|

Gerben Desiré Oswald, (adjunct-opzichter
in de wegenbouw te Harlingen) geboren
op 12 januari 1920, overleden op 18 februari 1944 te Amstelveen.
Gerben Oswald (Tom) weigerde tijdens de oorlog als
wegenbouwer voor de bezetter te werken. Samen met zijn vriend G.
Schuil probeerde hij in 1942 tweemaal – over land en per schip
vanuit Harlingen – naar Engeland te ontkomen, maar beide pogingen
mislukten. Via een broer van Schuil verzamelde Oswald gegevens over
de ligging en opstelling van Duitse militaire verdedigingswerken op
Vlieland en Terschelling. Hij werkte deze uit en gaf ze door aan een
inlichtingengroep. Vanaf medio 1943 behoorde hij tot de KP-Sexbierum
onder leiding van Rients Bruinsma. Als KP’er nam hij deel aan
overvallen op enkele bureauhouders (waarbij kaartsystemen werden
vernietigd en Ausweise buitgemaakt) en, in de nacht van 25 op 26
september 1943, aan de kraak van het gemeentehuis in Sint
Annaparochie, waarbij het bevolkingsregister werd meegenomen.
Op 3
november 1943 pleegde hij, samen met Schuil, in Harlingen een
aanslag op opperluitenant der Staatspolitie S.B. van Wijnen. Door
verraad van provocateur Frans H.A. Michon werden Oswald en Schuil op
22 november 1943 ’s nachts in hun ondergrondse schuilplaats op
Liauckema State, de boerderij van Bruinsma te Sexbierum,
gearresteerd. Na verhoren in het Scholtenshuis werd hij op 24
december 1943 van de strafgevangenis in Groningen vervoerd naar die
in Assen, Een ingediend gratieverzoek werd afgewezen, waarna hij met
zijn drie lotgenoten Gerrit Schuil, Lolle Rondaan en Folkert Bergsma
op 14 februari 1944 ter dood werd veroordeeld. Vier dagen later werd
hij gefusilleerd. Oorspronkelijk begraven te Schiphol. Na de
bevrijding in mei 1945 werd zijn stoffelijk overschot ontdekt in een
meervoudig graf. Herbegraven op het ereveld voor verzetsstrijders te
Overveen/Bloemendaal.
|