LEMMER - Zaterdagmiddag. Het is vandaag gezellig
druk geweest. Nu, om vijf uur, ben ik wat brood
betreft uitverkocht. Dan is het tijd om aan
Lemmer door de jaren heen te beginnen. Als het
enigszins kan moet het vandaag nog zo ver
mogelijk op papier. Dan is er morgen weer tijd
om te lezen. Voor maandagavond moet ik nog een
dik dossier doornemen; dat moet dan
morgenochtend gebeuren. Maandagmorgen zou ik
naar het gemeentekantoor. Voor de deur trof ik
Ids Leeuw. Hij ging mee naar binnen voor een
kopje koffie en om even bij te praten. Hij mag
dan wel geen raadslid meer zijn, hij leeft nog
volop mee en 's avonds was hij op de publieke
tribune. Ik had die morgen trouwens nogal wat
aanloop van mensen die wat voor de raad wilden
vragen of zeggen. Het kost tijd, maar we stellen
het als fractie wel op prijs. Zo kun je een
beetje te weten komen wat er onder de inwoners
leeft. De televisie bracht een rechtstreeks
verslag van de verhoren over de zogenaamde
bouwfraude. Natuurlijk wist iedereen dat er bij
een aanbesteding vooraf gepraat werd en dat
zulks de opdrachtgever geld kostte. Dat is
ergens met de kosten voor het uitrekenen van een
groot bestek ook nog wel te verdedigen. Als het
omkoperij wordt, gaat het te ver. De grens is op
dat terrein snel overschreden. Er is mij
indertijd in de bakkerij ook wel eens wat
geboden. Daar ging het meestal om de koop van
een bepaalde hoeveelheid broodcreme of
kunsthoning. In gedeelten af te nemen en na
afname een bedrag per kilogram als korting
terug. Het werd meestal contant uitbetaald en
verschillende vertegenwoordigers verklaarden mij
gek omdat ik zulk geld in de kas deed. Volgens
hen kon ik dat geld zelf wel in mijn zak steken.
Ik ben nog altijd blij dat ik mij daar niet toe
heb laten verlagen. Maar gesteld dat ik een
gezin en een krappe beurs had gehad, hoe sterk
zou ik dan geweest zijn? 's Avonds de
vergadering van de Gemeenteraad. Niet zo veel op
de agenda, maar we maakten toch weer meer dan
een uur vol. We zijn nu in ieder geval zo ver
gevorderd dat de bouw van het
appartementencomplex bij de binnenjachthaven
weer wat dichterbij gekomen is.
Toen ik dinsdagmorgen om zes uur rondkeek lag er
wat bij Dijkstra in de portiek. Het bleek een
man te zijn. Het beviel hem daar zeker goed want
een uur later liep hij even rond maar zocht toch
hetzelfde plaatsje weer op om verder te slapen.
Later was er het verhaal van de eetpiraat die in
Lemmer had toegeslagen. Het is misschien
helemaal fout, maar ik begon toch een verband
met onze portiekslaper te zoeken. Om zeven uur
's avonds ging ik naar het gemeentekantoor om de
stukken te lezen voor de komende
commissievergaderingen. Toen ik daar een half
uurtje mee bezig was viel mij ineens in dat ik
een afspraak had gemaakt om even in de buurt
rond te kijken in verband het geld dat wij van
de Woningbouwvereniging 'Volksbelang Lemsterland'
krijgen. Omdat het toen toch te laat was om
verder te lezen ben ik naar het Flevohuis
gegaan. Daar waren onze vrijwilligers weer bezig
met schoonmaken en verven van de nieuwe ruimte
voor Radio Lemsterland. Je staat er van te
kijken hoeveel werk een paar enthousiaste en
doorpakkende mensen in korte tijd kunnen
verzetten. Toen ik vrijdagmiddag informeerde of
er verder nog wat gedaan was kreeg ik de
eenvoudige mededeling dat het al klaar was.
Woensdagmorgen bracht de post een uitnodiging
voor het bijwonen van de afsluiting van de
herinrichting en de ingebruikname van Fedde
Schurerplein en kunstwerk. Toen ik hem de
volgende morgen aan iemand liet lezen die
tegenover mij zat zag ik ineens dat er een foto
achterop stond. Een foto van de fontein en
omgeving met een paar inzetjes. 's Avonds vroeg
ik aan mijn fractiegenotes of zij de achterkant
wel gezien hadden. Beiden was dit ontgaan.
Toeval of een teken van eensgezindheid in de
fractie? Ik houd het maar op het laatste.
Donderdagmorgen hingen er ballonnen aan het
hekwerk van het bordes van het Gemeentehuis. Het
waren ballonnen, bedrukt met hartjes. Later werd
het duidelijk dat deze behoorden bij een
huwelijk dat op dit moment voltrokken werd. Dat
was een heel wat rustiger trouwpartij dan die
van de volgende middag. Daar was een groep
motorrijders bij betrokken. Staande voor het
Gemeentehuis werd het gas zo ver mogelijk open
gedraaid en de claxon zo diep mogelijk
ingedrukt. Lawaai en vieze walmen voor het
gebouw waar we een paar dagen eerder het
milieuverslag hadden vastgesteld.
Vrijdag tegen de avond kwamen mensen mij
vertellen dat 'het weer zo ver was'. Daarmee
bedoelden ze dat de fontein weer vol schuim zat.
De stukken vlogen al bij mij voor de deur langs
en ook de Vissersburen op. Zoiets moet niet te
lang duren want dan krijgt de jeugd (?) er
aardigheid aan. Daarom belde ik het
storingsnummer van de gemeente en enkele minuten
later was de dienstdoende ambtenaar er al. Met
een middel dat de zeep in het water weer
afbreekt. Zo was dan voor de koopavond de
toestand weer normaal en konden de mensen hun
aandacht weer richten op de etalages in plaats
van op de schuimende fontein.
Zondagmorgen. Het was vanmorgen niet zo
chaotisch als een week geleden. Toen was de
Vissersburen met dranghekken afgezet na de
wolkbreuk van de vorige avond. Voor de deuren
aan het lagere deel had men zakken potgrond
neergelegd om het water buiten te houden.
Vanmorgen een veel rustiger beeld dus. Minder
troep op straat dan we gewoon zijn. Dat leek
goed dus. Maar de eerste waar ik mee sprak
maakte mij duidelijk dat er toch wel wat gebeurd
was. In het Achterom was een auto uitgebrand.
Een vroegere begrafeniswagen, eigendom van
bewoners van de Schans. De brandweer was er aan
te pas gekomen en die heeft de resten vast ook
weggesleept want er was alleen nog een zwarte
plek op de stenen te zien. Er hing nog wel een
brandlucht. Degene die het mij vertelde ging uit
van brandstichting. Zij zou best wel eens gelijk
kunnen hebben. Dan is het te hopen dat de dader
geen autohater is want dan kunnen er wel eens
meer auto's volgen.
Hierbij nog eens een andere opname van de
Weverswal. Op de voorgrond zien we het huis van
Cees Lemstra, krantenbezorger en
verzekeringsman. Dan een rijtje huisjes waar
mijn grootouders ook moeten hebben gewoond
voordat ze het huis aan de Spinhuispolle kregen.
Mijn vader heeft wel verteld dat hij op één dag
een paar keer te water was geraakt. Met gang de
voordeur uit en dan lag je er zo maar in. Verder
nog woning en timmerwinkel van Bosma en dan het
rijtje waarvan V.d. Wal hierboven de bewoners
noemt. Dit alles heeft plaats gemaakt voor de
Rabobank en verschillende winkels. Te water
raken zul je er niet zo gemakkelijk meer; het is
nu meer zaak om op het autoverkeer te letten.