|
Voer voor
genealogen
De
oorspronkelijke bevolking van De Lemmer.
Door Jaap van der Zwaag.
Van de eerste inwoners van De Lemmer weten
we zo goed als niets. Wel weten we dat het dorp vele eeuwen lang klein
is geweest met weinig inwoners. Dat was het. In de gemeente Lemsterland
woonden in 1714 1104 personen, ik schat het inwonertal van De Lemmer in
dat jaar op een aantal tussen de achthonderd en negenhonderd. De
bewoning vond aanvankelijk vooral plaats in de buurt van de Lemster
sluis, langs beide oevers van de Zijlroede, langs de Rien, langs de
toenmalige zeehaven (nu binnenhaven) en langs de Schans. Daarbuiten kwam
sporadisch bewoning voor; straten als de Nieuwe Dijk en Nieuwburen (de
namen zeggen het al) bestonden nog niet.
In de loop der jaren nam de bevolking
langzaam toe en tegen het eind van de 18de eeuw woonden er in
Lemsterland ongeveer vierentwintighonderd mensen, waarvan in De Lemmer
ongeveer achttienhonderd. Deze toename was niet allen het gevolg van de
gestegen geboorteoverschotten, maar ook van het feit, dat er vele
honderden veenarbeiders uit Overijssel naar Lemsterland trokken en wel
vooral naar het gebied bij het Tjeukemeer.
De grootste bevolkingstoename in De Lemmer
vond echter plaats vanaf ongeveer 1880, toen werkloos geworden veen- en
landbouwarbeiders naar het drop trokken om daar een – nieuwe – boterham
te verdienen, onder meer in de Zuiderzeevisserij. Over deze migratie is
vel bekend en we weten bijna precies wie in die jaren van buiten naar De
Lemmer zijn getrokken.
Maar wie waren de oorspronkelijke inwoners
van De Lemmer?
Vroeger bleven de Nederlanders veelal in
het dorp of de stad wonen, waar ze geboren waren. Ze hadden daar hun
werk, trouwden met een plaatsgenoot, kregen er kinderen, die vervolgens
meestal in dezelfde plaats of hoogstens in een naburige plaats gingen
wonen. Zo ging het eeuwen door. Zelden verhuisde men naar een plaats
elders in het land. Het is dan ook wel zeker, dat de kern van de
Lemsters altijd heeft bestaan uit dezelfde families, langzamerhand
aangevuld met mensen van buiten. Het is moeilijk na te gaan wie die
kernfamilies waren.
Maar gelukkig zijn er twee jaren geweest,
waarin de toenmalige Lemster bevolking werd geregistreerd: 1749 en 1811.
Hierdoor weten we vrij nauwkeurig, hoeveel mensen er toen in De Lemmer
woonden en vooral wie dat waren. En dat is interessant voor de Lemsters,
die naar de wortels van familie zoeken.
Om te beginnen 1749. Na een golf van
onlusten in de Republiek der Zeven Vereenigde Nederlanden die gericht
waren tegen de verpachting van belastingen werd ook in Friesland de
belastingheffing aangepast. Zo werd o.a. de quotisatie, een belasting
naar draagkracht, ingevoerd. Om dat mogelijk te maken werden in 1749 in
elke stad en elke grietenij overzichten gemaakt van alle gezinnen:
namen, beroepen, aantal gezinsleden en belastingaanslagen. Hieronder is
te vinden a. de naam (voornaam en vadersnaam); b.beroep (of andere
hoedanigheid) en c. gezinssamenstelling.

De
bevolkingssamenstelling van De Lemmer in 1749.
| 1 |
De
weduwe Limke Gerbens
van Aldolphus Alsem, secretaris, 5 gezinsleden. |
| 2 |
Regnerus
van Andringa, 'old grietman', 4 gezinsleden. |
| 3 |
P.
Jongh, secretaris, "gaat naar Oost-Indië", 7 gezinsleden |
| 4 |
Regnerus
Lycklama à Nijeholt, grietman, 6 gezinsleden |
| 5 |
Weduwe
Sleeswijk, "leeft van haar eygen, maer onderteert" |
| 6 |
Weduwe
Witteveen, enig gezinslid. Sinds 1745 weduwe. |
| 7 |
Aaltje
Couperus, "kan bestaen", enig gezinslid |
| 8 |
Aaltje
Jans, arbeidster, enig gezinslid |
| 9 |
Attje
Hotses, weduwe, "door haar kinders ondersteunt" |
| 10 |
Abraham Jelgers, biesjager,
geb. 1699, zoon van Jelger Wybrens; 2 gezinsleden |
| 11 |
Age Doedis, weduwe, erven,
Sneek, wonen in De Lemmer, enig gezinslid |
| 12 |
Age Jans, koopman, vier
gezinsleden |
| 13 |
Age Wouters, timmerknecht, 4
gezinsleden |
| 14 |
Ayse Rinses, "adsistent",
twee gezinsleden |
| 15 |
Albert Hannes, matroos, 3
gezinsleden |
| 16 |
Albert Pieters, molenaar, 2
gezinsleden |
| 17 |
Albert Pieters, matroos,
enig gezinslid |
| 18 |
Albert Simkes, timmerman, 3
gezinsleden |
| 19 |
Alth Johannes, sjouwer, 5
gezinsleden |
| 20 |
Andries Lange, schoenmaker,
4 gezinsleden |
| 21 |
Andries Jans, matroos, 4
gezinsleden |
| 22 |
Anne Leffring,
"gewesen
cherger", 7 gezinsleden |
| 23 |
Anne Annes, matroos, enig
gezinslid |
| 24 |
Anne Edes, grofsmid, 4
gezinsleden |
| 25 |
Anne Hielkes, arbeider, 2
gezinsleden |
| 26 |
Anne Jakobs,
zaagmolenaarsknecht, 5 gezinsleden |
| 27 |
Anne Pieters,
schipper, 3 gezinsleden |
| 28 |
Anne Rienks,
zeilmakersknecht, 3 gezinsleden |
| 29 |
Anne Sanders, schipper/Oostzeevaarder.
Trouwde 1718 Pierkje Hielkes, 2 gezinsleden |
| 30 |
Anske Heeres, wagenmaker, 4
gezinsleden |
| 31 |
Anske Teunis, geb. 1715. "Koffeschipper"/Oostzeevaarder. Trouwde circa 1744 Reikje Jans en daar
1754 Franske Annes; 3 gezinsleden |
| 32 |
Antje Andries, naaister,
enig gezinslid |
| 33 |
Antje Foekes, winkelierse,
enig gezinslid |
| 34 |
Antje Oebles, weduwe;
wasvrouw, enig gezinslid |
| 35 |
Arend Jans,
lijnslagersmeesterknecht, enig gezinslid |
| 36 |
Aene Nannes, koopman, 4
gezinsleden |
| 37 |
Arrien Folkerts,
"setmeyer
van Andringa", 6 gezinsleden |
| 38 |
Ate Heerkes, timmerknecht, 5
gezinsleden |
| 39 |
Atze Heerkes, schipper, 4
gezinsleden |
| 40 |
Augustijn Folkerts, sjouwer,
6 gezinsleden |
| 41 |
Barre Cornelis, zeilmaker, 5
gezinsleden |
| 42 |
Bauke Harmens, smakschipper/Oostzeevaarder,
3 gezinsleden |
| 43 |
Bauke Poppes, koopman, tr.
1741 Hinke Ypes, 3 gezinsleden |
| 44 |
Benjamin Oldendorp,
schipper, 3 gezinsleden |
| 45 |
Berend Ubes, schipper, 3
gezinsleden |
| 46 |
Beeuw (Bieuwke) Martens,
"oude vrouw; wint de kost", 3 gezinsleden |
| 47 |
Bontje Cornelis,
"wasmeyd",
enig gezinslid |
| 48 |
Botte Hielkes, zeilmaker, 9
gezinsleden |
| 49 |
Bouwe Douwes, arbeider, 2
gezinsleden |
| 50 |
Christiaan Cristoffels,
grofsmid, 4 gezinsleden |
| 51 |
Durk Jans, meestertimmerman,
6 gezinsleden |
| 52 |
Durk Pieters, koopman, 5
gezinsleden |
| 53 |
Durk Pieters, arbeider, enig
gezinslid |
| 54 |
Durk Tiemens,
scheepstimmermansknecht, 4 gezinsleden |
| 55 |
Doede Atsma, 'afgedankte
chercher'. In 1811 werd Atsma als familienaam aangenomen. 6 gezinsleden.
(chercher of cherger is belastingcommies) |
| 56 |
Doeke Hendriks,
scheepstimmerknecht, enig gezinslid |
| 57 |
Douwe Anskes,
mastmakersknecht, enig gezinslid |
| 58 |
Douwe Aukes, arbeider, 2
gezinsleden |
| 59 |
Douwe Jelgers, weduwe van
,'kan de kost naulyx winnen', 2 gezinsleden |
| 60 |
Douwe Oeges, matroos, 3
gezinsleden |
| 61 |
Egbert Hilles,
"schuiteboer",
2 gezinsleden |
| 62 |
Ele Tjeerds, "een arm
gezel", 4 gezinsleden |
| 63 |
Engele Haitses, matroos, 3
gezinsleden |
| 64 |
Engele Jans,
schippersknecht, 5 gezinsleden |
| 65 |
Evert Rienks, sjouwer, 2
gezinsleden |
| 66 |
Fedde Siebrens,
scheepstimmerman, 4 gezinsleden |
| 67 |
Feyte Tjerks, arbeider, 4
gezinsleden |
| 68 |
Fekke Harmens,
"setschipper", 4 gezinsleden |
| 69 |
Fettje Gosses, arbeider, 2
gezinsleden |
| 70 |
Fokke Bartels,
"zetschipper", 6 gezinsleden (zet- of setschipper vaart voor rekening
van de eigenaar van het schip) |
| 71 |
Fokke Jans, huistimmerbaas,
2 gezinsleden |
| 72 |
Fokke Lases, sjouwer, enig
gezinslid |
| 73 |
Folkert Verbeek, weduwe van,
"arme oude swakke vrou", 2 gezinsleden |
| 74 |
Fouke Wybes, weduwe van,
"arme weduwe", 4 gezinsleden |
| 75 |
Freerk Harmens,
pottenbakker, 4 gezinsleden |
| 76 |
Geeltje Feytes, naaister,
enig gezinslid |
| 77 |
Geert Hommes, matroos, enig
gezinslid |
| 78 |
Geert Jans, weduwe van,
"arme vrouw", 4 gezinsleden |
| 79 |
Geert Waltes, arbeider, 2
gezinsleden |
| 80 |
Geeske Johannes,
"dienstmaegd en arme weduwe", enig gezinslid |
| 81 |
Geeuke Doedes, winkelier,
twee gezinsleden |
| 82 |
Gerben Hanses, varensgezel,
4 gezinsleden |
| 83 |
Gerben Piers, matroos, enig
gezinslid |
| 84 |
Gerrit Velde, bakker, 6
gezinsleden |
| 85 |
Gerrit Hendriks, arbeider, 2
gezinsleden |
| 86 |
Gerrit Hilbrants, arbeider,
enig gezinslid |
| 87 |
Gerrit Joghums, matroos, 2
gezinsleden |
| 88 |
Gosse Eeuwes,
"coffeschipper"/Oostzeevaarder. Trouwde ca. 1743 Antje Jans. 4
gezinsleden |
| 89 |
Gosse Lammerts, herbergier,
5 gezinsleden |
| 90 |
Grietje Diemers,
linnennaaister, enig gezinslid |
| 91 |
Griet Elings,
"oude arme
vrouw", enig gezinslid |
| 92 |
Griet Pieters,
"arme
dienstmeyd", enig gezinslid |
| 93 |
Haitse Meints, schipper,
overleed 1757, trouwde ca. 1732 Jetske Engels; 3 gezinsleden |
| 94 |
Haitse Pieters, weduwe
(Corneliske Hanses; in 1715 getrouwd) van Haitse ; "arme oude vrouw", 2
gezinsleden |
| 95 |
Hans Jacobs, 'arm heel oud
man'. Trouwde 1704 met Aaltje Gerbens. Enig gezinslid |
| 96 |
Hans Piers ,
smakschipper/Oostzeevaarder. Tr. ca 1745 Sietske Jans.6 gezinsleden |
| 97 |
Hans Pieters, matroos; geb.
1731 als zoon van Pieter Haitses; tr. ca. 1748 Sietske Melles, 2
gezinsleden |
| 98 |
Hantje Hettes,
veermansknecht, 4 gezinsleden |
| 99 |
Harmanus Ferwerda,
"oude"
arbeider. Overleden 1751. Enig gezinslid |
| 100 |
Harmen Phocilides,
predikant. Trouwde ca. 1717; 3 gezinsleden |
| 101 |
Harmen Jans, "ossekoper";
tr. ca. 1740 Geeske Jakobs; 6 gezinsleden |
| 102 |
Hein Jans, brouwersknecht;
trouwde ca. 1748 Grietje Meinerts; 3 gezinsleden |
| 103 |
Helmich Tjebbes,
"oude"
sjouwer; tr. ca. 1716 Janke Hendriks en 1722 Geiske Jans; 2 gezinsleden |
| 104 |
Hendrik, smidsknecht, 3
gezinsleden |
| 105 |
Hendrik Durks, arbeider, 4
gezinsleden |
| 106 |
Hendrik Jans, schipper, 5
gezinsleden |
| 107 |
Hendrik Jans, wever, 4
gezinsleden |
| 108 |
Hendrik Jurjens,
smidsknecht; zou in 1752 Geertje Folkerts trouwen; enig gezinslid |
| 109 |
Hendrik Stoffels,
varensgezel; tr. ca. 1745 Janke Arjens en zou in 1760 trouwen met
Trijntje Sibbeles; 7 gezinsleden |
| 110 |
Heere Hinnes,
schipper/Oostzeevaarder. Kwam uit IJlst, maar trouwde 1734 in Lemmer met
Lokje Jans; 3 gezinsleden |
| 111 |
Heere Ydes, "oude
schuitevaerder", 2 gezinsleden |
| 112 |
Hessel Helperts, arbeider, 6
gezinsleden |
| 113 |
Hessel Clazes,
boerenarbeider, 3 gezinsleden |
| 114 |
Hette Pieters,
schipper/Oostzeevaarder. Tr. ca. 1746 Hendrikje Sipkes; 4 gezinsleden |
| 115 |
Hielke Aukes, sjouwer. Tr.
Janke Roelofs; 3 gezinsleden |
| 116 |
Hielke Feytes,
schipper/Oostzeevaarder; 3 gezinsleden |
| 117 |
Hielke Simmes, arbeider, 3
gezinsleden |
| 118 |
Hielke Siebes,
"arme" weduwe
van Hielke; enig gezinslid |
| 119 |
Hinke Siebolts,
"oude weduwe, 2 gezinsleden" |
| 120 |
Hotse Freerks, overl., 1725,
weduwe van Hotse was Grietje Jans, een "zobere vrouw", enig gezinslid |
| 121 |
Ienze Pieters, arbeider,
enig gezinslid |
| 122 |
Iepe Hendriks, schipper,
ging in 1753 trouwen met Blijke Klases; acht gezinsleden |
| 123 |
Iepe Jans, "welgesteld
burger", trouwde in 11718 met Geeske Jans (overl. in 1733) 3
gezinsleden. Iepe zou in 1757 overlijden. |
| 124 |
Iepke Ales, matroos, enig
gezinslid |
| 125 |
Iepkjen Klazes,
"arme"
vrijgezel, enig gezinslid |
| 126 |
Iesbrant Beerents, matroos,
enig gezinslid |
| 127 |
Ieske Folkerts,
"gewesene
cherger", 5 gezinsleden (cherger=belastingcommies) |
| 128 |
Jacob Annes, weduwe van
Jacob, "vrouw die zonder ondersteuning niet kan bestaen", 2 gezinsleden |
| 129 |
Jacob Engels,
schipper/Oostzeevaarder ("schuiteschipper"). Tr. ca. 1722 Aukje
Siebrens; 6 gezinsleden. Jakob werd in 1696 geboren
als zoon van de schipper Engel Jakobs en Femke Brands, die in 1692 waren getrouwd. |
| 130 |
Jacob Fokkes, varensgezel,
tr. 1737 Baukje Siebrens; 5 gezinsleden |
| 131 |
Jakob Gosses. Smidsknecht,
geb. 1674 als zoon van Gosse Ates; 2 gezinsleden |
| 132 |
Jakob Greults, arbeider, tr.
ca. 1740 Aatje Siebes; 4 gezinsleden |
| 133 |
Jakob Hommes en Hiltje
Hommes, "broeder en suster onder curatele", 2 gezinsleden |
| 134 |
Jakob Jans, timmerknecht,
tr. ca. 1740 Antje Lieuwes; 4 gezinsleden |
| 135 |
Jakob Johannes,
"ballaster"
(iemand die uitgaande schepen ballast verkoopt), 4 gezinsleden |
| 136 |
Jakob Johannes Smid,
grofsmid, 2 gezinsleden |
| 137 |
Jakob Lammerts, schipper, 6
gezinsleden |
| 138 |
Jakob Martens, stoker, tr.
ca. 1740 Hiltje Wiebes; 4 gezinsleden |
| 139 |
Jakob Oenes,
scheepstimmerknecht, tr. ca. 1738 Jetske Teedes; 4 gezinsleden |
| 140 |
Jakob Piers, "ossekoper",
enig gezinslid |
| 141 |
Jakob Willems, schoenmaker,
2 gezinsleden |
| 142 |
Jakobjen Annes, "kan
redelijk de kost verdienen", enig gezinslid |
| 143 |
Jolk (Jalkje) Gerbens, geb.
1697 als dochter van Gerben Joostes, was getrouwd in 1716 met Harmen
Gooitsens; nu "arme" weduwe, enig gezinslid |
| 144 |
Jan Bakker, molenaarsknecht,
4 gezinsleden |
| 145 |
Jan Borneman, "chirurgijn",
3 gezinsleden |
| 146 |
Jan Jansen Schroor,
Setschipper (schipper die vaart voor rekening van de eigenaar van het
schip), trouwde 1729 Auke Gerbens; 7 gezinsleden |
| 147 |
Jan Douwes, schoenmaker, 2
gezinsleden |
| 148 |
Jan Innes (Ennes), geb. 1685
als zoon van Enne Sipkes, tr. Aukje Kornelis; nu "oude gewesen boer", 5
gezinsleden |
| 149 |
Jan Everts, "zober oud man",
geb. 1672 als zoon van Evert Nolles; tr. 1711 Grietje Gosses, enig
gezinslid |
| 150 |
Jan Fongers,
molenaarsknecht, 4 gezinsleden |
| 151 |
Jan Gerbens, schipper, 2
gezinsleden |
| 152 |
Jan Haitses, schoenmaker, 3
gezinsleden |
| 153 |
Jan Heddes,
scheepstimmerknecht, enig gezinslid |
| 154 |
Jan Jakobs, matroos, 4
gezinsleden |
| 155 |
Jan Jans, smidsknecht, enig
gezinslid |
| 156 |
Jan Jansen, weduwe van Jan,
"sobere vrouw", 2 gezinsleden |
| 157 |
Jan Jansen Post,
scheepstimmerknecht (?), 5 gezinsleden |
| 158 |
Jan Jelkes, grofsmid, 4
gezinsleden |
| 159 |
Jan Joukes, "arm old man",
enig gezinslid |
| 160 |
Jan Lases, schoenmaker, 6
gezinsleden |
| 161 |
Jan Leenderts, matroos, 3
gezinsleden |
| 162 |
Jan Luitsens,
scheepstimmerknecht, enig gezinslid |
| 163 |
Jan Luitsens, hovenier, 3
gezinsleden |
| 164 |
Jan Pieters,
scheepstimmerknecht, 4 gezinsleden |
| 165 |
Jan Siebes, timmerknecht, 3
gezinsleden |
| 166 |
Jan Stevens,
mastenmakersknecht, enig gezinslid |
| 167 |
Jan Tjalings, "bootjemaker",
(scheepsbouwer?), 3 gezinsleden |
| 168 |
Jan Willems, sjouwer, 4
gezinsleden |
| 169 |
Janke Lenses, vrouw van
Gerrit Joekes, arbeidster, 2 gezinsleden |
| 170 |
Jeep Johannes,
scheepstimmerknecht, 3 gezinsleden |
| 171 |
Jeltje Johannes, arbeidster,
2 gezinsleden |
| 172 |
Jeltje Luitjens, weduwe, "waschter", enig gezinslid |
| 173 |
Jentje Pieters,
smakschipper. Tr. ca. 1748 Meinou Hartmans, 3 gezinsleden |
| 174 |
Jetske Pieters, winkelierse,
3 gezinsleden |
| 175 |
Joeke Annes, sjouwer, enig
gezinslid |
| 176 |
Johannes Prillevitz, weduwe
van Johannes; "wel in staat", 4 gezinsleden |
| 177 |
Johannes Wagter,
schoolmeester, 3 gezinsleden17 |
| 178 |
Johannes Binderts,
scheepstimmerknecht, 3 gezinsleden |
| 179 |
Johannes Diemers, "gewesene
chercher" (belastingcommies), 3 gezinsleden |
| 180 |
Johannes Gerkes, weduwe van
Johannes; "weduwe die van haar revenues bestaet", enig gezinslid |
| 181 |
Johannes Harmens, schipper,
5 gezinsleden |
| 182 |
Johannes Hebbes, kuiper, 8
gezinsleden |
| 183 |
Johannes Jans, "oude"
arbeider, 2 gezinsleden |
| 184 |
Johannes Jelgers, schipper,
9 gezinsleden |
| 185 |
Johannes Lourens, arbeider,
4 gezinsleden |
| 186 |
Johannes Martens,
timmerknecht, 3 gezinsleden |
| 187 |
Johannes Michiels, "leerloyerknegt", 4 gezinsleden |
| 188 |
Johannes Sjoerd,
koffeschipper. Tr. ca. 1731 met Piekje Sijes. 4 gezinsleden |
| 189 |
Johannes Wiebrens, weduwe
van Johannes; "arme oude vrouw"; enig gezinslid |
| 190 |
Johannes Willems, arbeider,
enig gezinslid |
| 191 |
Joost Oldendorp, "adsistent", 7 gezinsleden |
| 192 |
Joost Hielkes,
mastenmakersknecht, 2 gezinsleden |
| 193 |
Jouke Reyns, varensgezel, 2
gezinsleden |
| 194 |
Jouwert Siebrens, koopman en
lijnslager, 7 gezinsleden |
| 195 |
Carste Jans, weduwe van
Carste; "arm wyff", enig gezinslid |
| 196 |
Klaas Wemen, slager, enig
gezinslid |
| 197 |
Klaas Alberts, setschipper
(schipper die op schip van eigenaar vaart), 3 gezinsleden |
| 198 |
Klaas Deddes, setschipper, 3
gezinsleden |
| 199 |
Klaas Feddes,
scheepstimmerknecht, 2 gezinsleden |
| 200 |
Klaas Freerks, "koffevaerder", 4 gezinsleden |
| 201 |
Klaas Ientes,
veermansknecht, 5 gezinsleden |
| 202 |
Klaas Piers, matroos, 2
gezinsleden |
| 203 |
Klaas Roelofs, bakker, 3
gezinsleden |
| 204 |
Klaas Ulbes,
schipper/Oostzeevaarder. Tr. 1751 Fokje Gosses, 2 gezinsleden |
| 205 |
Coenraat Harmens, matroos, 3
gezinsleden |
| 206 |
Coert Rienks, "burgerman", 2
gezinsleden |
| 207 |
Cornelis Witteveen, brouwer,
5 gezinsleden |
| 208 |
Cornelis Bonnes,
zeilmakersknecht, enig gezinslid |
| 209 |
Cornelis Joekes, grofsmid, 3
gezinsleden |
| 210 |
Cornelis Martens,
koffeschipper/Oostzeevaarder. Tr. 1738 Jeltje Fokkes, 5 gezinsleden |
| 211 |
Cornelis Metskes,
kuipersknecht, enig gezinslid |
| 212 |
Corneliske Verbeek, "oude
arme weduwe", 2 gezinsleden |
| 213 |
Lammert Gosses,
schipper/Oostzeevaarder. Trouwde 4 keer: 1745 Grietje Everts; 1751
Pietje Hendriks; 1760 Pietje Mases en 1763 Hendrikje Hommes. 2
gezinsleden |
| 214 |
Lammert Jans, smidsknecht,
enig gezinslid |
| 215 |
Liepkje Annes, "wollenaayster", enig gezinslid |
| 216 |
Lieuwe Baukes,
scheepstimmerman, 6 gezinsleden |
| 217 |
Lieuwe Baukes, "ballaster"(
iemand die ballast verkoopt aan uitgaande schepen); 2 gezinsleden |
| 218 |
Lieuwe Sietses,
schipper/Oostzeevaarder. Tr. ca. 1739 Wietske Sjoerds, 2 gezinsleden |
| 219 |
Lourens Synes Hottinga,
smakschipper/Oostzeevaarder. Geb. Mildam ca 1695/1700; zoon van Syne
Lieuwes. Ging later naar De Lemmer. Tr. ca 1725 Janke
(Jantje)Jans; 7 gezinsleden |
| 220 |
Lourens Jacobs,
timmerknecht, 4 gezinsleden |
| 221 |
Lubbert Jans, timmerman, 8
gezinsleden |
| 222 |
Ludser Tammes,
scheepstimmerknecht, 7 gezinsleden |
| 223 |
Maaike Iebes, enig gezinslid
(woont bij Arrien Folkerts onder de Lemmer) |
| 224 |
Marten Brands, "wagenaer", 4
gezinsleden |
| 225 |
Marten Heins,
schipper/Oostzeevaarder. Tr. 1742 Hendrikje Jurjens; 4 gezinsleden |
| 226 |
Marten Jans,
scheepstimmerknecht, 5 gezinsleden |
| 227 |
Marten Jans, matroos, 2
gezinsleden |
| 228 |
Marten Rinses, matroos, 3
gezinsleden |
| 229 |
Marten Tjeerds, arbeider, 4
gezinsleden |
| 230 |
Meine Alles, sjouwer, 5
gezinsleden |
| 231 |
Meine Annes, 'wint de kost',
3 gezinsleden |
| 232 |
Meine Barteles, boer, 2
gezinsleden |
| 233 |
Melle Iebeles, smidsknecht,
enig gezinslid |
| 234 |
Melle Klaases Haen, 'contrarolleur ter Adm.', 6 gezinsleden |
| 235 |
Michiel Oldendorp,
ontvanger, 3 gezinsleden |
| 236 |
Minke Roelofs, "arme meyd",
enig gezinslid |
| 237 |
Mense (Minse, Minze)
Hnedriksz, schoenmaker, tr. 1752 Grietje Fransdr. Foiseau. Nam in 1811
achternaam "De Vries" aan. In 1749 enig gezinslid. |
| 238 |
Minse Oiers, arbeider, 4
gezinsleden |
| 239 |
Murk Jeltes, varensgezel, 3
gezinsleden |
| 240 |
Nanne Arends, "old
bijsitter" (lid van het grietenijgerecht), 3 gezinsleden |
| 241 |
Nolke Oenes, matroos, 6
gezinsleden |
| 242 |
Obbe Sipkes,
schipper/Oostzeevaarder. Tr. 1728 Jeltje Sietses, 2 gezinsleden |
| 243 |
Oege Jans, schipper, 2
gezinsleden |
| 244 |
Oege Jans, schippersknecht,
2 gezinsleden |
| 245 |
Paulus Hendriks, matroos, 2
gezinsleden |
| 246 |
Paulus Uilkes Schuyl,
bakker, 5 gezinsleden |
| 247 |
Piebe Jentjes, "kan de kost
niet winnen", 6 gezinsleden |
| 248 |
Piekje Hendriks,
"linnennaeyster" enig gezinslid |
| 249 |
Pier Jans, weduwe van Pier;
"redelijk in staat", 2 gezinsleden |
| 250 |
Pier Sietses, matroos, 6
gezinsleden |
| 251 |
Pieter Ankringa, beroep
onbekend, enig gezinslid |
| 252 |
Pieter Alberts,
schippersknecht, 2 gezinsleden |
| 253 |
Pieter Baukes, boer, 8
gezinsleden |
| 254 |
Pieter Haitses, schoenmaker,
3 gezinsleden |
| 255 |
Pieter Hielkes, turfdrager,
5 gezinsleden |
| 256 |
Pieter Johannes,
smidsknecht, enig gezinslid |
| 257 |
Pieter Martens, matroos, 4
gezinsleden |
| 258 |
Pieter Meines, keuterboer, 2
gezinsleden |
| 259 |
Pieter Piers, weduwe van
Pieter; "arme weduwe", 5 gezinsleden |
| 260 |
Pieter Pieters, timmerman, 4
gezinsleden |
| 261 |
Pieter Siebouts, weduwe van
Pieter, "arme oude vrouw", 2 gezinsleden |
| 262 |
Pieter Siemens,
timmerknecht, enig gezinslid |
| 263 |
Pieter Tammes,
schippersknecht, 3 gezinsleden |
| 264 |
Reinder Jakobs, arbeider. 2
gezinsleden |
| 265 |
Rimmer Jans Falkema,
executeur. 7 gezinsleden |
| 266 |
Repke Johannes, varensgezel,
4 gezinsleden |
| 267 |
Rienk Harmens, "wagenaer", 7
gezinsleden |
| 268 |
Rienk Joostes, "coffeschipper", 4 gezinsleden |
| 269 |
Rienk Remmerts, schipper, 7
gezinsleden |
| 270 |
Rienk Siemens, timmerman, 4
gezinsleden |
| 271 |
Rinske Meines, matroos, 2
gezinsleden |
| 272 |
Rinske Rijkholts, "sobere
weduwe", enig gezinslid |
| 273 |
Rintje Jans, timmerknecht, 4
gezinsleden |
| 274 |
Romke Fokkes, arbeider, 3
gezinsleden |
| 275 |
Ruurd Willems,
pottenbakkersknecht, enig gezinslid |
| 276 |
Sander Klaases, setschipper,
5 gezinsleden |
| 277 |
Sanne Sjoukes, "zeer oud
man", 3 gezinsleden |
| 278 |
Sibbele Cornelis, "oude arme
man", 2 gezinsleden |
| 279 |
Sibbele Rienks, schoenmaker,
enig gezinslid |
| 280 |
Siebe Baukes,
scheepstimmerknecht, 3 gezinsleden |
| 281 |
Siebe Jans, mastenmaker, 2
gezinsleden |
| 282 |
Siebout Greults (Greelts),
kuiper, 3 gezinsleden |
| 283 |
Siebout Pieters,
schipper/Oostzeevaarder. Nam in 1811 achternaam De Boer aan. 4
gezinsleden |
| 284 |
Siebout Pieters, schipper, 5
gezinsleden |
| 285 |
Siebout Wouters,
schoenmaker, 2 gezinsleden |
| 286 |
Siebren Jonkman,
"coffeschipper", 2 gezinsleden |
| 287 |
Siebren Abes,
"boottjemaker", 5 gezinsleden |
| 288 |
Siebren Jans, arbeider, 2
gezinsleden |
| 289 |
Sieger Sietses,
scheepstimmerknecht, 3 gezinsleden |
| 290 |
Siemen Jans, "arm man", 6
gezinsleden |
| 291 |
Siemen Jennes,
scheepstimmerman, 4 gezinsleden |
| 292 |
Siemen Sjoerds, weduwe van
Siemen, boerin, 3 gezinsleden |
| 293 |
Sietske Gosses, weduwe "wint
de kost", enig gezinslid |
| 294 |
Sikke Sleeswijk,
schipper/Oostzeevaarder. Tr. 1733 Korneliske Kornelis. 6 gezinsleden |
| 295 |
Sikke Ages, weduwe van
Sikke, winkellierse, enig gezinslid |
| 296 |
Sipke Sluis, arbeider, 4
gezinsleden |
| 297 |
Sipke Innes, "arm man"; "door zijn kinders onderhouden", enig gezinslid |
| 298 |
Sipke Hanses, schoenmaker, 5
gezinsleden |
| 299 |
Sipke Siemens,
schoenmakersknecht, enig gezinslid |
| 300 |
Sjoerd Annes, "arm old man",
3 gezinsleden |
| 301 |
Sjouk Harmens, "oude
weduwe", enig gezinslid |
| 302 |
Swaantje Jans, "wolle
nayster", enig gezinslid |
| 303 |
Teede Ates, uurwerkmaker, 4
gezinsleden |
| 304 |
Teunis Anskes, arbeider, 2
gezinsleden |
| 305 |
Teunis Pieters, arbeider en
sjouwer, 5 gezinsleden |
| 306 |
Thomas Bijlsma, herbergier
(Wildeman?), 8 gezinsleden |
| 307 |
Tiemen Folkerts,
varensgezel, 2 gezinsleden |
| 308 |
Tiemen Cornelis,
schippersknecht, 3 gezinsleden |
| 309 |
Tys (Ties) Harmens,
scheepstimmerknecht, 4 gezinsleden |
| 310 |
Ties Jentjes, bijzitter,
koopman en leerlooier, 6 gezinsleden |
| 311 |
Tietje Asses,
linnennaaister, enig gezinslid |
| 312 |
Tjeerd Jans, matroos, 2
gezinsleden |
| 313 |
Tjeerd Tietes, "oud man", 2
gezinsleden |
| 314 |
Tjepke Thomas, matroos, 4
gezinsleden |
| 315 |
Tjerk Thomas,
koffeschipper/Oostzeevaarder. Kwam uit Heerenveen, maar trouwde 1748
Klaaske Jakles in De Lemmer, 2 gezinsleden |
| 316 |
Tjitske Johannes, "arme oude
meyd", enig gezinslid |
| 317 |
Trientje Bartles, "arme
weduwe", 2 gezinsleden |
| 318 |
Trientje Willems, "arme
weduwe", 2 gezinsleden |
| 319 |
Uilke Jetses, praamvoerder,
2 gezinsleden |
| 320 |
Uilke Sieniers,
veerschipper, 6 gezinsleden |
| 321 |
Ulbe Annes,
kofschipper/Oostzeevaarder, 5 gezinsleden |
| 322 |
Wale Holles,
schipper/Oostzeevaarder. Kwam uit Woudsend maar touwde 1732 Aafke Sikkes
in De Lemmer, 3 gezinsleden |
| 323 |
Watse Pieters, arbeider, 6
gezinsleden |
| 324 |
Wiebe Adams,
mastenmakersknecht, 3 gezinsleden |
| 325 |
Wiede Deddes, schipper, 6
gezinsleden |
| 326 |
Wiebe Pieters, sjouwer, enig
gezinslid |
| 327 |
Wiebe Wiebes,
huistimmerknecht, 3 gezinsleden |
| 328 |
Wiebe Wouters, "zober
vrijgezel", enig gezinslid |
| 329 |
Wiebren Jans, Ossekoper, 6
gezinsleden |
| 330 |
Wiebren Sjoerds,
schipper/Oostzeevaarder. Hij overleed in 1806. In 1749 4 gezinsleden |
| 331 |
Wiebren Wouters, timmerman,
3 gezinsleden |
| 332 |
Wieger Ludsers, wagenmaker,
2 gezinsleden |
| 333 |
Wiepkje Ruurds, matroos, 6
gezinsleden |
| 334 |
Wierd Hilles, matroos, 2
gezinsleden |
| 335 |
Wietse Johannes,
schoenmaker, 3 gezinsleden |
| 336 |
Willem Knijf, weduwe van
Willem, winkelierse, 5 gezinsleden |
| 337 |
Willem Muurling, weduwe van
Willem, "bezwaart met een zwaer huisgesin, door vrienden ondersteunt", 5
gezinsleden |
| 338 |
Willem Annes, bakker, 9
gezinsleden |
| 339 |
Willem Jetses, matroos, 5
gezinsleden |
| 340 |
Willem Linses, sjouwer, 6
gezinsleden |
| 341 |
Willem Lucas,
koffeschipper/Oostzeevaarder. Tr. ca. 1742 Geertje Pieters; 5
gezinsleden |
| 342 |
Willem Piers,
scheepstimmerknecht, 3 gezinsleden |
| 343 |
Wobbe Jans, kuipersknecht,
enig gezinslid |
| 344 |
Wouter Klaases, boer, 5
gezinsleden |
De Lemmer géén
vissersplaats in het midden 18de eeuw
In totaal werden in
1749 1100 personen in De Lemmer geregistreerd. Uit bovenstaande
opsomming kan in ieder geval worden geconcludeerd, dat De Lemmer in het
midden van de 18de eeuw géén vissersplaats was.
Integendeel, hoewel de Zuiderzee voor de deur lag, heeft niemand, ik
herhaal niemand, als beroep "visser" gehad. Wel was De Lemmer echt een
dorp van zeelui: schippers en matrozen waren de voornaamste
beroepsgroepen in die jaren. In bovenstaande lijst komen we wat vreemde
beroepen tegen. Cherger of chercher was een belastingcommies, die
waarschijnlijk in 1748 allemaal ontslagen werden, want het gaat altijd
om een "gewesen cherger". Een "ballaster" was iemand die aan uitgaande
schepen ballast verkocht. Er bestond in die tijd zelfs een gilde van
ballasters. Een "setschipper" of "zetschipper" was iemand die voor
rekening van de eigenaar van een schip voer.
Opvallend in de lijst
is het grote aantal arme vrouwen en mannen.

De volgende
beroepen werden opgegeven in 1749:
|
schippers (en
knechten): 55 personen; |
|
matrozen/varensgezellen: 35 personen; |
|
timmerlieden (en
knechten): 35 personen; |
|
arbeiders: 31
personen; |
|
sjouwers: 12
personen; |
|
schoenmakers (en
knechten): 12 personen; |
|
(grof)smeden (en
knechten): 12 personen; |
|
naaisters: 7
personen; |
|
boeren (innen): 6
personen: |
|
kooplieden: 6
personen; |
|
zeilmakers (en
knechten): 5 personen; |
|
mastenmakers(en
knechten): 5 personen; |
|
winkeliers: 5
personen: |
|
wagenmakers: 4
personen; |
|
kuipers (en
knechten): 4 personen; |
|
gewezen chergers
(belastingcommiezen): 4 personen; |
|
(zaag)molenaars
(en knechten): 4 personen; |
|
bakkers: 4
personen: |
|
ossenkopers: 3
personen; |
|
pottenbakkers (en
knechten): 2 personen; |
|
bootjesmakers
(scheepsbouwers?): 2 personen; |
|
ballasters ( zij
die ballast verkopen): 2 personen; |
|
dienstmeiden: 2
personen; |
|
secretarissen: 2
personen; |
|
brouwers (en
knechten): 2 personen; |
|
bijzitters
(bijstaande rechters of bestuurders): 2 personen; |
|
herbergiers: 2
personen; |
|
"adsistenten": 2
personen |
|
leerlooiers (en
knechten): 2 personen. |
En verder 1
persoon per volgend beroep: wever, chirurgijn, turfdrager,
"setmeijer van Andrnga", slager, biesjager, grietman, predikant,
schoolmeester, wasmeid, hovenier, ontvanger, praamvoerder,
uurwerkmaker, stoker, veermansknecht, "contrarolleur ter Adm.",
executeur.


Napoleon.
Het decreet
van Napoleon
Het is keizer
Napoleon geweest, die in 1811 (Nederland was toen ingelijfd bij
Frankrijk), de inwoners van ons land verplichtte een familienaam aan
te nemen. Bij decreet van de Franse keizer van 18 augustus 1811 werd
bepaald, dat wie in Nederland nog geen vaste achternaam had, er
binnen een jaar één moest aannemen. Deze termijn werd verlengd bij
decreet van 17 mei 1813 (want heel veel mensen vonden het maar
onzin!) en nogmaals bij Koninklijk Besluit van 8 november 1825. Dit
laatste decreet als gevolg van het feit, dat er nog steeds mensen
rondliepen zonder achternaam. Van deze laatste gelegenheid een
achternaam te kiezen werd overigens nauwelijks gebruik gemaakt. Als
gevolg van deze decreten ontstonden de registers van naamsaanneming.
Voorheen waren
geboorten, huwelijken en sterfgevallen door kerkelijke overheden
opgetekend. Het aantal levend geborenen en de overledenen werden ook
door vroedvrouwen en chirurgijns aan het gemeentebestuur opgegeven,
maar vooral in de tijd van de patriotten en prinsgezinden werd daar
weleens de hand mee gelicht. In 1811 kregen de kerkelijke
bestuurders opdracht hun doopboeken of geboorteregisters voor de
overheid open te stellen, in 1812 moesten ze doop- en trouwregisters
met contraboeken e.d. bij het archief van de stad of dorp deponeren.
Huwelijken mochten niet meer door predikanten of anderen gesloten
worden – wel ingezegend – maar slechts door de officier van de "Etat
Civil", de ambtenaar van de ingevoerde burgerlijke stand.
Vóór 1811 hadden
alleen rijke en voorname mensen een familienaam. De meeste
familienamen vond je dan ook in de steden. Als je als arbeider op
het platteland een familienaam gebruikte, dan werd je al snel
eigenwijs gevonden. Het paste een ´gewone´ arbeider niet om een
deftige achternaam te gebruiken. In Bozum bijvoorbeeld gebruikten
een ´gewone´ boer en het dienstmeisje, waarmee hij in 1766 trouwde,
allebei een familienaam. Uit het trouwboek van de Hervormde Kerk
lezen we dat men dit bespottelijk vond.
'Den 10, 17 en
24 augusti zijn de houwelijks proclamatiën geschied van Willem Piers
Piersma, huysman onder Bossum, van wiens Titel men te vooren niet
had geweeten, en Minke Jentjes Zijlstra, wiens titel te vooren
buiten twijfel, alsoo weinig was bekend dewijl zij dienstmaagd was,
soo dat deeze Man met seer veel Statie na zijn gedachten, dog tot
spot van de meeste is geproclameerd.'
(Op 10, 17 en 24 augustus hebben Willem
Piers Piersma, keuterboer nabij Bozum, en Minke Jentjes Zijlstra hun
voornemen om te gaan trouwen bekend gemaakt. Bij niemand was echter
bekend dat zij een familienaam hadden. Bovendien was Minke zijn
dienstmeisje en heeft deze man, met dit overdreven standgevoel, zich bij
veel mensen belachelijk gemaakt).
Willem en zijn
Minke zullen het daarna niet gemakkelijk hebben gehad in hun dorp.

Tresoar. Trouwboek Bozum, DTB nr. 65,
jaar: 1766.
Toen er nog geen
achternamen bestonden duidde men elkaar vaak aan door middel van
patroniemen (vadersnamen): Jan, zoon van Piet, werd Jan Pieterszoon
of Pieterszn of nog eenvoudiger, hij ging als Jan Pieters door het
leven. Heel veel families zijn aan hun naam gekomen door het
langzamerhand verstarren van een patroniem (vadersnaam) tot
geslachtsnaam.
Bij het kiezen
van een familienaam in 1811 werd geen druk uitgeoefend om een
bepaalde naam aan te nemen, men was daar volkomen vrij in. Op het
moment, dat men voor de ambtenaar stond, kon men elke willekeurige
naam kiezen. Achternamen zijn dan ook soms op de meest eigenaardige
manier tot stand komen. Men kon een naam kiezen welke was afgeleid
van een voornaam (afstammingsnamen). Zie het voorbeeld hierboven.
Maar er kon ook worden verwezen naar een aardrijkskundige herkomst,
zoals bijvoorbeeld een streek of plaats. Zo is mijn achternaam (Van
der Zwaag) afgeleid van "Beetsterzwaag", waar mijn familie vandaan
komt. Het voorvoegsel "van" is een belangrijke aanwijzing (Van
Deventer, Van Arum, Van den Oever, Van der Zee). Dit noemt men 'herkomstnamen'’. Maar men kon ook een achternaam kiezen, afgeleid
van het beroep dat werd uitgeoefend (beroepsnamen), zoals De Boer,
Visser, Kuiper, Molenaar, Koopmans, Bakker, Smid (Smit), de Rook.
Latijnse vormen waren o.a. Kuperus (Kuiper), Faber (smid) en Nauta
(schipper). En er was een groep namen afgeleid van een eigenschap,
lichaamskenmerk of andere merkwaardigheid, zoals De Groot, Zwart,
Sterk.
Voorbeelden
van aktes betreffende naamsaanneming.
Een achternaam is
altijd door veel mensen als belangrijk ervaren, waarbij ijdelheid
een grote rol speelt. Iemand die De Ruyter (of desnoods Ruiter)
heet, zal graag uitzoeken of hij van de beroemde admiraal afstamt.
Het wordt dan ook als een voorrecht beschouwd tot een geslacht te
behoren waarvan leden zich in het verleden verdienstelijk hebben
gemaakt. De Nederlandse taal kent dan ook uitdrukkingen die daarmee
te maken hebben: ‘een goede naam is teer’, ‘denk toch om
je goede naam’, zijn enkele voorbeelden. Hoe ver de ijdelheid
van sommige mensen gaat, blijkt het volgende voorval. De
vooraanstaande burger en burgemeester (maire) van Rauwerd, Folkert
van Loon, die al lang de naam Van Loon voerde, vond het maar niks,
dat een plaatsgenoot, Jochum Gerbens, dezelfde achternaam koos.
Jochum was een arbeider en dat was helemaal tegen het zere been van
onze maire, die zich dan ook in 1813 bij de Onder-Prefekt beklaagde.
Het hielp niet en Jochum mocht voortaan Van Loon heten.
Zij die in 1811
een achternaam kozen voor zichzelf en alle eventuele kinderen (ook
al waren die meerderjarig!) waren in de meeste gevallen de
mannelijke gezinshoofden. Ook weduwen waren natuurlijk gezinshoofden
en konden in die kwaliteit voor de kinderen een familienaam kiezen.
Het kwam slechts sporadisch voor dat gehuwde en ongehuwde vrouwen
voor zichzelf een naam kozen. Ze kregen meestal de achternaam van
hun vader. Behalve in Lemsterland (!) werden de namen van de joodse
families in afzonderlijke registers aangetekend.
Honderden mensen
trokken zich niets aan van de voorschriften. Zij gingen door het
gebruiken van hun patroniem, dat daardoor als het ware versteende
tot familienaam.

Voorbeeld van een naamsaanneming van
Frans Jacobs Visser uit Lemmer.
De
familienamen in De Lemmer.
Omdat de
naamsregisters uit 1811 bewaard zijn gebleven kunnen we nauwkeurig
nagaan, welke gezinshoofden in De Lemmer in dat jaar een familienaam
aannamen, waarmee we tegelijkertijd kunnen concluderen, dat deze
behoren tot de oudste families, waarvan we weten dat ze in De Lemmer
hebben gewoond. Onderstaand volgen de bewuste namen. Let wel, het
gaat hier om de namen van de gezinshoofden. De namen ontbreken
uiteraard van degenen, die in De Lemmer al een achternaam hadden,
zoals Sleeswijk, Stapert etc.
Familienamen 1811 in De Lemmer.
| 1 |
Adema,
Philippus Goykes (Guikesz, Gooitsens, Goikes) |
| 2 |
Adema,
Rinkje Goykes |
| 3 |
Ages,
Tjeerd |
| 4 |
Akkerman,
Pieter Hylkes |
| 5 |
Akkerum,
Simon Cornelis |
| 6 |
Althuis,
Sikke (vader Tjeerd Tjepkes Althuis woonde in Wirdum) |
| 7 |
Andrea,
Ernoldus (vader Johannes Peterus Andrea woonde in Burum) |
| 8 |
Andringa,
Tietje Jacobs |
| 9 |
Andringa,
Tietje Jacobs van |
| 10 |
Asma, Johannes Lubberts
van |
| 11 |
Asman, Dirk Meinders |
| 12 |
Atsma, Andries Doedes. |
| 13 |
Atsma, Hylkjen Hylkes |
| 14 |
Bayma, Popke Jacobs |
| 15 |
Bakker, Geert Jans |
| 16 |
Bakker, Oetske Jetzes
(vader Jetze Lykles Bakker nam in Sneek naam aan) |
| 17 |
Bakker, Poppe Cornelis.
Geb. 1778. Kind van Cornelis Wietses en Meino Poppes. |
| 18 |
Bakker, Wietse Cornelis.
Geb.1774. Kind van zie 17. |
| 19 |
Bergen (of Berger),
Albert Gerrits. Getrouwd met Gerritje Willems |
| 20 |
Bergsma, Jan Adams.
Getrouwd met Baukjen Lubberts. |
| 21 |
Bergsma, Atse Jelles |
| 22 |
Bergsma, Fedde. Vader
Ids Jans Bergsma nam in Heeg naam aan. |
| 23 |
Bergsma, Roeloffjen
Beerents. Haar man was in het buitenland. |
| 24 |
Betzema, Gijsbert.
Moeder Bauke Betzes Betzema was weduwe van Reinouw Jans Donker in
Balk. |
| 25 |
Bijker, Folkert Willems
c.s. |
| 26 |
Bijl, Roelof Tjebbes |
| 27 |
Bijlsma, Gooytse Douwes |
| 28 |
Bijlsma, Marten Martens |
| 29 |
Blok, Josep (Israëliet) |
| 30 |
Blok, Salomon Garson
(Israëliet) |
| 31 |
Blokmaker, Auke Hylkes |
| 32 |
Blokmaker, Roelof Hylkes |
| 33 |
Blokmaker, Sjoukje
Hylkes |
| 34 |
Blokmaker, Trijntje
Hylkes (Zie 238) |
| 35 |
Boer, Bernardus Hendriks
de |
| 36 |
Boer, Eldert Rijntjes de |
| 37 |
Boer, Jan Jans de |
| 38 |
Boer, Jurjen Johannes de |
| 39 |
Boer, Pier Willems de |
| 40 |
Boer, Poppe Cornelis de |
| 41 |
Boer, Rintje Watses de |
| 42 |
Boer, Siebe Jolles de |
| 43 |
Boer, Sybe Pyters de |
| 44 |
Boer, Teeke Tjeerds de |
| 45 |
Boer, Tjeerd Feikes de |
| 46 |
Boer, Wytse Rinses de |
| 47 |
Boersma, Fedde Heeres |
| 48 |
Boltje, Geertje
Tjeerds(vader Tjeerd Jacobs nam in Rotsterhaule naam aan) |
| 49 |
Bontekoe, Grietje Poppes |
| 50 |
Boonstra, Marten Sipkes |
| 51 |
Boonstra, Wytse Greelts |
| 52 |
Bootsma, Eise Jans |
| 53 |
Bootsma, Gebrand Gaukes |
| 54 |
Bootsma, Tjalling Jans |
| 55 |
Bosman, Yme Harmens
(vader Harmen Jans nam in St. Nicolaasga naam aan) |
| 56 |
Braak, Frans Johannes de |
| 57 |
Brink, Wybe Ages ten |
| 58 |
Brouwer, Jelte Willems |
| 59 |
Bruneger, Trijntje
Johannes |
| 60 |
Bult, Jeltje Sybolts |
| 61 |
Dijk, Volkert Olkes |
| 62 |
Dijk, Homme Jacobs (zie
ook 156.) |
| 63 |
Dijkema, Atte Ales |
| 64 |
Dijkema, Rinske Teedes |
| 65 |
Dijkstra, Hans Oenes |
| 66 |
Dijkstra, Rommert Annes |
| 67 |
Dijkstra, Foeckjen
(vader Thijs Douwes nam in Sondel naam aan) |
| 68 |
Donker, Lijsbert |
| 69 |
Driest, Egbert Willems |
| 70 |
Dryst, Jan Willems |
| 71 |
Dublinga, Marten Jans |
| 72 |
Duin, Willem Reinders |
| 73 |
Faber, Immegjen (vader
Dirk Jacobs nam in Nijehaske naam aan. |
| 74 |
Faber, Geetje (vader
etc. zie 73) |
| 75 |
Feenstra, Abraham Jans |
| 76 |
Feenstra, Trijntje Evers |
| 77 |
Feringa, Gerrit Eelderts |
| 78 |
Glasma, Tjeerd Pieters
c.s. |
| 79 |
Goot, Simentje Hendriks
van der |
| 80 |
Groot, Hendrik de |
| 81 |
Groot, Stoffel Hendriks
de |
| 82 |
Haan, Auke Jans de |
| 83 |
Haan, Jetske Heeres de |
| 84 |
Haan, Klaas Cornelis de |
| 85 |
Haan, Hans de |
| 86 |
Haarsma, Johannes Annes,
(1750-1824) schipper |
| 87 |
Haga, Pieter, schipper |
| 88 |
Haga, Antje |
| 89 |
Halbersma, Sjoukje Annes |
| 90 |
Halstra, Jan Tiemens |
| 91 |
Harkema, Rienk Jurjens |
| 92 |
Hattinga, Gabe Idzes
(1765-1827), houtmolenaarsknecht te Lemmer. Tr. 1790 Stijntje
Johannes uit Joure. Zoon van Yds Lyckles en Trijntje de
Lange |
| 93 |
Hattinga, Jelke Jochems |
| 94 |
Hattinga, Roelofje Jans
van (zie hierboven 92) |
| 95 |
Hattinga, Willem Rommerts (ook soms als Hottinga
geschreven), scheepstimmerknecht te Lemmer. Zoon van Rimmert Rimmers Posthumus en Roelofje Jans
Fleer. Roelofje nam in 1811 voor haar en haar 2 zonen de familienaam Hattinga aan. |
| 96 |
Hengst, Rinke Pieters de |
| 97 |
Henstra, Gatske Teedes |
| 98 |
Henstra, Jacob Jilkes |
| 99 |
Henstra, Hiltje (vader
Nolke Pieters woonde in Terhorne) |
| 100 |
Hylkema, Teede Hylkes,
ongehuwd |
| 101 |
Hoekstra, Grietje
Willems |
| 102 |
Hoekstra, Hendrikje
Hanses |
| 103 |
Hoekstra, Janke
(moeder, de weduwe Lysbet Hayes, vrouw van Riemer Gerbens woonde in
Joure) |
| 104 |
Hofmayer, Lammert Jans |
| 105 |
Hofmeyer, Lammert Jans
(vader Jan Tjittes woonde in St. Nicolaasga) |
| 106 |
Hollander,
Lammert (vader Andries Dates woonde in Gorredijk) |
| 107 |
Hollander, Marrigjen |
| 108 |
Hond, Johannes Jans de |
| 109 |
Hontje, Luitjes Siebes |
| 110 |
Hooisma, Antje (vader
Johannes Poppes woonde in Ouwsterhaule) |
| 111 |
Hottinga, Pieter Ybes,
(1773-1827) arbeider. Tr. 1812 Pietje Annes Nop |
| 112 |
Huisstra, Arjen (vader
Douwe Arriens woonde in Ouwster-Nijega) |
| 113 |
Huitema, Pier (vader
Romke Huites woonde in Woudsend) |
| 114 |
Jong, Heiman Israels de
(Israëliet) |
| 115 |
Jong, Hijman Israels de
(Israëliet) |
| 116 |
Jong, Rinkien de (vader
Obbe Obbes woonde in Sondel. Rinkien was de vrouw van Marten Durks |
| 117 |
Joustra, Bonne Johannes |
| 118 |
Kamminga, Pieter Elders |
| 119 |
Kamper (Camper), Marijke
Gerrits |
| 120 |
Kater, Gurbe Sietses |
| 121 |
Kats, Pieter Siebolt |
| 122 |
Kisjes, Aaltje (vader
Foppe Feikes woonde in Joure) |
| 123 |
Knijpinga, Gerbrand
Abels, ongetrouwd |
| 124 |
Knoop, Thomas Tjeerds |
| 125 |
Kok, Gerrit Klaases |
| 126 |
Kok, Hendrik Namnes |
| 127 |
Kok, Rinke Douwes |
| 128 |
Kok, Sybrand Douwes |
| 129 |
Kok, Tiemen Tiemens |
| 130 |
Koopman, Aafjen Bottes |
| 131 |
Kraayer, Jacob Jans |
| 132 |
Kroonstra, Jeltje
(moeder Grietje Annes woonde in Balk) |
| 133 |
Kuipers, Louw Siebrens |
| 134 |
Lange, Tys Hendriks de |
| 135 |
Lee, Antje van de |
| 136 |
Lee, Pieter Feddes van
der |
| 137 |
Ligthart, Antje (vader
Tjalling Alles woonde in Sneek) |
| 138 |
Linde, Andries Engels
over de |
| 139 |
Meeuws, Arnoldus Pieters |
| 140 |
Meeuws, Willem Pieters
(Kuinre) |
| 141 |
Meyboom, Marinus Jans |
| 142 |
Meyer, Evert Jacobs,
zoon Hielke Everts Meyer (1839-1909) was schipper |
| 143 |
Meyer, Johannes Hendriks |
| 144 |
Meulen, Trijntje Jans
van der |
| 145 |
Mink, Aaltje (vader
Wieger Klaases woonde in Rotsterhaule) |
| 146 |
Molemaker, Hein
Fedderiks |
| 147 |
Molemaker, Willem
Roelofs |
| 148 |
Moolenaar, Nolke Meinses |
| 149 |
Molenaar, Nolke Wybrens |
| 150 |
Moolenaar, Rein Iepes |
| 151 |
Mug, Baukjen Sytses,
weduwe Koert Rientsma (zie 178) |
| 152 |
Mulder, Antje Piers |
| 153 |
Mulder, Grietje Piers |
| 154 |
Nap, Douwe Annes |
| 155 |
Nauta, Anne Arjens |
| 156 |
Nauta, Anne Sikkes |
| 157 |
Nauta, Jacobus Arjens |
| 158 |
Nijmeyer, Barke Olten |
| 159 |
Noordewijk, Geesje
Jacobs, weduwe, Homme Jacobs van Dijk |
| 160 |
Opdijk, Reinskje (vader
Pieter Sakes woonde in Bolsward) |
| 161 |
Pekema, Auke Jelles |
| 162 |
Plantinga, Hielke
Siegers |
| 163 |
Poepjes, Jan (vader
Jacob Jans woonde in St. Johannesga) |
| 164 |
Polak, Joseph
(Israëliet) (vader Benedictus Joseph woonde in Leeuwarden |
| 165 |
Pooch, Douwe Piebes |
| 166 |
Poppe, Sjerp Jeeps |
| 167 |
Post, Antje |
| 168 |
Post, Jouke Folkerts |
| 169 |
Post, Margje Beerents |
| 170 |
Postma, Pieter Geerts |
| 171 |
Postma, Sander (vader
Sander Sanders woonde in Langweer) |
| 172 |
Postma, Sietse Pieters |
| 173 |
Pot, Frans Alefs van der |
| 174 |
Ramkema, Homme Jacobs |
| 175 |
Remkema, Aaltje (Klazes) |
| 176 |
Riemersma, Andries
Annes. Vrouw Metje Jans. Zoon Arend Andries (1785-1826) was
schipper. |
| 177 |
Rientsma, Joost |
| 178 |
Rientsma, Koert.
Weduwe Baukje Sietses Mug (zie
151) |
| 179 |
Rode, Anke Jans |
| 180 |
Rook, Klaas Jurjens de |
| 181 |
Rook, Lourens Jurjens de |
| 182 |
Rook, Nanne Jurjens de |
| 183 |
Roos, Douwe Hendriks de.
Weduwe Trijntje Cornelis Schoondorp (zie
194) |
| 184 |
Roos, Freerk Harmens de.
Weduwe Klaaske Iegrams van der Werf in Balk |
| 185 |
Roukema, Anne Geerts |
| 186 |
Samplonius, Johannes
Rommerts. Geb. 1771 Oosterzee. Tr. 1805 Willemke Tjeerds. Johannes was zoon van Rommert Barteles
(Oosterzee) en Nelligje Samplonius. |
| 187 |
Sanstra, Sjouwke Hielkes |
| 188 |
Schaaf, Antoon Ryntjes
van der |
| 189 |
Schaapsma, Bouke
(moeder, de weduwe van Auke Jacobs Schaapsma, Gerbrig Wietses
Hoogland, woonde in Langweer |
| 190 |
Scheepstimmerman, Pier
Johannes ( tekent met "Temmerman") |
| 191 |
Schoenmaker, Louw
Johannes |
| 192 |
Schoondorp, Aaltje
Cornelis |
| 193 |
Schoondorp, Jantje
Cornelis |
| 194 |
Schoondorp, Trijntje
Cornelis, weduwe Douwe Hendriks de Roos (zie 183) |
| 195 |
Schotanis, Harmen Teunis |
| 196 |
Schuit, Meindert Annes
(?) |
| 197 |
Siersma, Lubbert Abes |
| 198 |
Sloten, Geeske Martens |
| 199 |
Sluis, Iens van der
(vader Jouke Poppes woonde in Langweer) |
| 200 |
Smit, Jan Jurjens |
| 201 |
Smit, Reintje, schipper
(vader Cornelis Boeles woonde in St. Johannesga |
| 202 |
Smidtje, Trijntje (vader
Hendrik Kornelis woonde in Paesens) |
| 203 |
Spaan, Fedde Hielkes |
| 204 |
Spandauw, Jan (vader
Carel woonde in Sneek) |
| 205 |
Spijkhout, Alle Andries |
| 206 |
Spoelstra, Jeltje (vader
Hendrik Berents woonde in Balk) |
| 207 |
Spool, Hendrik Antoons |
| 208 |
Stellingwerf, Sybe
(vader Broer Siebes, bakker, woonde in IJlst) |
| 209 |
Stellingwerf, Luitjen
Siebes |
| 210 |
Swart, Wiebe Jillings |
| 211 |
Tadema, Sjoerd, weduwe
Dettje Jentjes Wearda |
| 212 |
Tammes, Johannes |
| 213 |
Terweel, Lucas Jans |
| 214 |
Timmerman, Willem
Rienks. |
| 215 |
Troelstra, Jelle Jentjes |
| 216 |
Tuinstra, Berend Melis |
| 217 |
Turksma, Markus Salomons
(Israëliet) (vader Salomon Nathans woonde in Leeuwarden) |
| 218 |
Urk, Harmen Jans |
| 219 |
Veen, Douwe Tiemens van.
Geb. 1758 als zoon van Tiemen Dirks en Tietje Douwes. Tr. 1783 Fedje
Sietses. |
| 220 |
Veen, Halbe Tjeerds van
der. Geb. 1778 als zoon van Tjeerd Halbes en Aukje Feikes. Tr. 1798
Sjoukje Annes. |
| 221 |
Veen, Lippe Gerbens van
der. Tr. Wiepkje Johannes. Zoon Johannes Lippes (1771-1885) was
schipper. |
| 222 |
Veen, Rinke Harmens van
der. Geb. 1786 als zoon van Harmen Rinkes en Hendrikje Geerts. |
| 223 |
Veen, Trijntje Johannes |
| 224 |
Velde, Atse Tjebbes ter |
| 225 |
Velde, Froukje Wiebes
ter |
| 226 |
Velde, Geert Hendriks
ter |
| 227 |
Velde, Laas Fokkes ter |
| 228 |
Velde, Trijntje Wiebes
ter |
| 229 |
Verbeek, Stijntje
Willems |
| 230 |
Verlaan, Johannes Aukes |
| 231 |
Visser, Ate Siebes |
| 232 |
Visser, Folkert Ruurds |
| 233 |
Visser, Frans Jacobs
en (Zie
akte) |
| 234 |
Visscher, Trijntje
(vader Johannes Jans woonde in Delfstrahuizen) |
| 235 |
Visser, Leentje Wiebes |
| 236 |
Visser, Michiel Siebes |
| 237 |
Visser, Sjoukjen Ennes |
| 238 |
Visser, Trientje Hielkes |
Aanvullingen op de lijst van Hillebrand Visser:
Nummer 34 Trijntje Hylkes Blokmaker is
dezelfde persoon als Nummer 238 Trientje Hielkes Visser. Trijntje was getrouwd met mijn
rechtstreekse voorvader Harmen Roelofs, die in 1812 al overleden
was. Zij heeft voor haar kinderen de naam Visser
aangenomen. Haar broers en zus heetten Blokmaker (nrs.
31-33). Zij heeft dus 2x een achternaam laten registreren. Nummer 237. Mijn
voormoeder Sjoukjen Ennes Visser was getrouwd met mijn
voorvader Teetse Harmens Visser, zoon van nr. 238 Trijntje
Hylkes Visser. Sjoukje was daarvoor getrouwd
met Jan Jacobs Stoker. De kinderen uit dit huwelijk
hebben echter de naam Visser gekregen.

| 239 |
Wagenaar, Aaltje Willems |
| 240 |
Wagenaar, Nanke Zjerps |
| 241 |
Walda, Sjoukjen (moeder
weduwe, Martjen Lykeles, vrouw van Meine Martens Walda woonde in de
Knijpe) |
| 242 |
Waning, Lense Fokkes |
| 243 |
Weert, Gosse Klases de |
| 244 |
Werf, Anske Atses van
der |
| 245 |
Werf, Foppe Romkes van
der |
| 246 |
Werf, Hotse Cornelis van
der |
| 247 |
Werf, Harmen van
der(moeder, weduwe Klaaske Ygrams, vrouw van Freerk Harmens van der
Werf woonde in Balk) |
| 248 |
Werf, Ygram van der
(rest zie 224) |
| 249 |
Westerbaan, Homme (?)
(vader Gerben woonde in Sneek) |
| 250 |
Wever, Berend Gerrits |
| 251 |
Wiarda, Dettje Jentjes,
weduwe Sjoerd Tadema |
| 252 |
Wiel, Evert Wiebes van
der |
| 253 |
Wijnhout, Fouke Haitses |
| 254 |
Wijnhout, Lolkje Haitses |
| 255 |
Wierdsma, Jouwke Gerrits |
| 256 |
Wint, Jan Gerbens de.
Zoon Girbe Jans (1796-1836) was schipper |
| 257 |
Winter, Pieter Johannes
de |
| 258 |
Wouda, Hans Annes. Zoon
Anne Hanses (1802/1869) was schipper |
| 259 |
Woudhuisen, Trijntje
Jans |
| 260 |
Zand, Trientje van der
(vader Andries Lammerts woonde in Oosterzee) |
| 261 |
Zandstra, Geert (vader
Wiebren Geerts woonde in Kollum) |
| 262 |
Zee, Neeltje van der
(vader Jakob Riekles van der Zee woonde in Gorredijk) |
| 263 |
Zee, Iebeltje Lolkes van
der (vader Lolke Hendriks woonde in Sloten) |
| 264 |
Zee, Sjouke van der
(vader zie hierboven) |
| 265 |
Zee, Willem van der
(vader zie boven) |
| 266 |
Zeeman, Jan Sikkes |
| 267 |
Zeldenrust, Jacob Jans |
| 268 |
Zeldenthuis (Seldenthuis) |
| 269 |
Zwarteveen, Jinnigjen
(vader Jan Romkes woonde in Oudega) |
Uit deze lijst kunnen we niet nagaan
hoeveel inwoners De Lemmer in 1811 had. De naamsaanneming ging
immers uit van het gezinshoofd (bijna altijd een man). De namen van
hun eventuele echtgenotes ontbreken. Voorts waren er mensen die de
naamsaanneming aan hun laars lapten en dus geen naam lieten
registreren. En tenslotte waren er personen die al een achternaam
bezaten. Ook De Lemmer bezat grappenmakers als het om naamsaanneming
ging. Wat te denken van Zeldenrust, Zeldenthuis, Bontekoe, Hengst,
Hond, Kater, Mug of Poepjes?
Home
Niets uit deze
website mag worden
verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt
of op andere wijze gebruikt worden
zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de samensteller.
|