volle neef van Gerhard Willem Navis, een andere verzetsstrijder.


Albertus (Appie) Nauta, geboren op 10 februari 1923 te Ternaard, overleden op 08-03-1945 te Apeldoorn-Woeste Hoeve.

Onderstaand verhaal gaat over Ynze Dikkerboom, verzetstrijder (Beroep: onbekend; werkzaam op boerderij Afloop: In de nacht van 13 op 14 oktober 1944 omgekomen) en Appie Nauta.

Ynze Dikkerboom was leider van de knokploeg Harfsen-Gorssel. Dikkerboom was zoon van een Friese aannemer en was in het begin van de oorlog opgeroepen om voor de Duitsers te gaan werken. Hij negeerde alle oproepen, maar werd in 1942 opgepakt en naar Duitsland gebracht. Hij wist de Duitsers wijs te maken dat hij voor zijn vaders bedrijf een aantal zaken moest regelen en kreeg een week verlof. Na een week bij zijn ouders te hebben doorgebracht, vertrok Dikkerboom echter niet naar Duitsland, maar nam hij de trein naar Zutphen, waar zijn zuster Sytske woonde.

Op 10 februari 1943 kwam Ynze terecht op de boerderij van de familie Koeslag in Harfsen. Hier werkte hij als boerenknecht en raakte betrokken bij het verzetswerk. "Kleine" Oorlogstragedies: Het Hol als laatste rustplaats' in: Deventer Dagblad 4 mei 2002 "Het Hol" - Een oorlogsgraf in Harfsen (door René ten Dam). In de Tweede Wereldoorlog zijn honderden, misschien wel duizenden mensen om het leven gebracht op verlaten plekken in bossen of duinen. Soms kregen deze mensen vervolgens een laatste rustplaats op een plaatselijke begraafplaats, maar veelal werden ze ter plekke begraven. Na de oorlog kregen ze vaak alsnog, na een fatsoenlijke en eervolle herbegrafenis, een graf op een begraafplaats.

Het gemeenschappelijke graf van Ynze Dikkerboom en (Chris) Tine van Heesch in het bos bij Harfsen is een uitzondering. Het monument op het graf. In de oorlogsjaren verbleven veel onderduikers in de omgeving van het landelijk gelegen Harfsen, niet ver van Deventer en Zutphen. Alleen al op de boerderij van de familie Slagman bevonden zich soms meer dan veertig onderduikers. Sommigen van hen waren betrokken bij de lokale verzetsgroep Laren-Noord. Ynze Dikkerboom was leider van de knokploeg Harfsen-Gorssel. Dikkerboom was zoon van een Friese aannemer en was in het begin van de oorlog opgeroepen om voor de Duitsers te gaan werken. Hij negeerde alle oproepen, maar werd in 1942 opgepakt en naar Duitsland gebracht. Hij wist de Duitsers wijs te maken dat hij voor zijn vaders bedrijf een aantal zaken moest regelen en kreeg een week verlof. Na een week bij zijn ouders te hebben doorgebracht, vertrok Dikkerboom echter niet naar Duitsland, maar nam hij de trein naar Zutphen, waar zijn zuster Sytske woonde.

Op 10 februari 1943 kwam Ynze terecht op de boerderij van de familie Koeslag in Harfsen. Hier werkte hij als boerenknecht en raakte betrokken bij het verzetswerk. Niet veel later ontmoette Dikkerboom, Appie Nauta, eveneens afkomstig uit Friesland. Met hem raakte hij meer en meer betrokken bij het verzetswerk, van het in veiligheid brengen van piloten tot het repareren van radio's en het uitzoeken van terreinen voor wapendroppings. Overdag verbleven de beide mannen bij de familie Wilgenhof van boerderij Achterkamp, 's avonds verbleven ze in een ondergrondse schuilhut, "Het Hol" genaamd. Deze hut was verscholen in het bos en gemaakt met delen van een werkkeet en een kippenhok en bood onderdak aan maximaal zeven mensen.

Op de grond van de hut lag stro. In de nacht van 13 op 14 oktober 1944 vertrokken zo'n zestig SD'ers, SS'ers en landwachters vanuit Deventer naar Harfsen om onderduikers op te pakken. Als eerste vielen ze de boerderij van Slagman binnen, waar zich op dat moment een groot aantal onderduikers bevond. De boerderij werd omsingeld, leeggeroofd en in brand gestoken. Gerrit Slagman werd met tal van onderduikers gearresteerd en weggevoerd. In de tussentijd wist Tine van Heesch, koerierster en vriendin van Ynze Dikkerboom, "Het Hol" te bereiken om daar Ynze Dikkerboom en Appie Nauta te waarschuwen voor de op handen zijnde overval. Nauta vluchtte direct na aankomst van Tine van Heesch en wist zo te ontkomen aan de Duitsers. Dikkerboom was echter overtuigd dat de Duitsers "Het Hol" niet zouden weten te vinden en trok zich, samen met Tine van Heesch, terug in het derde, geheime, compartiment.

Hier hadden ze hun belangrijkste spullen en geheime documenten verborgen. Na enig speurwerk wisten de Duitsers uiteindelijk de ingang van "Het Hol" te traceren, gingen naar binnen, maar vonden niet het derde compartiment. De twee onderduikers leken gered, maar voordat de Duitsers weggingen, wierpen deze nog enkele handgranaten in de ondergrondse schuilplaats. Hierdoor en door ontploffende munitie zijn Ynze en Tine waarschijnlijk om het leven gekomen. Er ontstond een hevige brand en een deel van de schuilplaats stortte in. Nadat de Duitsers waren verdwenen, werd de plek nog bezocht door mensen uit het verzet. Wat ze nog konden vinden, namen ze mee, daarna werd de kuil dichtgegooid met aarde.


Johannes Nieuwland, geboren op 1 juni 1907 te Leeuwarden, overleden op 11-04-1945 te Dronrijp.

Fusillade bij Dronrijp

SD uit Leeuwarden fusilleert bij de brug te Dronrijp 14 gevangenen:

Johannes Nieuwland, Hendrik Jozef Spoelstra, Douwe Tuinstra, de drie broers Egbert Mark Wierda, Klaas Jan Wypcke Wierda en Hyltje Wierda, Sijbrandus van Dam, Heinrich Harder, Dirk de Jong, Hendrik Jan de Jong, Ruurd Kooistra, Johannes Marinus Ducaneaux en Oudger van Dijk. De beide laatsten worden wegens (vermeende) banden met de bezetters niet herdacht op het monument bij de brug. Gerard de Jong overleefde de executie.

Pogingen van de BS om deze executie te voorkomen mislukten; de opdracht bereikte de BS-gevechtsgroep die in Baaium was ondergebracht, te laat. Men was ook bang voor een tweede ‘Putten’ voor Dronrijp indien de SD’ers waren aangevallen. De bevolking van Dronrijp was woest op de BS:„Dit bereiken jullie nu met jullie sabotage.” Bij Speers zijn Marten Bruinsma en diens zoon Nolle Wypke gedood als represaille voor aanslag op een groep Duitsers in de buurt van hun boerderij. Duits officier sneuvelde.

SD Leeuwarden kon geen represailles ondernemen voor de aanslag bij Zandbulten (LP) omdat men geen vervoer had. Leeuwarder SD-commandat Albrecht wil gevangen genomen BS’ers Peke Dolstra en Auke de Vries bij Harlingerstraatweg te Leeuwarden ‘op de vlucht doodschieten’. Mislukt door hardhandige verdediging van judoka Dolstra. Beide gevangenen ontkomen.. Bij Stokersvallaat in Appelscha gevecht tussen BS en Duitsers. Duitsers trekken terug. Fransen terug naar boerderij Rooks.


Klaas Norg, geboren op 3 april 1891 te 't Zandt, overleden op 10 maart 1945 te Neuengamme.

Ongemerkt verlieten de laatste joden Harlingen.

Harlingen – Hoe verlieten de laatste joden de stad Harlingen? Bijna niemand weet het meer. Van alle mensen die het hadden kunnen weten, wist Jan Norg de afgelopen jaren slechts twee plaatsgenoten op te sporen. Dankzij uitgebreide archiefstudie ontdekte Norg de waarheid rondom de afgevoerde bevolkingsgroep. In Harlingen en de Tweede Wereldoorlog, van crisis tot wederopbouw staan de onthullingen van Norg te boek. Zaterdag werd het tweehonderd bladzijden dikke boek gepresenteerd in het Hannemahuis.

Het eerste exemplaar was voor C.J.A.M. Heeger, oud-sectie commandant van de Binnenlandse Strijdkrachten in Harlingen. In het boek, dat mede op initiatief van de vereniging Oud Harlingen is uitgebracht, staat onder meer dat de Binnenlandse Strijdkrachten (BS) graag een rol hadden willen spelen bij de bevrijding van de Friese havenstad. De Canadezen stonden echter niet toe dat ze werden geholpen door de zeer gemotiveerde BS’ers. "Harlingen was een stad waar veel geschut stond opgesteld. De Canadezen vonden het een te groot risico om geen geoefende soldaten mee te nemen. Voor de BS’ers was dat een hele grote teleurstelling", weet Norg.

De 63-jarige Harlinger weet veel over de oorlogsjaren in zijn stad. Zijn vader heeft hij niet gekend; die overleed in het concentratiekamp Neuengammen bij Hamburg. In 1984 bracht Norg voor het eerst een bezoek aan dit voormalige kamp. In 1994 deed hij dit opnieuw en dankzij het kampnummer van zijn vader kwam hij meer te weten over zijn arrestatie en de lotgevallen van zijn pa. ,,Sinds drie jaar weet ik hoe mijn vader om het leven is gekomen: hij is opgehangen. Voorheen hadden we al zo’n vermoeden, maar drie jaar terug wist ik het zeker.’’

Klaas Norg was actief in het verzet. Hij was betrokken bij het nationale steunfonds en de illegale pers. Hij werd samen met nog zo’n 25 stadgenoten door de Duitsers opgepakt. Op een gegeven moment maakt hij deel uit van een groep gevangenen van 110 man. Van hen komen dertien uit Harlingen, twee uit Leeuwarden en de rest uit Groningen en Drenthe. In de lijvige boeken van historicus De Jong staat dat niemand van deze groep de oorlog overleefde.

Vanaf 1994 wil Jan Norg precies weten hoe zijn vader om het leven is gekomen en onder welke omstandigheden hij de laatste maanden van zijn leven heeft geleefd. Precies tien jaar duurt zijn onderzoek. Hij duikt daarvoor ook het Gemeentearchief in en stuit dan op heel veel zaken waar hij nog nooit iemand over had gehoord. Bijvoorbeeld over de verdwijning van de joodse bevolking. Aan het begin van de oorlog woonden er 47 joden in Harlingen. "Op een na zijn ze allemaal vermoord." Op 10 augustus 1942 werden alle mannen afgevoerd. Op 2 en 3 oktober volgde het tweede transport van twintig vrouwen en kinderen.


Gerke Numan, geboren op 10 juli 1917 te Langezwaag, overleden op 14-04-1945 te Gorredijk.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij lid van de Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten. Deze verzetsgroep kwam in actie toen op 14 april 1945 een groep militairen van de bezetter de brug over de Opsterlandse Compagnonsvaart te Gorredijk naderde, met de bedoeling deze op te blazen om de in aantocht zijnde Canadezen op te houden. De leden van de Knokploeg lagen te wachten boven een winkelpand vlak bij de brug. Bij het begin van de actie weigerde de mitrailleur van de KP’ers, waarop een handgranaat naar de Duitsers werd gegooid. Deze zetten onmiddellijk zware wapens in, waardoor de KP zich terugtrok. Tijdens deze terugtocht sneuvelde Numan. Zijn naam staat ook vermeld op een gedenkteken op de algemene begraafplaats te Gorredijk, terwijl een sluis naar hem is vernoemd in zijn geboorteplaats.

Bouwe Marten Cnossen

 

 

Home

 


Niets uit deze website mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt  of op andere wijze gebruikt worden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de samensteller.