Historie

Friesland

Lemmer

 

Welkom bij Spanvis.

 

Wie zoekt Wie

Zoekfoto

Genealogie

 


 

 

Voer voor genealogen.


De oorspronkelijke bevolking van De Lemmer.

 

Door Jaap van der Zwaag. Mail-adres: j.s.vanderzwaag@planet.nl

 

 
 
Van de eerste inwoners van De Lemmer weten we zo goed als niets. Wel weten we dat het dorp vele eeuwen lang klein is geweest met weinig inwoners. Dat was het. In de gemeente Lemsterland woonden in 1714, 1104 personen, ik schat het inwonertal van De Lemmer in dat jaar op een aantal tussen de achthonderd en negenhonderd. De bewoning vond aanvankelijk vooral plaats in de buurt van de Lemster sluis, langs beide oevers van de Zijlroede, langs de Rien, langs de toenmalige zeehaven (nu binnenhaven) en langs de Schans. Daarbuiten kwam sporadisch bewoning voor; straten als de Nieuwe Dijk en Nieuwburen (de namen zeggen het al) bestonden nog niet.

In de loop der jaren nam de bevolking langzaam toe en tegen het eind van de 18de eeuw woonden er in Lemsterland ongeveer vierentwintighonderd mensen, waarvan in De Lemmer ongeveer achttienhonderd. Deze toename was niet allen het gevolg van de gestegen geboorteoverschotten, maar ook van het feit, dat er vele honderden veenarbeiders uit Overijssel naar Lemsterland trokken en wel vooral naar het gebied bij het Tjeukemeer.

De grootste bevolkingstoename in De Lemmer vond echter plaats vanaf ongeveer 1880, toen werkloos geworden veen- en landbouwarbeiders naar het drop trokken om daar een – nieuwe – boterham te verdienen, onder meer in de Zuiderzeevisserij. Over deze migratie is vel bekend en we weten bijna precies wie in die jaren van buiten naar De Lemmer zijn getrokken.
Maar wie waren de oorspronkelijke inwoners van De Lemmer?

Vroeger bleven de Nederlanders veelal in het dorp of de stad wonen, waar ze geboren waren. Ze hadden daar hun werk, trouwden met een plaatsgenoot, kregen er kinderen, die vervolgens meestal in dezelfde plaats of hoogstens in een naburige plaats gingen wonen. Zo ging het eeuwen door. Zelden verhuisde men naar een plaats elders in het land. Het is dan ook wel zeker, dat de kern van de Lemsters altijd heeft bestaan uit dezelfde families, langzamerhand aangevuld met mensen van buiten. Het is moeilijk na te gaan wie die kernfamilies waren.

Maar gelukkig zijn er twee jaren geweest, waarin de toenmalige Lemster bevolking werd geregistreerd: 1749 en 1811. Hierdoor weten we vrij nauwkeurig, hoeveel mensen er toen in De Lemmer woonden en vooral wie dat waren. En dat is interessant voor de Lemsters, die naar de wortels van familie zoeken.

Om te beginnen 1749. Na een golf van onlusten in de Republiek der Zeven Vereenigde Nederlanden die gericht waren tegen de verpachting van belastingen werd ook in Friesland de belastingheffing aangepast. Zo werd o.a. de quotisatie, een belasting naar draagkracht, ingevoerd. Om dat mogelijk te maken werden in 1749 in elke stad en elke grietenij overzichten gemaakt van alle gezinnen: namen, beroepen, aantal gezinsleden en belastingaanslagen. Hieronder is te vinden a. de naam (voornaam en vadersnaam); b.beroep (of andere hoedanigheid) en c. gezinssamenstelling.

District van Ontvang of Kadastrale Gemeente Lemmer.

 

De bevolkingssamenstelling van De Lemmer in 1749.

1: De weduwe Limke Gerbens van Aldolphus Alsem, secretaris, 5 gezinsleden.
2: Regnerus van Andringa, 'old grietman', 4 gezinsleden.
3: P. Jongh, secretaris, "gaat naar Oost-Indië", 7 gezinsleden
4: Regnerus Lycklama à Nijeholt, grietman, 6 gezinsleden
5: Weduwe Sleeswijk, "leeft van haar eygen, maer onderteert"
6: Weduwe Witteveen, enig gezinslid. Sinds 1745 weduwe.
7: Aaltje Couperus, "kan bestaen", enig gezinslid
8: Aaltje Jans, arbeidster, enig gezinslid
9: Attje Hotses, weduwe, "door haar kinders ondersteunt"
10: Abraham Jelgers, biesjager, geb. 1699, zoon van Jelger Wybrens; 2 gezinsleden
11: Age Doedis, weduwe, erven, Sneek, wonen in De Lemmer, enig gezinslid
12: Age Jans, koopman, vier gezinsleden
13: Age Wouters, timmerknecht, 4 gezinsleden
14: Ayse Rinses, "adsistent", twee gezinsleden
15: Albert Hannes, matroos, 3 gezinsleden
16: Albert Pieters, molenaar, 2 gezinsleden
17: Albert Pieters, matroos, enig gezinslid
18: Albert Simkes, timmerman, 3 gezinsleden
19: Alth Johannes, sjouwer, 5 gezinsleden
20: Andries Lange, schoenmaker, 4 gezinsleden
21: Andries Jans, matroos, 4 gezinsleden
22: Anne Leffring, "gewesen cherger", 7 gezinsleden
23: Anne Annes, matroos, enig gezinslid
24: Anne Edes, grofsmid, 4 gezinsleden
25: Anne Hielkes, arbeider, 2 gezinsleden
26: Anne Jakobs, zaagmolenaarsknecht, 5 gezinsleden
27: Anne Pieters, schipper, 3 gezinsleden
28: Anne Rienks, zeilmakersknecht, 3 gezinsleden
29: Anne Sanders, schipper/Oostzeevaarder. Trouwde 1718 Pierkje Hielkes, 2 gezinsleden
30: Anske Heeres, wagenmaker, 4 gezinsleden
31: Anske Teunis, geb. 1715. "Koffeschipper"/Oostzeevaarder. Trouwde circa 1744 Reikje Jans en daar 1754 Franske Annes; 3 gezinsleden
32: Antje Andries, naaister, enig gezinslid
33: Antje Foekes, winkelierse, enig gezinslid
34: Antje Oebles, weduwe; wasvrouw, enig gezinslid
35: Arend Jans, lijnslagersmeesterknecht, enig gezinslid
36: Aene Nannes, koopman, 4 gezinsleden
37: Arrien Folkerts, "setmeyer van Andringa", 6 gezinsleden
38: Ate Heerkes, timmerknecht, 5 gezinsleden
39: Atze Heerkes, schipper, 4 gezinsleden
40: Augustijn Folkerts, sjouwer, 6 gezinsleden
41: Barre Cornelis, zeilmaker, 5 gezinsleden
42: Bauke Harmens, smakschipper/Oostzeevaarder, 3 gezinsleden
43: Bauke Poppes, koopman, tr. 1741 Hinke Ypes, 3 gezinsleden
44: Benjamin Oldendorp, schipper, 3 gezinsleden
45: Berend Ubes, schipper, 3 gezinsleden
46: Beeuw (Bieuwke) Martens, "oude vrouw; wint de kost", 3 gezinsleden
47: Bontje Cornelis, "wasmeyd", enig gezinslid
48: Botte Hielkes, zeilmaker, 9 gezinsleden
49: Bouwe Douwes, arbeider, 2 gezinsleden
50: Christiaan Cristoffels, grofsmid, 4 gezinsleden
51: Durk Jans, meestertimmerman, 6 gezinsleden
52: Durk Pieters, koopman, 5 gezinsleden
53: Durk Pieters, arbeider, enig gezinslid
54: Durk Tiemens, scheepstimmermansknecht, 4 gezinsleden
55: Doede Atsma, 'afgedankte chercher'. In 1811 werd Atsma als familienaam aangenomen. 6 gezinsleden. (chercher of cherger is belastingcommies)
56: Doeke Hendriks, scheepstimmerknecht, enig gezinslid
57: Douwe Anskes, mastmakersknecht, enig gezinslid
58: Douwe Aukes, arbeider, 2 gezinsleden
59: Douwe Jelgers, weduwe van ,'kan de kost naulyx winnen', 2 gezinsleden
60: Douwe Oeges, matroos, 3 gezinsleden
61: Egbert Hilles, "schuiteboer", 2 gezinsleden
62: Ele Tjeerds, "een arm gezel", 4 gezinsleden
63: Engele Haitses, matroos, 3 gezinsleden
64: Engele Jans, schippersknecht, 5 gezinsleden
65: Evert Rienks, sjouwer, 2 gezinsleden
66: Fedde Siebrens, scheepstimmerman, 4 gezinsleden
67: Feyte Tjerks, arbeider, 4 gezinsleden
68: Fekke Harmens, "setschipper", 4 gezinsleden
69: Fettje Gosses, arbeider, 2 gezinsleden
70: Fokke Bartels, "zetschipper", 6 gezinsleden (zet- of setschipper vaart voor rekening van de eigenaar van het schip)

1772

71: Fokke Jans, huistimmerbaas, 2 gezinsleden
72: Fokke Lases, sjouwer, enig gezinslid
73: Folkert Verbeek, weduwe van, "arme oude swakke vrou", 2 gezinsleden
74: F(r)ouke Wybes, weduwe van, "arme weduwe", 4 gezinsleden
75: Freerk Harmens, pottenbakker, 4 gezinsleden
76: Geeltje Feytes, naaister, enig gezinslid
77: Geert Hommes, matroos, enig gezinslid
78: Geert Jans, weduwe van, "arme vrouw", 4 gezinsleden
79: Geert Waltes, arbeider, 2 gezinsleden
80: Geeske Johannes, "dienstmaegd en arme weduwe", enig gezinslid
81: Geeuke Doedes, winkelier, twee gezinsleden
82: Gerben Hanses, varensgezel, 4 gezinsleden
83: Gerben Piers, matroos, enig gezinslid
84: Gerrit Velde, bakker, 6 gezinsleden
85: Gerrit Hendriks, arbeider, 2 gezinsleden
86: Gerrit Hilbrants, arbeider, enig gezinslid
87: Gerrit Joghums, matroos, 2 gezinsleden
88: Gosse Eeuwes, "coffeschipper"/Oostzeevaarder. Trouwde ca. 1743 Antje Jans. 4 gezinsleden
89: Gosse Lammerts, herbergier, 5 gezinsleden
90: Grietje Diemers, linnennaaister, enig gezinslid
91: Griet Elings, "oude arme vrouw", enig gezinslid
92: Griet Pieters, "arme dienstmeyd", enig gezinslid
93: Haitse Meints, schipper, overleed 1757, trouwde ca. 1732 Jetske Engels; 3 gezinsleden
94: Haitse Pieters, weduwe (Corneliske Hanses; in 1715 getrouwd) van Haitse ; "arme oude vrouw", 2 gezinsleden
95: Hans Jacobs, 'arm heel oud man'. Trouwde 1704 met Aaltje Gerbens. Enig gezinslid
96: Hans Piers , smakschipper/Oostzeevaarder. Tr. ca 1745 Sietske Jans.6 gezinsleden
97: Hans Pieters, matroos; geb. 1731 als zoon van Pieter Haitses; tr. ca. 1748 Sietske Melles,  2 gezinsleden
98: Hantje Hettes, veermansknecht, 4 gezinsleden
99: Harmanus Ferwerda, "oude" arbeider. Overleden 1751. Enig gezinslid
100: Harmen Phocilides, predikant. Trouwde ca. 1717; 3 gezinsleden

101: Harmen Jans, "ossekoper"; tr. ca. 1740 Geeske Jakobs; 6 gezinsleden
102: Hein Jans, brouwersknecht; trouwde ca. 1748 Grietje Meinerts; 3 gezinsleden
103: Helmich Tjebbes, "oude" sjouwer; tr. ca. 1716 Janke Hendriks en 1722 Geiske Jans; 2 gezinsleden
104: Hendrik, smidsknecht, 3 gezinsleden
105: Hendrik Durks, arbeider, 4 gezinsleden
106: Hendrik Jans, schipper, 5 gezinsleden
107: Hendrik Jans, wever, 4 gezinsleden
108: Hendrik Jurjens, smidsknecht; zou in 1752 Geertje Folkerts trouwen;  enig gezinslid
109: Hendrik Stoffels, varensgezel; tr. ca. 1745 Janke Arjens en zou in 1760 trouwen met Trijntje Sibbeles;  7 gezinsleden
110: Heere Hinnes, schipper/Oostzeevaarder. Kwam uit IJlst, maar trouwde 1734 in Lemmer met Lokje Jans; 3 gezinsleden
111: Heere Ydes, "oude schuitevaerder", 2 gezinsleden
112: Hessel Helperts, arbeider, 6 gezinsleden
113: Hessel Clazes, boerenarbeider, 3 gezinsleden
114: Hette Pieters, schipper/Oostzeevaarder. Tr. ca. 1746 Hendrikje Sipkes; 4 gezinsleden
115: Hielke Aukes, sjouwer. Tr. Janke Roelofs; 3 gezinsleden
116: Hielke Feytes, schipper/Oostzeevaarder; 3 gezinsleden
117: Hielke Simmes, arbeider, 3 gezinsleden
118: Hielke Siebes, "arme" weduwe van Hielke; enig gezinslid
119: Hinke Siebolts, "oude weduwe, 2 gezinsleden"
120: Hotse Freerks, overl., 1725, weduwe van Hotse was Grietje Jans, een "zobere vrouw", enig gezinslid
121: Ienze Pieters, arbeider, enig gezinslid
122: Iepe Hendriks, schipper, ging in 1753 trouwen met Blijke Klases; acht gezinsleden
123: Iepe Jans, "welgesteld burger", trouwde in 11718 met Geeske Jans (overl. in 1733) 3 gezinsleden. Iepe zou in 1757 overlijden.
124: Iepke Ales, matroos, enig gezinslid
125: Iepkjen Klazes, "arme" vrijgezel, enig gezinslid
126: Iesbrant Beerents, matroos, enig gezinslid
127: Ieske Folkerts, "gewesene cherger", 5 gezinsleden (cherger=belastingcommies)
128: Jacob Annes, weduwe van Jacob, "vrouw die zonder ondersteuning niet kan bestaen", 2 gezinsleden
129: Jacob Engels, schipper/Oostzeevaarder ("schuiteschipper"). Tr. ca. 1722 Aukje Siebrens;  6 gezinsleden. Jakob werd in 1696 geboren als zoon van de schipper Engel Jakobs en Femke Brands, die in 1692 waren getrouwd.
130: Jacob Fokkes, varensgezel, tr. 1737 Baukje Siebrens; 5 gezinsleden
131: Jakob Gosses. Smidsknecht, geb. 1674 als zoon van Gosse Ates; 2 gezinsleden
132: Jakob Greults, arbeider, tr. ca. 1740 Aatje Siebes;  4 gezinsleden
133: Jakob Hommes en Hiltje Hommes, "broeder en suster onder curatele", 2 gezinsleden
134: Jakob Jans, timmerknecht, tr. ca. 1740 Antje Lieuwes; 4 gezinsleden
135: Jakob Johannes, "ballaster" (iemand die uitgaande schepen ballast verkoopt), 4 gezinsleden
136: Jakob Johannes Smid, grofsmid, 2 gezinsleden
137: Jakob Lammerts, schipper, 6 gezinsleden
138: Jakob Martens, stoker, tr. ca. 1740 Hiltje Wiebes; 4 gezinsleden
139: Jakob Oenes, scheepstimmerknecht, tr. ca. 1738 Jetske Teedes; 4 gezinsleden
140: Jakob Piers, "ossekoper", enig gezinslid
141: Jakob Willems, schoenmaker, 2 gezinsleden
142: Jakobjen Annes, "kan redelijk de kost verdienen", enig gezinslid
143: Jolk (Jalkje) Gerbens, geb. 1697 als dochter van Gerben Joostes, was getrouwd in 1716 met Harmen Gooitsens; nu  "arme" weduwe, enig gezinslid
144: Jan Bakker, molenaarsknecht, 4 gezinsleden
145: Jan Borneman, "chirurgijn", 3 gezinsleden
146: Jan Jansen Schroor, Setschipper (schipper die vaart voor rekening van de eigenaar van het schip), trouwde 1729 Auke Gerbens; 7 gezinsleden
147: Jan Douwes, schoenmaker, 2 gezinsleden
148: Jan Innes (Ennes), geb. 1685 als zoon van Enne Sipkes, tr. Aukje Kornelis; nu "oude gewesen boer", 5 gezinsleden
149: Jan Everts, "zober oud man", geb. 1672 als zoon van Evert Nolles; tr. 1711 Grietje Gosses, enig gezinslid
150: Jan Fongers, molenaarsknecht, 4 gezinsleden
151: Jan Gerbens, schipper, 2 gezinsleden
152: Jan Haitses, schoenmaker, 3 gezinsleden
153: Jan Heddes, scheepstimmerknecht, enig gezinslid
154: Jan Jakobs, matroos, 4 gezinsleden
155: Jan Jans, smidsknecht, enig gezinslid
156: Jan Jansen, weduwe van Jan, "sobere vrouw", 2 gezinsleden
157: Jan Jansen Post, scheepstimmerknecht (?), 5 gezinsleden
158: Jan Jelkes, grofsmid, 4 gezinsleden
159: Jan Joukes, "arm old man", enig gezinslid
160: Jan Lases, schoenmaker, 6 gezinsleden
161: Jan Leenderts, matroos, 3 gezinsleden
162: Jan Luitsens, scheepstimmerknecht, enig gezinslid
163: Jan Luitsens, hovenier, 3 gezinsleden
164: Jan Pieters, scheepstimmerknecht, 4 gezinsleden
165: Jan Siebes, timmerknecht, 3 gezinsleden
166: Jan Stevens, mastenmakersknecht, enig gezinslid
167: Jan Tjalings, "bootjemaker", (scheepsbouwer?), 3 gezinsleden
168: Jan Willems, sjouwer, 4 gezinsleden
169: Janke Lenses, vrouw van Gerrit Joekes, arbeidster, 2 gezinsleden
170: Jeep Johannes, scheepstimmerknecht, 3 gezinsleden
171: Jeltje Johannes, arbeidster, 2 gezinsleden
172: Jeltje Luitjens, weduwe, "waschter", enig gezinslid
173: Jentje Pieters, smakschipper. Tr. ca. 1748 Meinou Hartmans, 3 gezinsleden
174: Jetske Pieters, winkelierse, 3 gezinsleden
175: Joeke Annes, sjouwer, enig gezinslid
176: Johannes Prillevitz, weduwe van Johannes; "wel in staat", 4 gezinsleden
177: Johannes Wagter, schoolmeester, 3 gezinsleden17
178: Johannes Binderts, scheepstimmerknecht, 3 gezinsleden
179: Johannes Diemers, "gewesene chercher" (belastingcommies), 3 gezinsleden
180: Johannes Gerkes, weduwe van Johannes; "weduwe die van haar revenues bestaet", enig gezinslid
181: Johannes Harmens, schipper, 5 gezinsleden
182: Johannes Hebbes, kuiper, 8 gezinsleden
183: Johannes Jans, "oude" arbeider, 2 gezinsleden
184: Johannes Jelgers, schipper, 9 gezinsleden
185: Johannes Lourens, arbeider, 4 gezinsleden
186: Johannes Martens, timmerknecht, 3 gezinsleden
187: Johannes Michiels, "leerloyerknegt", 4 gezinsleden
188: Johannes Sjoerd, koffeschipper. Tr. ca. 1731 met Piekje Sijes. 4 gezinsleden
189: Johannes Wiebrens, weduwe van Johannes; "arme oude vrouw"; enig gezinslid
190: Johannes Willems, arbeider, enig gezinslid
191: Joost Oldendorp, "adsistent", 7 gezinsleden
192: Joost Hielkes, mastenmakersknecht, 2 gezinsleden
193: Jouke Reyns, varensgezel, 2 gezinsleden
194: Jouwert Siebrens, koopman en lijnslager, 7 gezinsleden
195: Carste Jans, weduwe van Carste; "arm wyff", enig gezinslid
196: Klaas Wemen, slager, enig gezinslid
197: Klaas Alberts, setschipper (schipper die op schip van eigenaar vaart), 3 gezinsleden
198: Klaas Deddes, setschipper, 3 gezinsleden
199: Klaas Feddes, scheepstimmerknecht, 2 gezinsleden
200: Klaas Freerks, "koffevaerder", 4 gezinsleden
201: Klaas Ientes, veermansknecht, 5 gezinsleden
202: Klaas Piers, matroos, 2 gezinsleden
203: Klaas Roelofs, bakker, 3 gezinsleden
204: Klaas Ulbes, schipper/Oostzeevaarder. Tr. 1751 Fokje Gosses, 2 gezinsleden
205: Coenraat Harmens, matroos, 3 gezinsleden
206: Coert Rienks, "burgerman", 2 gezinsleden
207: Cornelis Witteveen, brouwer, 5 gezinsleden

-Cornelis Witteveen was ontvanger in Lemsterland en gehuwd met Sjoerdtje Jouwertsdr Stapert. In de Stads en Dorpskroniek van G.A. Wumkes wordt op 28 april 1788 melding gemaakt van het voorval in Lemmer op 13 september 1787, toen luitenant Albartus Lycklama à Nijeholt samen met Bernardus Jelgerhuis, van het opstandig vrijcorps te Franeker, naar Lemmer optrok en bezette. Vervolgens gingen ze naar Sloten, waar ze de bruggen ophaalden, de poorten sloten en 11 kanonnen vorderden. Deze kanonnen werden naar Lemmer gebracht. Daar vorderden ze op 25 september van ontvanger Witteveen een bedrag van 2.938 car.gulden.-

208: Cornelis Bonnes, zeilmakersknecht, enig gezinslid
209: Cornelis Joekes, grofsmid, 3 gezinsleden
210: Cornelis Martens, koffeschipper/Oostzeevaarder. Tr. 1738 Jeltje Fokkes, 5 gezinsleden
211: Cornelis Metskes, kuipersknecht, enig gezinslid
212: Corneliske Verbeek, "oude arme weduwe", 2 gezinsleden
213: Lammert Gosses, schipper/Oostzeevaarder. Trouwde 4 keer: 1745 Grietje Everts; 1751 Pietje Hendriks; 1760 Pietje Mases en 1763 Hendrikje Hommes. 2 gezinsleden
214: Lammert Jans, smidsknecht, enig gezinslid
215: Liepkje Annes, "wollenaayster", enig gezinslid
216: Lieuwe Baukes, scheepstimmerman, 6 gezinsleden
217: Lieuwe Baukes, "ballaster"( iemand die ballast verkoopt aan uitgaande schepen); 2 gezinsleden
218: Lieuwe Sietses, schipper/Oostzeevaarder. Tr. ca. 1739 Wietske Sjoerds, 2 gezinsleden
219: Lourens Synes Hottinga, smakschipper/Oostzeevaarder. Geb. Mildam ca 1695/1700; zoon van Syne Lieuwes. Ging later naar De Lemmer. Tr. ca 1725 Janke (Jantje)Jans; 7 gezinsleden
220: Lourens Jacobs, timmerknecht, 4 gezinsleden
221: Lubbert Jans, timmerman, 8 gezinsleden
222: Ludser Tammes, scheepstimmerknecht, 7 gezinsleden
223: Maaike Iebes, enig gezinslid (woont bij Arrien Folkerts onder de Lemmer)
224: Marten Brands, "wagenaer", 4 gezinsleden
225: Marten Heins, schipper/Oostzeevaarder. Tr. 1742 Hendrikje Jurjens; 4 gezinsleden
226: Marten Jans, scheepstimmerknecht, 5 gezinsleden
227: Marten Jans, matroos, 2 gezinsleden
228: Marten Rinses, matroos, 3 gezinsleden
229: Marten Tjeerds, arbeider, 4 gezinsleden
230: Meine Alles, sjouwer, 5 gezinsleden
231: Meine Annes, 'wint de kost', 3 gezinsleden
232: Meine Barteles, boer, 2 gezinsleden
233: Melle Iebeles, smidsknecht, enig gezinslid
234: Melle Klaases Haen, 'contrarolleur ter Adm.', 6 gezinsleden.

-Melle Klases de Haan, gedoopt op 20 maart 1698 in Lemsterland, zoon van Klaas Wybrens en Sietske Melles, gehuwd (1) op 27 Maart 1718 met Hendrikjen Paulus, gehuwd (2) met Hiltje Geerts , gehuwd (3) met Reinskjen Jelles, gehuwd (4) met Beertje Ages.

Kinderen van Melle Klases de Haan en Hendrikjen Paulus:

Minke Melles, gedoopt op 23 April 1719.
Sietske Melles, gedoopt op 21 November 1721.
Sietske Melles, gedoopt op 14 November 1723.
Sietske Melles, gedoopt op 11 Februari 1725, gehuwd met Hans Pieters.
Paulus Melles, gedoopt op 14 April 1727.
Klaaske Melles, gedoopt op 08 November 1732, gehuwd met Feike Michiels.

Kinderen van Melle Klases de Haan en Hiltje Geerts:

Geert Melles de Haan, gedoopt op 30 oktober 1735, gehuwd met Froukjen Wouters.
Hendrikjen Melles de Haan, gedoopt op 6 oktober 1737
.-

235: Michiel Oldendorp, ontvanger, 3 gezinsleden
236: Minke Roelofs, "arme meyd", enig gezinslid
237: Mense (Minse, Minze) Hendriksz, schoenmaker, tr. 1752 Grietje Fransdr. Foiseau.  Nam in 1811 achternaam "De Vries" aan. In 1749 enig gezinslid.
238: Minse Oiers, arbeider, 4 gezinsleden
239: Murk Jeltes, varensgezel, 3 gezinsleden
240: Nanne Arends, "old bijsitter" (lid van het grietenijgerecht), 3 gezinsleden
241: Nolke Oenes, matroos, 6 gezinsleden
242: Obbe Sipkes, schipper/Oostzeevaarder. Tr. 1728 Jeltje Sietses, 2 gezinsleden
243: Oege Jans, schipper, 2 gezinsleden
244: Oege Jans, schippersknecht, 2 gezinsleden
245: Paulus Hendriks, matroos, 2 gezinsleden
246: Paulus Uilkes Schuyl, bakker, 5 gezinsleden
247: Piebe Jentjes, "kan de kost niet winnen", 6 gezinsleden
248: Piekje Hendriks, "linnennaeyster" enig gezinslid
249: Pier Jans, weduwe van Pier; "redelijk in staat", 2 gezinsleden
250: Pier Sietses, matroos, 6 gezinsleden
251: Pieter Ankringa, beroep onbekend, enig gezinslid
252: Pieter Alberts, schippersknecht, 2 gezinsleden
253: Pieter Baukes, boer, 8 gezinsleden
254: Pieter Haitses, schoenmaker, 3 gezinsleden
255: Pieter Hielkes, turfdrager, 5 gezinsleden
256: Pieter Johannes, smidsknecht, enig gezinslid
257: Pieter Martens, matroos, 4 gezinsleden
258: Pieter Meines, keuterboer, 2 gezinsleden
259: Pieter Piers, weduwe van Pieter; "arme weduwe", 5 gezinsleden
260: Pieter Pieters, timmerman, 4 gezinsleden
261: Pieter Siebouts, weduwe van Pieter, "arme oude vrouw", 2 gezinsleden
262: Pieter Siemens, timmerknecht, enig gezinslid
263: Pieter Tammes, schippersknecht, 3 gezinsleden
264: Reinder Jakobs, arbeider. 2 gezinsleden
265: Rimmer Jans Falkema, executeur. 7 gezinsleden
266: Repke Johannes, varensgezel, 4 gezinsleden
267: Rienk Harmens, "wagenaer", 7 gezinsleden
268: Rienk Joostes, "coffeschipper", 4 gezinsleden
269: Rienk Remmerts, schipper, 7 gezinsleden
270: Rienk Siemens, timmerman, 4 gezinsleden
271: Rinske Meines, matroos, 2 gezinsleden
272: Rinske Rijkholts, "sobere weduwe", enig gezinslid
273: Rintje Jans, timmerknecht, 4 gezinsleden
274: Romke Fokkes, arbeider, 3 gezinsleden
275: Ruurd Willems, pottenbakkersknecht, enig gezinslid
276: Sander Klaases, setschipper, 5 gezinsleden
277: Sanne Sjoukes, "zeer oud man", 3 gezinsleden
278: Sibbele Cornelis, "oude arme man", 2 gezinsleden
279: Sibbele Rienks, schoenmaker, enig gezinslid
280: Siebe Baukes, scheepstimmerknecht, 3 gezinsleden
281: Siebe Jans, mastenmaker, 2 gezinsleden
282: Siebout Greults (Greelts), kuiper, 3 gezinsleden
283: Siebout Pieters, schipper/Oostzeevaarder. Nam in 1811 achternaam De Boer aan. 4 gezinsleden
284: Siebout Pieters, schipper, 5 gezinsleden
285: Siebout Wouters, schoenmaker, 2 gezinsleden
286: Siebren Jonkman, "coffeschipper", 2 gezinsleden
287: Siebren Abes, "boottjemaker", 5 gezinsleden
288: Siebren Jans, arbeider, 2 gezinsleden
289: Sieger Sietses, scheepstimmerknecht, 3 gezinsleden
290: Siemen Jans, "arm man", 6 gezinsleden
291: Siemen Jennes, scheepstimmerman, 4 gezinsleden
292: Siemen Sjoerds, weduwe van Siemen, boerin, 3 gezinsleden
293: Sietske Gosses, weduwe "wint de kost", enig gezinslid
294: Sikke Sleeswijk, schipper/Oostzeevaarder. Tr. 1733 Korneliske Kornelis. 6 gezinsleden

-In den Zuidwesthoek bestond het gebruik dat een Grootshipper, die nog geene vracht had, een yzeren ankertje uit zijn voorgevel hing. Voor de huizen der grootschippers, waar het bronzen ankertje aan de gevel uitgehangen was, verzamelden zich uit Stavoren en Molkwerum, uit Koudum, Workum en Harlingen, de rauwe varensgezellen, die bij een Hindelooper schipper monsteren wilden. Men vindt deze ankertjes heden ten dage nog aan enkele huizen te Koudum, Heeg, enz. en in het Friesch Museum word: zulk een ankertje nog bewaard.-

295: Sikke Ages, weduwe van Sikke, winkellierse, enig gezinslid
296: Sipke Sluis, arbeider, 4 gezinsleden
297: Sipke Innes, "arm man"; "door zijn kinders onderhouden", enig gezinslid
298: Sipke Hanses, schoenmaker, 5 gezinsleden
299: Sipke Siemens, schoenmakersknecht, enig gezinslid
300: Sjoerd Annes, "arm old man", 3 gezinsleden
301: Sjouk Harmens, "oude weduwe", enig gezinslid
302: Swaantje Jans, "wolle nayster", enig gezinslid
303: Teede Ates, uurwerkmaker, 4 gezinsleden
304: Teunis Anskes, arbeider, 2 gezinsleden
305: Teunis Pieters, arbeider en sjouwer, 5 gezinsleden
306: Thomas Bijlsma, herbergier (Wildeman?), 8 gezinsleden
307: Tiemen Folkerts, varensgezel, 2 gezinsleden
308: Tiemen Cornelis, schippersknecht, 3 gezinsleden
309: Tys (Ties) Harmens, scheepstimmerknecht, 4 gezinsleden
310: Ties Jentjes, bijzitter, koopman en leerlooier, 6 gezinsleden
311: Tietje Asses, linnennaaister, enig gezinslid
312: Tjeerd Jans, matroos, 2 gezinsleden
313: Tjeerd Tietes, "oud man", 2 gezinsleden
314: Tjepke Thomas, matroos, 4 gezinsleden
315: Tjerk Thomas, koffeschipper/Oostzeevaarder. Kwam uit Heerenveen, maar trouwde 1748 Klaaske Jakles in De Lemmer, 2 gezinsleden
316: Tjitske Johannes, "arme oude meyd", enig gezinslid
317: Trientje Bartles, "arme weduwe", 2 gezinsleden
318: Trientje Willems, "arme weduwe", 2 gezinsleden
319: Uilke Jetses, praamvoerder, 2 gezinsleden
320: Uilke Sieniers, veerschipper, 6 gezinsleden
321: Ulbe Annes, kofschipper/Oostzeevaarder, 5 gezinsleden
322: Wale Holles, schipper/Oostzeevaarder. Kwam uit Woudsend maar touwde 1732 Aafke Sikkes in De Lemmer, 3 gezinsleden
323: Watse Pieters, arbeider, 6 gezinsleden
324: Wiebe Adams, mastenmakersknecht, 3 gezinsleden
325: Wiede Deddes, schipper, 6 gezinsleden
326: Wiebe Pieters, sjouwer, enig gezinslid
327: Wiebe Wiebes, huistimmerknecht, 3 gezinsleden
328: Wiebe Wouters, "zober vrijgezel", enig gezinslid
329: Wiebren Jans, Ossekoper, 6 gezinsleden
330: Wiebren Sjoerds, schipper/Oostzeevaarder. Hij overleed in 1806. In 1749 4 gezinsleden
331: Wiebren Wouters, timmerman, 3 gezinsleden
332: Wieger Ludsers, wagenmaker, 2 gezinsleden
333: Wiepkje Ruurds, matroos, 6 gezinsleden
334: Wierd Hilles, matroos, 2 gezinsleden
335: Wietse Johannes, schoenmaker, 3 gezinsleden
336: Willem Knijf, weduwe van Willem, winkelierse, 5 gezinsleden
337: Willem Muurling, weduwe van Willem, "bezwaart met een zwaer huisgesin, door vrienden ondersteunt", 5 gezinsleden
338: Willem Annes, bakker, 9 gezinsleden
339: Willem Jetses, matroos, 5 gezinsleden
340: Willem Linses, sjouwer, 6 gezinsleden
341: Willem Lucas, koffeschipper/Oostzeevaarder. Tr. ca. 1742 Geertje Pieters; 5 gezinsleden
342: Willem Piers, scheepstimmerknecht, 3 gezinsleden
343: Wobbe Jans, kuipersknecht, enig gezinslid
344: Wouter Klaases, boer, 5 gezinsleden

De Lemmer géén vissersplaats in het midden 18de eeuw.

In totaal werden in 1749, 1100 personen in 'De Lemmer' geregistreerd. Uit bovenstaande opsomming kan in ieder geval worden geconcludeerd, dat 'De Lemmer' in het midden van de 18de eeuw géén vissersplaats was. Integendeel, hoewel de Zuiderzee voor de deur lag, heeft niemand, ik herhaal niemand,  als beroep "visser" gehad. Wel was 'De Lemmer' echt een dorp van zeelui: schippers en matrozen waren de voornaamste beroepsgroepen in die jaren. In bovenstaande lijst komen we wat vreemde beroepen tegen. Cherger of chercher was een belastingcommies, die waarschijnlijk in 1748 allemaal ontslagen werden, want het gaat altijd om een "gewesen cherger". Een "ballaster" was iemand die aan uitgaande schepen ballast verkocht. Er bestond in die tijd zelfs een gilde van ballasters. Een "setschipper" of "zetschipper" was iemand die voor rekening van de eigenaar van een schip voer.
Opvallend in de lijst is het grote aantal arme vrouwen en mannen.

 De volgende beroepen werden opgegeven in 1749:

-schippers (en knechten): 55 personen;
-matrozen/varensgezellen: 35 personen;
-timmerlieden (en knechten): 35 personen;
-arbeiders: 31 personen;
-sjouwers: 12 personen;
-schoenmakers (en knechten): 12 personen;
-(grof)smeden (en knechten): 12 personen;
-naaisters: 7 personen;
-boeren (innen): 6 personen:
-kooplieden: 6 personen;
-zeilmakers (en knechten): 5 personen;
-mastenmakers(en knechten): 5 personen;
-winkeliers: 5 personen:
-wagenmakers: 4 personen;
-kuipers (en knechten): 4 personen;
-gewezen chergers (belastingcommiezen): 4 personen;
-(zaag)molenaars (en knechten): 4 personen;
-bakkers: 4 personen:
-ossenkopers: 3 personen;
-pottenbakkers (en knechten): 2 personen;
-bootjesmakers (scheepsbouwers?): 2 personen;
-ballasters ( zij die ballast verkopen): 2 personen;
-dienstmeiden: 2 personen;
-secretarissen: 2 personen;
-brouwers (en knechten): 2 personen;
-bijzitters (bijstaande rechters of bestuurders): 2 personen;
-herbergiers: 2 personen;
-"adsistenten": 2 personen
-leerlooiers (en knechten): 2 personen.

En verder 1 persoon per volgend beroep: wever, chirurgijn, turfdrager, "setmeijer van Andringa", slager, biesjager, grietman, predikant, schoolmeester, wasmeid, hovenier, ontvanger, praamvoerder, uurwerkmaker, stoker, veermansknecht, "contrarolleur ter Adm.", executeur.

Napoleon.

Het decreet van Napoleon.

Het is keizer Napoleon geweest, die in 1811 (Nederland was toen ingelijfd bij Frankrijk), de inwoners van ons land verplichtte een familienaam aan te nemen. Bij decreet van de Franse keizer van 18 augustus 1811 werd bepaald, dat wie in Nederland nog geen vaste achternaam had, er binnen een jaar één moest aannemen. Deze termijn werd verlengd bij decreet van 17 mei 1813 (want heel veel mensen vonden het maar onzin!) en nogmaals bij Koninklijk Besluit van 8 november 1825. Dit laatste decreet als gevolg van het feit, dat er nog steeds mensen rondliepen zonder achternaam. Van deze laatste gelegenheid een achternaam te kiezen werd overigens nauwelijks gebruik gemaakt. Als gevolg van deze decreten ontstonden de registers van naamsaanneming.

Voorheen waren geboorten, huwelijken en sterfgevallen door kerkelijke overheden opgetekend. Het aantal levend geborenen en de overledenen werden ook door vroedvrouwen en chirurgijns aan het gemeentebestuur opgegeven, maar vooral in de tijd van de patriotten en prinsgezinden werd daar weleens de hand mee gelicht.

In 1811 kregen de kerkelijke bestuurders opdracht hun doopboeken of geboorteregisters voor de overheid open te stellen, in 1812 moesten ze doop- en trouwregisters met contraboeken e.d. bij het archief van de stad of dorp deponeren. Huwelijken mochten niet meer door predikanten of anderen gesloten worden – wel ingezegend – maar slechts door de officier van de "Etat Civil", de ambtenaar van de ingevoerde burgerlijke stand.

Vóór 1811 hadden alleen rijke en voorname mensen een familienaam. De meeste familienamen vond je dan ook in de steden. Als je als arbeider op het platteland een familienaam gebruikte, dan werd je al snel eigenwijs gevonden. Het paste een ´gewone´ arbeider niet om een deftige achternaam te gebruiken. In Bozum bijvoorbeeld gebruikten een ´gewone´ boer en het dienstmeisje, waarmee hij in 1766 trouwde, allebei een familienaam.

Uit het trouwboek van de Hervormde Kerk lezen we dat men dit bespottelijk vond.
'Den 10, 17 en 24 augusti zijn de houwelijks proclamatiën geschied van Willem Piers Piersma, huysman onder Bossum, van wiens Titel men te vooren niet had geweeten, en Minke Jentjes Zijlstra, wiens titel te vooren buiten twijfel, alsoo weinig was bekend dewijl zij dienstmaagd was, soo dat deeze Man met seer veel Statie na zijn gedachten, dog tot spot van de meeste is geproclameerd.'

(Op 10, 17 en 24 augustus hebben Willem Piers Piersma, keuterboer nabij Bozum, en Minke Jentjes Zijlstra hun voornemen om te gaan trouwen bekend gemaakt. Bij niemand was echter bekend dat zij een familienaam hadden. Bovendien was Minke zijn dienstmeisje en heeft deze man, met dit overdreven standgevoel, zich bij veel mensen belachelijk gemaakt).

Willem en zijn Minke zullen het daarna niet gemakkelijk hebben gehad in hun dorp.
Tresoar. Trouwboek Bozum, DTB nr. 65, jaar: 1766.

Tresoar.

Toen er nog geen achternamen bestonden duidde men elkaar vaak aan door middel van patroniemen (vadersnamen): Jan, zoon van Piet, werd Jan Pieterszoon of Pieterszn of nog eenvoudiger, hij ging als Jan Pieters door het leven. Heel veel families zijn aan hun naam gekomen door het langzamerhand verstarren van een patroniem (vadersnaam) tot geslachtsnaam.

Bij het kiezen van een familienaam in 1811 werd geen druk uitgeoefend om een bepaalde naam aan te nemen, men was daar volkomen vrij in. Op het moment, dat men voor de ambtenaar stond, kon men elke willekeurige naam kiezen. Achternamen zijn dan ook soms op de meest eigenaardige manier tot stand komen. Men kon een naam kiezen welke was afgeleid van een voornaam (afstammingsnamen). Zie het voorbeeld hierboven.

Maar er kon ook worden verwezen naar een aardrijkskundige herkomst, zoals bijvoorbeeld een streek of plaats. Zo is mijn achternaam (Van der Zwaag) afgeleid van "Beetsterzwaag", waar mijn familie vandaan komt. Het voorvoegsel "van" is een belangrijke aanwijzing (Van Deventer, Van Arum, Van den Oever, Van der Zee). Dit noemt men 'herkomstnamen'’.

Maar men kon ook een achternaam kiezen, afgeleid van het beroep dat werd uitgeoefend (beroepsnamen), zoals De Boer, Visser, Kuiper, Molenaar, Koopmans, Bakker, Smid (Smit), de Rook. Latijnse vormen waren o.a. Kuperus (Kuiper), Faber (smid) en Nauta (schipper).  En er was een groep namen afgeleid van een eigenschap, lichaamskenmerk of andere merkwaardigheid, zoals De Groot, Zwart, Sterk.

Voorbeelden van aktes betreffende naamsaanneming.

Een achternaam is altijd door veel mensen als belangrijk ervaren, waarbij ijdelheid een grote rol speelt. Iemand die De Ruyter (of desnoods Ruiter) heet, zal graag uitzoeken of hij van de beroemde admiraal afstamt. Het wordt dan ook als een voorrecht beschouwd tot een geslacht te behoren waarvan leden zich in het verleden verdienstelijk hebben gemaakt. De Nederlandse taal kent dan ook uitdrukkingen die daarmee te maken hebben: ‘een goede naam is teer’, ‘denk toch om je goede naam’, zijn enkele voorbeelden.

Hoe ver de ijdelheid van sommige mensen gaat, blijkt het volgende voorval. De vooraanstaande burger en burgemeester (maire) van Rauwerd, Folkert van Loon, die al lang de naam Van Loon voerde, vond het maar niks, dat een plaatsgenoot, Jochum Gerbens, dezelfde achternaam koos. Jochum was een arbeider en dat was helemaal tegen het zere been van onze maire, die zich dan ook in 1813 bij de Onder-Prefekt beklaagde. Het hielp niet en Jochum mocht voortaan Van Loon heten.

Zij die in 1811 een achternaam kozen voor zichzelf en alle eventuele kinderen (ook al waren die meerderjarig!) waren in de meeste gevallen de mannelijke gezinshoofden. Ook weduwen waren natuurlijk gezinshoofden en konden in die kwaliteit voor de kinderen een familienaam kiezen.

Het kwam slechts sporadisch voor dat gehuwde en ongehuwde vrouwen voor zichzelf een naam kozen. Ze kregen meestal de achternaam van hun vader. Behalve in Lemsterland (!) werden de namen van de joodse families in afzonderlijke registers aangetekend.
Honderden mensen trokken zich niets aan van de voorschriften. Zij gingen door het gebruiken van hun patroniem, dat daardoor als het ware versteende tot familienaam.

Voorbeeld van een naamsaanneming van Frans Jacobs Visser uit Lemmer.

De familienamen in De Lemmer.

Omdat de naamsregisters uit 1811 bewaard zijn gebleven kunnen we nauwkeurig nagaan, welke gezinshoofden in De Lemmer in dat jaar een familienaam aannamen, waarmee we tegelijkertijd kunnen concluderen, dat deze behoren tot de oudste families, waarvan we weten dat ze in De Lemmer hebben gewoond. Onderstaand volgen de bewuste namen. Let wel, het gaat hier om de namen van de gezinshoofden. De namen ontbreken uiteraard van degenen, die in De Lemmer al een achternaam hadden, zoals Sleeswijk, Stapert etc.

Familienamen 1811 in De Lemmer.

1: Adema, Philippus Goykes (Guikesz, Gooitsens, Goikes)
2: Adema, Rinkje Goykes
3: Ages, Tjeerd
4: Akkerman, Pieter Hylkes
5: Akkerum, Simon Cornelis
6: Althuis, Sikke (vader Tjeerd Tjepkes Althuis woonde in Wirdum)
7: Andrea, Ernoldus (vader Johannes Peterus Andrea woonde in Burum)
8: Andringa, Tietje Jacobs
9: Andringa, Tietje Jacobs van
10: Asma, Johannes Lubberts van
11: Asman, Dirk Meinders
12: Atsma, Andries Doedes.
13: Atsma, Hylkjen Hylkes
14: Bayma, Popke Jacobs
15: Bakker, Geert Jans
16: Bakker, Oetske Jetzes (vader Jetze Lykles Bakker nam in Sneek naam aan)
17: Bakker, Poppe Cornelis. Geb. 1778. Kind van Cornelis Wietses en Meino Poppes.
18: Bakker, Wietse Cornelis. Geb.1774. Kind van zie 17.
19: Bergen (of Berger), Albert Gerrits. Getrouwd met Gerritje Willems
20: Bergsma, Jan Adams. Getrouwd met Baukjen Lubberts.
21: Bergsma, Atse Jelles
22: Bergsma, Fedde. Vader Ids Jans Bergsma nam in Heeg naam aan.
23: Bergsma, Roeloffjen Beerents. Haar man was in het buitenland.
24: Betzema, Gijsbert. Moeder Bauke Betzes Betzema was weduwe van Reinouw Jans Donker in Balk.
25: Bijker, Folkert Willems c.s.
26: Bijl, Roelof Tjebbes
27: Bijlsma, Gooytse Douwes
28: Bijlsma, Marten Martens
29: Blok, Josep (Israëliet)
30: Blok, Salomon Garson (Israëliet)
31: Blokmaker, Auke Hylkes
32: Blokmaker, Roelof Hylkes
33: Blokmaker, Sjoukje Hylkes
34: Blokmaker, Trijntje Hylkes (Zie 238)
35: Boer, Bernardus Hendriks de
36: Boer, Eldert Rijntjes de
37: Boer, Jan Jans de
38: Boer, Jurjen Johannes de
39: Boer, Pier Willems de
40: Boer, Poppe Cornelis de
41: Boer, Rintje Watses de
42: Boer, Siebe Jolles de
43: Boer, Sybe Pyters de
44: Boer, Teeke Tjeerds de
45: Boer, Tjeerd Feikes de
46: Boer, Wytse Rinses de
47: Boersma, Fedde Heeres
48: Boltje, Geertje Tjeerds(vader Tjeerd Jacobs nam in Rotsterhaule naam aan)
49: Bontekoe, Grietje Poppes
50: Boonstra, Marten Sipkes
51: Boonstra, Wytse Greelts
52: Bootsma, Eise Jans
53: Bootsma, Gerbrand Gaukes

Lemmer, deel 1 folio 6 verso
Bootsma, Gerbrand Gaukes, Lemmer
Kinderen:
Leeuke 7, Gauke 3, Pieter, 7 weken (een broers zoon: Gauke 15)

Afbeelding

54: Bootsma, Tjalling Jans
55: Bosman, Yme Harmens (vader Harmen Jans nam in St. Nicolaasga naam aan)
56: Braak, Frans Johannes de
57: Brink, Wybe Ages ten
58: Brouwer, Jelte Willems
59: Bruneger, Trijntje Johannes
60: Bult, Jeltje Sybolts
61: Dijk, Volkert Olkes
62: Dijk, Homme Jacobs (zie ook 156.)
63: Dijkema, Atte Ales
64: Dijkema, Rinske Teedes
65: Dijkstra, Hans Oenes
66: Dijkstra, Rommert Annes
67: Dijkstra, Foeckjen (vader Thijs Douwes nam in Sondel naam aan)
68: Donker, Lijsbert
69: Driest, Egbert Willems
70: Dryst, Jan Willems
71: Dublinga, Marten Jans
72: Duin, Willem Reinders
73: Faber, Immegjen (vader Dirk Jacobs nam in Nijehaske naam aan.
74: Faber, Geetje (vader etc. zie 73)
75: Feenstra, Abraham Jans
76: Feenstra, Trijntje Evers
77: Feringa, Gerrit Eelderts
78: Glasma, Tjeerd Pieters c.s.
79: Goot, Simentje Hendriks van der
80: Groot, Hendrik de
81: Groot, Stoffel Hendriks de
82: Haan, Auke Jans de
83: Haan, Jetske Heeres de
84: Haan, Klaas Cornelis de
85: Haan, Hans de
86: Haarsma, Johannes Annes, (1750-1824) schipper
87: Haga, Pieter, schipper
88: Haga, Antje
89: Halbersma, Sjoukje Annes
90: Halstra, Jan Tiemens
91: Harkema, Rienk Jurjens
92: Hattinga, Gabe Idzes (1765-1827), houtmolenaarsknecht te Lemmer. Tr. 1790 Stijntje Johannes uit Joure. Zoon van Yds Lyckles en Trijntje de Lange
93: Hattinga, Jelke Jochems
94: Hattinga, Roelofje Jans van  (zie hierboven 92)
95: Hattinga, Willem Rommerts (ook soms als Hottinga geschreven), scheepstimmerknecht te Lemmer. Zoon van Rimmert Rimmers Posthumus en Roelofje Jans Fleer. Roelofje nam in 1811 voor haar en haar 2 zonen de familienaam Hattinga aan.
96: Hengst, Rinke Pieters de
97: Henstra, Gatske Teedes
98: Henstra, Jacob Jilkes
99: Henstra, Hiltje (vader Nolke Pieters woonde in Terhorne)
100: Hylkema, Teede Hylkes, ongehuwd
101: Hoekstra, Grietje Willems
102: Hoekstra, Hendrikje Hanses
103: Hoekstra, Janke (moeder, de weduwe Lysbet Hayes, vrouw van Riemer Gerbens woonde in Joure)
104: Hofmayer, Lammert Jans
105: Hofmeyer, Lammert Jans (vader Jan Tjittes woonde in St. Nicolaasga)
106: Hollander, Lammert (vader Andries Dates woonde in Gorredijk)
107: Hollander, Marrigjen
108: Hond, Johannes Jans de
109: Hontje, Luitjes Siebes
110: Hooisma, Antje (vader Johannes Poppes woonde in Ouwsterhaule)
111: Hottinga, Pieter Ybes, (1773-1827) arbeider. Tr. 1812 Pietje Annes Nop
112: Huisstra, Arjen (vader Douwe Arriens woonde in Ouwster-Nijega)
113: Huitema, Pier (vader Romke Huites woonde in Woudsend)
114: Jong, Heiman Israels de (Israëliet)
115: Jong, Hijman Israels de (Israëliet)
116: Jong, Rinkien de (vader Obbe Obbes woonde in Sondel. Rinkien was de vrouw van Marten Durks
117: Joustra, Bonne Johannes
118: Kamminga, Pieter Elders
119: Kamper (Camper), Marijke Gerrits
120: Kater, Gurbe Sietses
121: Kats, Pieter Siebolt
122: Kisjes, Aaltje (vader Foppe Feikes woonde in Joure)
123: Knijpinga, Gerbrand Abels, ongetrouwd
124: Knoop, Thomas Tjeerds
125: Kok, Gerrit Klaases
126: Kok, Hendrik Namnes
127: Kok, Rinke Douwes
128: Kok, Sybrand Douwes
129: Kok, Tiemen Tiemens
130: Koopman, Aafjen Bottes
131: Kraayer, Jacob Jans
132: Kroonstra, Jeltje (moeder Grietje Annes woonde in Balk)
133: Kuipers, Louw Siebrens
134: Lange, Tys Hendriks de
135: Lee, Antje van de
136: Lee, Pieter Feddes van der
137: Ligthart, Antje (vader Tjalling Alles woonde in Sneek)
138: Linde, Andries Engels over de
139: Meeuws, Arnoldus Pieters
140: Meeuws, Willem Pieters (Kuinre)
141: Meyboom, Marinus Jans
142: Meyer, Evert Jacobs, zoon Hielke Everts Meyer (1839-1909) was schipper
143: Meyer, Johannes Hendriks
144: Meulen, Trijntje Jans van der
145: Mink, Aaltje (vader Wieger Klaases woonde in Rotsterhaule)
146: Molemaker, Hein Fedderiks
147: Molemaker, Willem Roelofs
148: Moolenaar, Nolke Meinses
149: Molenaar, Nolke Wybrens
150: Moolenaar, Rein Iepes
151: Mug, Baukjen Sytses, weduwe Koert Rientsma (zie 178)
152: Mulder, Antje Piers
153: Mulder, Grietje Piers
154: Nap, Douwe Annes
155: Nauta, Anne Arjens
156: Nauta, Anne Sikkes
157: Nauta, Jacobus Arjens
158: Nijmeyer, Barke Olten
159: Noordewijk, Geesje Jacobs, weduwe, Homme Jacobs van Dijk
160: Opdijk, Reinskje (vader Pieter Sakes woonde in Bolsward)
161: Pekema, Auke Jelles
162: Plantinga, Hielke Siegers
163: Poepjes, Jan (vader Jacob Jans woonde in St. Johannesga)
164: Polak, Joseph (Israëliet) (vader Benedictus Joseph woonde in Leeuwarden
165: Pooch, Douwe Piebes
166: Poppe, Sjerp Jeeps
167: Post, Antje
168: Post, Jouke Folkerts
169: Post, Margje Beerents
170: Postma, Pieter Geerts
171: Postma, Sander (vader Sander Sanders woonde in Langweer)
172: Postma, Sietse Pieters
173: Pot, Frans Alefs van der
174: Ramkema, Homme Jacobs
175: Remkema, Aaltje (Klazes)
176: Riemersma, Andries Annes. Vrouw Metje Jans. Zoon Arend Andries (1785-1826) was schipper.
177: Rientsma, Joost
178: Rientsma, Koert. Weduwe Baukje Sietses Mug (zie 151)
179: Rode, Anke Jans
180: Rook, Klaas Jurjens de
181: Rook, Lourens Jurjens de
182: Rook, Nanne Jurjens de
183: Roos, Douwe Hendriks de. Weduwe Trijntje Cornelis Schoondorp (zie 194)
184: Roos, Freerk Harmens de. Weduwe Klaaske Iegrams van der Werf in Balk
185: Roukema, Anne Geerts
186: Samplonius, Johannes Rommerts. Geb. 1771 Oosterzee. Tr. 1805 Willemke Tjeerds. Johannes was zoon van Rommert Barteles (Oosterzee) en Nelligje Samplonius.
187: Sanstra, Sjouwke Hielkes
188: Schaaf, Antoon Ryntjes van der
189: Schaapsma, Bouke (moeder, de weduwe van Auke Jacobs Schaapsma, Gerbrig Wietses Hoogland, woonde in Langweer
190: Scheepstimmerman, Pier Johannes ( tekent met "Temmerman")
191: Schoenmaker, Louw Johannes
192: Schoondorp, Aaltje Cornelis
193: Schoondorp, Jantje Cornelis
194: Schoondorp, Trijntje Cornelis, weduwe Douwe Hendriks de Roos (zie 183)
195: Schotanis, Harmen Teunis
196: Schuit, Meindert Annes (?)
197: Siersma, Lubbert Abes
198: Sloten, Geeske Martens
199: Sluis, Iens van der (vader Jouke Poppes woonde in Langweer)
200: Smit, Jan Jurjens
201: Smit, Reintje, schipper (vader Cornelis Boeles woonde in St. Johannesga
202: Smidtje, Trijntje (vader Hendrik Kornelis woonde in Paesens)
203: Spaan, Fedde Hielkes
204: Spandauw, Jan (vader Carel woonde in Sneek)
205: Spijkhout, Alle Andries
206: Spoelstra, Jeltje (vader Hendrik Berents woonde in Balk)
207: Spool, Hendrik Antoons
208: Stellingwerf, Sybe (vader Broer Siebes, bakker, woonde in IJlst)
209: Stellingwerf, Luitjen Siebes
210: Swart, Wiebe Jillings
211: Tadema, Sjoerd, weduwe Dettje Jentjes Wearda
212: Tammes, Johannes
213: Terweel, Lucas Jans
214: Timmerman, Willem Rienks.
215: Troelstra, Jelle Jentjes
216: Tuinstra, Berend Melis
217: Turksma, Markus Salomons (Israëliet) (vader Salomon Nathans woonde in Leeuwarden)
218: Urk, Harmen Jans
219: Veen, Douwe Tiemens van. Geb. 1758 als zoon van Tiemen Dirks en Tietje Douwes. Tr. 1783 Fedje Sietses.
220: Veen, Halbe Tjeerds van der. Geb. 1778 als zoon van Tjeerd Halbes en Aukje Feikes. Tr. 1798 Sjoukje Annes.
221: Veen, Lippe Gerbens van der. Tr. Wiepkje Johannes. Zoon Johannes Lippes (1771-1885) was schipper.
222: Veen, Rinke Harmens van der. Geb. 1786 als zoon van Harmen Rinkes en Hendrikje Geerts.
223: Veen, Trijntje Johannes
224: Velde, Atse Tjebbes ter
225: Velde, Froukje Wiebes ter
226: Velde, Geert Hendriks ter
227: Velde, Laas Fokkes ter
228: Velde, Trijntje Wiebes ter
229: Verbeek, Stijntje Willems
230: Verlaan, Johannes Aukes
231: Visser, Ate Siebes
232: Visser, Folkert Ruurds
233: Visser, Frans Jacobs en (Zie akte)

Lemmer, deel 1 folio 1 verso
Visser, Frans Jacobs, Lemmer
Kinderen:
Jacob 41, Steven 39, Lupke 36
Kindskinderen:
(v. Jacob) Rinske 4, Jelle 2; (v. Lupke) Rinse 11, Andries 3; (v. Steven) Frans 13, Tjitske 12, Jelle 9, Pieter 6, Rinse 3

Afbeelding

234: Visscher, Trijntje (vader Johannes Jans woonde in Delfstrahuizen)
235: Visser, Leentje Wiebes
236: Visser, Michiel Siebes
237: Visser, Sjoukjen Ennes
238: Visser, Trientje Hielkes

Aanvullingen op de lijst van Hillebrand Visser: Nummer 34 Trijntje Hylkes Blokmaker is dezelfde persoon als Nummer 238 Trientje Hielkes Visser. Trijntje was getrouwd met mijn rechtstreekse voorvader Harmen Roelofs, die in 1812 al overleden was. Zij heeft voor haar kinderen de naam Visser aangenomen. Haar broers en zus heetten Blokmaker (nrs. 31-33). Zij heeft dus 2x een achternaam laten registreren. Nummer 237. Mijn voormoeder Sjoukjen Ennes Visser was getrouwd met mijn voorvader Teetse Harmens Visser,  zoon van nr. 238 Trijntje Hylkes Visser. Sjoukje was daarvoor getrouwd met Jan Jacobs Stoker. De kinderen uit dit huwelijk hebben echter de naam Visser gekregen.

Lemmer, deel 1 folio 42
Visser, Trientje Hielkes, Lemmer
Kinderen:
Roelof 40, Teetze 33
Kindskinderen:
(v. Roelof) Joukien 4, Trijntje 3, Cornelia 1; (v. Teetze) Harmen 7

Afbeelding

 

239: Wagenaar, Aaltje Willems
240: Wagenaar, Nanke Zjerps
241: Walda, Sjoukjen (moeder weduwe, Martjen Lykeles, vrouw van Meine Martens Walda woonde in de Knijpe)
242: Waning, Lense Fokkes
243: Weert, Gosse Klases de
244: Werf, Anske Atses van der
245: Werf, Foppe Romkes van der
246: Werf, Hotse Cornelis van der
247: Werf, Harmen van der(moeder, weduwe Klaaske Ygrams, vrouw van Freerk Harmens van der Werf woonde in Balk)
248: Werf, Ygram van der (rest zie 224)
249: Westerbaan, Homme (?) (vader Gerben woonde in Sneek)
250: Wever, Berend Gerrits
251: Wiarda, Dettje Jentjes, weduwe Sjoerd Tadema
252: Wiel, Evert Wiebes van der
253: Wijnhout, Fouke Haitses
254: Wijnhout, Lolkje Haitses
255: Wierdsma, Jouwke Gerrits
256: Wint, Jan Gerbens de. Zoon Girbe Jans (1796-1836) was schipper
257: Winter, Pieter Johannes de
258: Wouda, Hans Annes. Zoon Anne Hanses (1802/1869) was schipper
259: Woudhuisen, Trijntje Jans
260: Zand, Trientje van der (vader Andries Lammerts woonde in Oosterzee)
261: Zandstra, Geert (vader Wiebren Geerts woonde in Kollum)
262: Zee, Neeltje van der  (vader Jakob Riekles van der Zee woonde in Gorredijk)
263: Zee, Iebeltje Lolkes van der (vader Lolke Hendriks woonde in Sloten)
264: Zee, Sjouke van der (vader zie hierboven)
265: Zee, Willem van der (vader zie boven)
266: Zeeman, Jan Sikkes
267: Zeldenrust, Jacob Jans
268: Zeldenthuis (Seldenthuis)
269: Zwarteveen, Jinnigjen (vader Jan Romkes woonde in Oudega)



Uit deze lijst kunnen we niet nagaan hoeveel inwoners De Lemmer in 1811 had. De naamsaanneming ging immers uit van het gezinshoofd (bijna altijd een man). De namen van hun eventuele echtgenotes ontbreken. Voorts waren er mensen die de naamsaanneming aan hun laars lapten en dus geen naam lieten registreren. En tenslotte waren er personen die al een achternaam bezaten. Ook De Lemmer bezat grappenmakers als het om naamsaanneming ging. Wat te denken van Zeldenrust, Zeldenthuis, Bontekoe, Hengst, Hond, Kater, Mug of Poepjes?

 

Zie ook: De Oostzeevaarders uit de Lemmer in de 18e eeuw van Jaap van der Zwaag.

 

Home

 

 

 


Niets uit deze website mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt of op andere wijze gebruikt worden zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de samensteller.